Wikisource
nlwikisource
https://nl.wikisource.org/wiki/Hoofdpagina
MediaWiki 1.47.0-wmf.10
first-letter
Media
Speciaal
Overleg
Gebruiker
Overleg gebruiker
Wikisource
Overleg Wikisource
Bestand
Overleg bestand
MediaWiki
Overleg MediaWiki
Sjabloon
Overleg sjabloon
Help
Overleg help
Categorie
Overleg categorie
Hoofdportaal
Overleg hoofdportaal
Auteur
Overleg auteur
Pagina
Overleg pagina
Index
Overleg index
TimedText
TimedText talk
Module
Overleg module
Event
Event talk
Pagina:Album der Natuur 1861.djvu/150
104
41794
223928
130483
2026-07-08T07:35:37Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
223928
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|128|DE MINERAAL-RIJKDOM VAN INDIE.|}}</noinclude>deze mijnen bearbeid te hebben; thans liggen zij alle braak.
De geringe hoeveelheid zilver en goud, die men hier en daar ontdekt heeft, staat in geene evenredigheid met den rijkdom van de overige voortbrengsels van Indië.
De zoutproductie in Indie is daarentegen zeer aanzienlijk. Van de 1311,880,772 pond zout, die in 1846/1847 verkocht werden, waren slechts 149,205,478 van buiten ingevoerd; het overige was in het land zelf voortgebragt. Verreweg het meeste zout wordt uit zeewater gewonnen. In Bengalen houden zich ongeveer 100,000 arbeiders, Molunghees genaamd, met de bereiding van zeezout bezig. De eenige zoutmijnen liggen in het Punjab en wel deels in de zoogenaamde zoutketen, die ontzaggelijke zoutbeddingen bevat, deels in de voorgebergten van de Himalaya, in de nabijheid van de stad Mundi, waar aanzienlijke beddingen van digt en zwaar steenzout van roodachtige kleur voorkomen. Bij Kalabagh is zelfs een weg door vast steenzout gebroken. Het westelijke Indië en Afghanistan worden grootendeels van hier van dat gewigtige mineraal voorzien. Eene aanzienlijke hoeveelheid levert ook het Sombhur-meer aan de grenzen tusschen de staten Jodopore en Jyepore in Rajpootana. Dit meer strekt zich 22 engelsche mijlen in de lengte en 6 in de breedte uit. In den tijd der herfstregens krijgt het eene lengte van 30 en eene breedte van 10 engelsche mijlen. Als het water in het heete jaargetijde verdampt, blijft eene groote menigte op den bodem des meers en mijlen ver in zijne omstreken achter. Dit zout, aan de zon blootgesteld, wordt volkomen droog en hard en ofschoon het in het eerst eene roode kleur heeft, wordt het langzamerhand helder en smakelijk. De winning en verkoop van dit zout is een monopolie der inlandsche regeringen.
{{r|{{sc|R.}}{{gap|4em}}}}
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr|2}}<noinclude></noinclude>
igsa5hafqr7i96kwwlc9dl6y2urrg1s
Pagina:Album der Natuur 1861.djvu/146
104
41795
223936
130479
2026-07-08T07:59:05Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
223936
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|123|DE BINNENLANDEN VAN AUSTRALIË.|}}</noinclude>koloniën zullen bedekken Een van de ervarenste reizigers in Australië, Dr. {{sc|ferdinand muller}}, heeft dan ook dit gevoelen in eene belangrijke voordragt over de ontdekkingsgeschiedenis van Australië, die hij den 25 November 1857 voor het ''Philosophical Institute'' te Melbourne hield, openlijk uitgesproken. En dit verdient te meer opmerking, omdat Dr. {{sc|muller}} tot het gevolg van {{sc|gregory}} op zijne reis in 1855 en 1856 behoorde, die van alle nieuwere expedities de ongunstigste uitkomsten opleverde.
Men heeft wel geen grond om zich Australië voor te stellen als een altijd groenend en bloeijend paradijs. Australië heeft, zooals de meeste landen van onze planeet, eene tweevoudige natuur, die door de jaargetijden, door zomer en winter, door den droogen of natten tijd des jaars bepaald wordt. Vóór den regen is bijna geheel Australië eene dorre woeste landstreek, na den regen een schoon grasland, even gelijk dit het geval is in vele, digt bewoonde oorden van onzen aardbol. Vandaar komt het ook, dat vele getuigenissen over eene en dezelfde landstreek in Australië lijnregt tegenover elkander staan, omdat de eene ze in het drooge jaargetijde en de ander ze in haar groen bekleedsel heeft gezien.
Maar al ware het ook, dat Australië met opzigt tot de bebouwing van den bodem eene dorre woestijn was, zoo zoude het toch wegens zijne onmetelijke minerale schatten bewoond worden. Men denke slechts aan de mineraal bevattende streken van Mexico, Peru en Bolivia, van den Oeral en Altai. Zij, die zulk een ongunstig oordeel over de natuurlijke gesteldheid van Australië vellen, zullen het toch wel niet beneden Arabië plaatsen Arabië heeft zeker niet zulk een vruchtbaar en schoon kustland als Australië, en toch welke heerlijke paradijsstreken en oasen bevat het niet in zijn binnenland! Arabië met eene oppervlakte van 48,000 vierkante mijlen voedt ten minste 6 millioenen menschen, naar de berekening van anderen zelfs 12 millioenen, — en de vlakte-inhoud van Australië bedraagt niet minder dan 140,000 vierkante mijlen. Welk eene ontwikkeling is hier niet te verwachten!
{{r|{{sc|R.}}{{gap|4em}}}}
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr|2}}<noinclude></noinclude>
0to12f8s8511q7z0mgxj8wyi83mvrus
223937
223936
2026-07-08T07:59:51Z
DoekeHellema
16849
223937
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|123|DE BINNENLANDEN VAN AUSTRALIË.|}}</noinclude>koloniën zullen bedekken Een van de ervarenste reizigers in Australië, Dr. {{sc|ferdinand muller}}, heeft dan ook dit gevoelen in eene belangrijke voordragt over de ontdekkingsgeschiedenis van Australië, die hij den 25 November 1857 voor het ''Philosophical Institute'' te Melbourne hield, openlijk uitgesproken. En dit verdient te meer opmerking, omdat Dr. {{sc|muller}} tot het gevolg van {{sc|gregory}} op zijne reis in 1855 en 1856 behoorde, die van alle nieuwere expedities de ongunstigste uitkomsten opleverde.
Men heeft wel geen grond om zich Australië voor te stellen als een altijd groenend en bloeijend paradijs. Australië heeft, zooals de meeste landen van onze planeet, eene tweevoudige natuur, die door de jaargetijden, door zomer en winter, door den droogen of natten tijd des jaars bepaald wordt. Vóór den regen is bijna geheel Australië eene dorre woeste landstreek, na den regen een schoon grasland, even gelijk dit het geval is in vele, digt bewoonde oorden van onzen aardbol. Vandaar komt het ook, dat vele getuigenissen over eene en dezelfde landstreek in Australië lijnregt tegenover elkander staan, omdat de eene ze in het drooge jaargetijde en de ander ze in haar groen bekleedsel heeft gezien.
Maar al ware het ook, dat Australië met opzigt tot de bebouwing van den bodem eene dorre woestijn was, zoo zoude het toch wegens zijne onmetelijke minerale schatten bewoond worden. Men denke slechts aan de mineraal bevattende streken van Mexico, Peru en Bolivia, van den Oeral en Altaï. Zij, die zulk een ongunstig oordeel over de natuurlijke gesteldheid van Australië vellen, zullen het toch wel niet beneden Arabië plaatsen Arabië heeft zeker niet zulk een vruchtbaar en schoon kustland als Australië, en toch welke heerlijke paradijsstreken en oasen bevat het niet in zijn binnenland! Arabië met eene oppervlakte van 48,000 vierkante mijlen voedt ten minste 6 millioenen menschen, naar de berekening van anderen zelfs 12 millioenen, — en de vlakte-inhoud van Australië bedraagt niet minder dan 140,000 vierkante mijlen. Welk eene ontwikkeling is hier niet te verwachten!
{{r|{{sc|R.}}{{gap|4em}}}}
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr|2}}<noinclude></noinclude>
9lb8l6k43sywrz6k2ydbdb0wvu1opob
Pagina:Album der Natuur 1861.djvu/145
104
41796
223935
130478
2026-07-08T07:44:05Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
223935
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh||DE BINNENLANDEN VAN AUSTRALIË.|123}}</noinclude>meer dan 180 vierkante geographische mijlen gevonden. De noordelijkste grens dezer binnenmeren is 30° 43' zuiderbreedte. Wel is waar bevatten al deze meren zout water, maar toch bevinden zich in hunne nabijheid vruchtbare streken, met zoet-waterbronnen voorzien en voor ontginning vatbaar.
Naar het tegenwoordig standpunt onzer bekendheid met dit vastland kan men niet meer aannemen, dat het ondoorzochte binnenland ééne groote woestijn zijn zou, die geene de minste hoop geeft den mensch ooit van eenig nut te zijn. Men mag het veeleer een groot steppenland noemen. Het is geene onbewoonbare woestijn. Integendeel breidt de bevolking en kolonisatie zich met reuzenschreden van de zeekust naar het binnenland uit. Uitgestrekte oorden, die men vroeger niet achtte, zijn met talrijke kudden rundvee en schapen bevolkt. Aan de beide zijden van de Torrens-zee vindt men overal de voorposten der beschaving. Hoog in het stroomgebied van den Murray bevinden zich Europesche kolonisten met hunne kudden. Aan de Darling-rivier betaalt men thans reeds voor eene vierkante Engelsche mijl weideland 150 pond (ƒ 1800) en aan den Murray zelfs voor dezelfde uitgebreidheid 250 pond (ƒ 3000). De geheele breedte van het vastland van Adelaïde tot aan de Carpentaria-golf bedraagt 1200 Eng. mijlen en reeds zijn de veehoeders met hunne kudden 800 Eng. mijlen diep in het binnenland doorgedrongen en hebben daar goede weiden gevonden. Tot de vele expedities in de laatste twee jaren hebben de berigten van kolonisten, die met hunne have dieper landwaarts introkken en daar gelukkig slaagden, de aanleiding gegeven. Kapitein {{sc|cadell}}
heeft in het stroomgebied van den Murray reeds 2500 zeemijlen voor de scheepvaart geschikt bevonden en gelooft, dat in 't geheel 3500 tot 4000 mijlen voor de stoombootvaart geschikt zijn. De Rijn is slechts 480 zeemijlen ver bevaarbaar, de Elbe 460 en de Donau slechts 1360 mijlen. En dat is de rivier, welks mond de beroemde kapitein
{{sc|flindners}}, toen hij deze kust opnam, niet bemerkt heeft. Alle nieuwere berigten leiden er toe om het denkbeeld van de volstrekte onbewoonbaarheid van dit werelddeel te laten varen. De Australische burgers en kolonisten zijn dan ook van oordeel, dat zij van lieverlede het geheele vastland van de eene zee tot aan de andere met hunne<noinclude></noinclude>
2m5auu8hra6avnrpzgr82ushsp12e2d
Pagina:Album der Natuur 1861.djvu/144
104
41797
223929
130477
2026-07-08T07:36:52Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
223929
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr}}{{c|DE </br>{{larger|DE BINNENLANDEN VAN AUSTRALIË}}<ref>Uit {{sc|petermann's}} ''Mittheilungen über wichtige neue Erforschungen auf dem Gesammtgebiete der Geographie'', 1859, 3es Heft.}}</ref>}}.
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr}}
Het is nog slechts weinige jaren geleden, dat men met regt kon zeggen van het Australische vasteland niets te kennen, dan alleen den zoom der kusten over eene nog slechts geringe uitgebreidheid. Maar nadat in de latere jaren Australië de aandacht van Europa tot zich getrokken heeft, zijn er ook meer dan gewone pogingen aangewend om in de onbekende binnenlanden van dit werelddeel door te dringen. Het gold hier, even als bij een onbekend dier of plant, de ontdekking van het geheel onbekende. De gevoelens over de waarschijnlijke gesteldheid der binnenlanden waren verdeeld, en onder hen, die zich daarover een bepaald oordeel veroorloofden, was er zelfs een, die, na de expeditie van {{sc|gregory}} in Noord- Australië in de jaren 1855 en 1856, meende te kunnen verklaren, dat het den Schepper in zijne onnaspeurlijke wijsheid behaagd had een geheel vastland als eene woestijn te scheppen, dat in Australië woestijn de regel en de bewoonbare oase aan de kust de uitzondering uitmaakte; dat van de 140,000 vierkante mijlen, die dit werelddeel omvat, zeker 130,000 eene troostelooze wildernis en voor altijd voor de beschavende hand der menschen verloren was. Engeland, dat dit vastland niet als van alle waarde beroofd, maar als goed genoeg voor de slechtste leden der maatschappij beschouwde, zond voor 70 jaren de eerste scheepslading misdadigers naar Botany-baai. Spoedig werd men overtuigd, dat het ook voor de beste burgers goed genoeg was en in de laatste jaren werd het een van zijne bloeijendste en kostelijkste koloniën.
Van lieverlede is men tot de overtuiging gekomen, dat de binnenlanden van Australië deels uit onvruchtbare en onbewoonbare woestijnen, deels uit vruchtbare oorden bestaan. De talrijke expedities, die noordwestelijk van Adelaïde en westelijk van de Torrens-zee ondernomen zijn, hebben geleerd, dat zich daar eene vruchtbare, of ten minste van water voorziene streek bevindt. Men heeft binnenmeren, zooals onder anderen het Gairdner-meer, met eene oppervlakte van<noinclude>{{smallrefs}}</noinclude>
jvulmxr21tc2wm9m581xs6dvh2jvplu
223930
223929
2026-07-08T07:37:43Z
DoekeHellema
16849
223930
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr}}{{c|DE </br>{{larger|DE BINNENLANDEN VAN AUSTRALIË}}<ref>Uit {{sc|petermann's}} ''Mittheilungen über wichtige neue Erforschungen auf dem Gesammtgebiete der Geographie'', 1859, 3es Heft.}}</ref>}}
. {{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr}}
Het is nog slechts weinige jaren geleden, dat men met regt kon zeggen van het Australische vasteland niets te kennen, dan alleen den zoom der kusten over eene nog slechts geringe uitgebreidheid. Maar nadat in de latere jaren Australië de aandacht van Europa tot zich getrokken heeft, zijn er ook meer dan gewone pogingen aangewend om in de onbekende binnenlanden van dit werelddeel door te dringen. Het gold hier, even als bij een onbekend dier of plant, de ontdekking van het geheel onbekende. De gevoelens over de waarschijnlijke gesteldheid der binnenlanden waren verdeeld, en onder hen, die zich daarover een bepaald oordeel veroorloofden, was er zelfs een, die, na de expeditie van {{sc|gregory}} in Noord- Australië in de jaren 1855 en 1856, meende te kunnen verklaren, dat het den Schepper in zijne onnaspeurlijke wijsheid behaagd had een geheel vastland als eene woestijn te scheppen, dat in Australië woestijn de regel en de bewoonbare oase aan de kust de uitzondering uitmaakte; dat van de 140,000 vierkante mijlen, die dit werelddeel omvat, zeker 130,000 eene troostelooze wildernis en voor altijd voor de beschavende hand der menschen verloren was. Engeland, dat dit vastland niet als van alle waarde beroofd, maar als goed genoeg voor de slechtste leden der maatschappij beschouwde, zond voor 70 jaren de eerste scheepslading misdadigers naar Botany-baai. Spoedig werd men overtuigd, dat het ook voor de beste burgers goed genoeg was en in de laatste jaren werd het een van zijne bloeijendste en kostelijkste koloniën.
Van lieverlede is men tot de overtuiging gekomen, dat de binnenlanden van Australië deels uit onvruchtbare en onbewoonbare woestijnen, deels uit vruchtbare oorden bestaan. De talrijke expedities, die noordwestelijk van Adelaïde en westelijk van de Torrens-zee ondernomen zijn, hebben geleerd, dat zich daar eene vruchtbare, of ten minste van water voorziene streek bevindt. Men heeft binnenmeren, zooals onder anderen het Gairdner-meer, met eene oppervlakte van<noinclude>{{smallrefs}}</noinclude>
ikdyn1m95xxcsfr5py5kyxmu6w7cz8f
223931
223930
2026-07-08T07:38:02Z
DoekeHellema
16849
223931
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr}}{{c|DE </br>{{larger|DE BINNENLANDEN VAN AUSTRALIË}}<ref>Uit {{sc|petermann's}} ''Mittheilungen über wichtige neue Erforschungen auf dem Gesammtgebiete der Geographie'', 1859, 3es Heft.}}</ref>}}..
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr}}
Het is nog slechts weinige jaren geleden, dat men met regt kon zeggen van het Australische vasteland niets te kennen, dan alleen den zoom der kusten over eene nog slechts geringe uitgebreidheid. Maar nadat in de latere jaren Australië de aandacht van Europa tot zich getrokken heeft, zijn er ook meer dan gewone pogingen aangewend om in de onbekende binnenlanden van dit werelddeel door te dringen. Het gold hier, even als bij een onbekend dier of plant, de ontdekking van het geheel onbekende. De gevoelens over de waarschijnlijke gesteldheid der binnenlanden waren verdeeld, en onder hen, die zich daarover een bepaald oordeel veroorloofden, was er zelfs een, die, na de expeditie van {{sc|gregory}} in Noord- Australië in de jaren 1855 en 1856, meende te kunnen verklaren, dat het den Schepper in zijne onnaspeurlijke wijsheid behaagd had een geheel vastland als eene woestijn te scheppen, dat in Australië woestijn de regel en de bewoonbare oase aan de kust de uitzondering uitmaakte; dat van de 140,000 vierkante mijlen, die dit werelddeel omvat, zeker 130,000 eene troostelooze wildernis en voor altijd voor de beschavende hand der menschen verloren was. Engeland, dat dit vastland niet als van alle waarde beroofd, maar als goed genoeg voor de slechtste leden der maatschappij beschouwde, zond voor 70 jaren de eerste scheepslading misdadigers naar Botany-baai. Spoedig werd men overtuigd, dat het ook voor de beste burgers goed genoeg was en in de laatste jaren werd het een van zijne bloeijendste en kostelijkste koloniën.
Van lieverlede is men tot de overtuiging gekomen, dat de binnenlanden van Australië deels uit onvruchtbare en onbewoonbare woestijnen, deels uit vruchtbare oorden bestaan. De talrijke expedities, die noordwestelijk van Adelaïde en westelijk van de Torrens-zee ondernomen zijn, hebben geleerd, dat zich daar eene vruchtbare, of ten minste van water voorziene streek bevindt. Men heeft binnenmeren, zooals onder anderen het Gairdner-meer, met eene oppervlakte van<noinclude>{{smallrefs}}</noinclude>
8wqko5vdt7pihg6kdpgb4ibgl48fu0r
223932
223931
2026-07-08T07:38:18Z
DoekeHellema
16849
223932
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr}}{{c|DE </br>{{larger|DE BINNENLANDEN VAN AUSTRALIË}}<ref>Uit {{sc|petermann's}} ''Mittheilungen über wichtige neue Erforschungen auf dem Gesammtgebiete der Geographie'', 1859, 3es Heft.}}.</ref>}}
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr}}
Het is nog slechts weinige jaren geleden, dat men met regt kon zeggen van het Australische vasteland niets te kennen, dan alleen den zoom der kusten over eene nog slechts geringe uitgebreidheid. Maar nadat in de latere jaren Australië de aandacht van Europa tot zich getrokken heeft, zijn er ook meer dan gewone pogingen aangewend om in de onbekende binnenlanden van dit werelddeel door te dringen. Het gold hier, even als bij een onbekend dier of plant, de ontdekking van het geheel onbekende. De gevoelens over de waarschijnlijke gesteldheid der binnenlanden waren verdeeld, en onder hen, die zich daarover een bepaald oordeel veroorloofden, was er zelfs een, die, na de expeditie van {{sc|gregory}} in Noord- Australië in de jaren 1855 en 1856, meende te kunnen verklaren, dat het den Schepper in zijne onnaspeurlijke wijsheid behaagd had een geheel vastland als eene woestijn te scheppen, dat in Australië woestijn de regel en de bewoonbare oase aan de kust de uitzondering uitmaakte; dat van de 140,000 vierkante mijlen, die dit werelddeel omvat, zeker 130,000 eene troostelooze wildernis en voor altijd voor de beschavende hand der menschen verloren was. Engeland, dat dit vastland niet als van alle waarde beroofd, maar als goed genoeg voor de slechtste leden der maatschappij beschouwde, zond voor 70 jaren de eerste scheepslading misdadigers naar Botany-baai. Spoedig werd men overtuigd, dat het ook voor de beste burgers goed genoeg was en in de laatste jaren werd het een van zijne bloeijendste en kostelijkste koloniën.
Van lieverlede is men tot de overtuiging gekomen, dat de binnenlanden van Australië deels uit onvruchtbare en onbewoonbare woestijnen, deels uit vruchtbare oorden bestaan. De talrijke expedities, die noordwestelijk van Adelaïde en westelijk van de Torrens-zee ondernomen zijn, hebben geleerd, dat zich daar eene vruchtbare, of ten minste van water voorziene streek bevindt. Men heeft binnenmeren, zooals onder anderen het Gairdner-meer, met eene oppervlakte van<noinclude>{{smallrefs}}</noinclude>
o75vvglseppvikmppbq35xhf1jc5gei
223933
223932
2026-07-08T07:38:49Z
DoekeHellema
16849
223933
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr}}{{c|DE </br>{{larger|DE BINNENLANDEN VAN AUSTRALIË}}<ref>Uit {{sc|petermann's}} ''Mittheilungen über wichtige neue Erforschungen auf dem Gesammtgebiete der Geographie'', 1859, 3es Heft.}.}</ref>}}
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr}}
Het is nog slechts weinige jaren geleden, dat men met regt kon zeggen van het Australische vasteland niets te kennen, dan alleen den zoom der kusten over eene nog slechts geringe uitgebreidheid. Maar nadat in de latere jaren Australië de aandacht van Europa tot zich getrokken heeft, zijn er ook meer dan gewone pogingen aangewend om in de onbekende binnenlanden van dit werelddeel door te dringen. Het gold hier, even als bij een onbekend dier of plant, de ontdekking van het geheel onbekende. De gevoelens over de waarschijnlijke gesteldheid der binnenlanden waren verdeeld, en onder hen, die zich daarover een bepaald oordeel veroorloofden, was er zelfs een, die, na de expeditie van {{sc|gregory}} in Noord- Australië in de jaren 1855 en 1856, meende te kunnen verklaren, dat het den Schepper in zijne onnaspeurlijke wijsheid behaagd had een geheel vastland als eene woestijn te scheppen, dat in Australië woestijn de regel en de bewoonbare oase aan de kust de uitzondering uitmaakte; dat van de 140,000 vierkante mijlen, die dit werelddeel omvat, zeker 130,000 eene troostelooze wildernis en voor altijd voor de beschavende hand der menschen verloren was. Engeland, dat dit vastland niet als van alle waarde beroofd, maar als goed genoeg voor de slechtste leden der maatschappij beschouwde, zond voor 70 jaren de eerste scheepslading misdadigers naar Botany-baai. Spoedig werd men overtuigd, dat het ook voor de beste burgers goed genoeg was en in de laatste jaren werd het een van zijne bloeijendste en kostelijkste koloniën.
Van lieverlede is men tot de overtuiging gekomen, dat de binnenlanden van Australië deels uit onvruchtbare en onbewoonbare woestijnen, deels uit vruchtbare oorden bestaan. De talrijke expedities, die noordwestelijk van Adelaïde en westelijk van de Torrens-zee ondernomen zijn, hebben geleerd, dat zich daar eene vruchtbare, of ten minste van water voorziene streek bevindt. Men heeft binnenmeren, zooals onder anderen het Gairdner-meer, met eene oppervlakte van<noinclude>{{smallrefs}}</noinclude>
tcq4wrlnup9mcyvbmeyngw1rpafjs6p
223934
223933
2026-07-08T07:39:12Z
DoekeHellema
16849
223934
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" /></noinclude>{{dhr}}{{c|DE </br>{{larger|DE BINNENLANDEN VAN AUSTRALIË}}<ref>Uit {{sc|petermann's}} ''Mittheilungen über wichtige neue Erforschungen auf dem Gesammtgebiete der Geographie'', 1859, 3es Heft.}}</ref>.}}
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr}}
Het is nog slechts weinige jaren geleden, dat men met regt kon zeggen van het Australische vasteland niets te kennen, dan alleen den zoom der kusten over eene nog slechts geringe uitgebreidheid. Maar nadat in de latere jaren Australië de aandacht van Europa tot zich getrokken heeft, zijn er ook meer dan gewone pogingen aangewend om in de onbekende binnenlanden van dit werelddeel door te dringen. Het gold hier, even als bij een onbekend dier of plant, de ontdekking van het geheel onbekende. De gevoelens over de waarschijnlijke gesteldheid der binnenlanden waren verdeeld, en onder hen, die zich daarover een bepaald oordeel veroorloofden, was er zelfs een, die, na de expeditie van {{sc|gregory}} in Noord- Australië in de jaren 1855 en 1856, meende te kunnen verklaren, dat het den Schepper in zijne onnaspeurlijke wijsheid behaagd had een geheel vastland als eene woestijn te scheppen, dat in Australië woestijn de regel en de bewoonbare oase aan de kust de uitzondering uitmaakte; dat van de 140,000 vierkante mijlen, die dit werelddeel omvat, zeker 130,000 eene troostelooze wildernis en voor altijd voor de beschavende hand der menschen verloren was. Engeland, dat dit vastland niet als van alle waarde beroofd, maar als goed genoeg voor de slechtste leden der maatschappij beschouwde, zond voor 70 jaren de eerste scheepslading misdadigers naar Botany-baai. Spoedig werd men overtuigd, dat het ook voor de beste burgers goed genoeg was en in de laatste jaren werd het een van zijne bloeijendste en kostelijkste koloniën.
Van lieverlede is men tot de overtuiging gekomen, dat de binnenlanden van Australië deels uit onvruchtbare en onbewoonbare woestijnen, deels uit vruchtbare oorden bestaan. De talrijke expedities, die noordwestelijk van Adelaïde en westelijk van de Torrens-zee ondernomen zijn, hebben geleerd, dat zich daar eene vruchtbare, of ten minste van water voorziene streek bevindt. Men heeft binnenmeren, zooals onder anderen het Gairdner-meer, met eene oppervlakte van<noinclude>{{smallrefs}}</noinclude>
q411yaxs2bdwnr4ljhzikuk9pywvxe9
Pagina:Album der Natuur 1861.djvu/84
104
41899
223925
133101
2026-07-08T07:21:15Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
223925
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|62|OVER DE VERDEDIGINGS- EN AANVALSWERKTUIGEN DER MENSCHEN,|}}</noinclude>over den kogel, en even als een billardbal, die boven het middelpunt gestooten wordt, gaat de kogel al ronddraaijende vooruit. De verdere botsingen en schuringen in de ziel veranderen of wijzigen die rondwenteling; — welk een ruim veld alzoo voor allerlei wisselvalligheden!
Maar zelfs al was de kogel volmaakt glad en passende in den loop, al was de wenteling in den loop weggenomen door het persen van den kogel in regte trekken, dan nog zal hij in de lucht op allerlei grillige wijzen wentelen.
Om zich hiervan te overtuigen, late men slechts een bal vrij vallen van eene eenigzins aanzienlijke hoogte, na aan het onderste punt wat vet of lampenzwart te hebben gedaan. Zeer zelden slechts zal de bal met dat gemerkte punt op den bodem vallen. En het is ook natuurlijk: de zwaartekracht werkt loodregt in de rigting van het zwaartepunt, maar de wederstand van de lucht zal door den minsten luchtstroom, door ongelijkheden van het oppervlak of afwijkingen van de volkomene bolvormige gedaante, iets meer zijdelings en zelfs niet altijd zuiver loodregt tegenwerken. Bij het vallen wordt de kogel dus aan de eene zijde meer vertraagd dan aan de andere, en de bol moet al vallende wentelen; en, eens aan het wentelen, wordt de luchtwederstand nog onregelmatiger.
Men zal bij het nemen dezer proef bespeuren, dat het niet volkomen gelijktijdig loslaten der vingers, die den bol omklemmen, een grooten invloed uitoefent op de rigting der ronddraaijing; iets dergelijks heeft dus ook plaats bij de minste ongelijke schuring van een kogel, zelfs zonder speelruimte weggeschoten. Zulk een kogel moet dus al voortgaande ronddraaijen, de rigting dezer ronddraaijing is niet te voorspellen en heeft toch, zoo als wij nu nader zullen zien, een grooten invloed op de baan, die hij doorloopt.
Draait de kogel, die in de rigting van het pijltje wordt voorgeschoten, b.v. {{Img float
| style =
| above =
| file = Albumdernatuur61 086.png
| width = 250px
| align = left
| alt = Figuur 2.
| cap = ''Fig.'' 2.
| capalign = center}} in de rigting door de pijltjes D en D' aangewezen, dan bevordert de beweging van het oppervlak en welligt der mede ronddwarrelende lucht het wegstroomen der luchtdeeltjes langs het oppervlak<noinclude></noinclude>
dcjc5k75gv3sxyz4414vudipt1r9fd3
Pagina:Album der Natuur 1861.djvu/86
104
41900
223927
131387
2026-07-08T07:29:39Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
223927
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh|64|OVER DE VERDEDIGINGS- EN AANVALSWERKTUIGEN DER MENSCHEN ENZ.|}}</noinclude>speelruimte zal het projectiel in de ziel botsen en schuren en de omwenteling daardoor een weinig afwijken van de verwachte. Bij korte vuurmonden echter is er reeds veel op deze wijze gewonnen. Bij geweren kan dit middel niet baten, daar de kogels niet hol, en bovendien te klein zijn om zwaarte- en middelpunten genoegzaam van elkander te verwijderen. Daarbij moeten de geweren ten gevalle van de bajonet eene zekere lengte behouden.
Het voordeel van getrokken loopen ligt dus niet geheel in het wegnemen der speelruimte, want vooreerst moeten de vuurwapens voor oorlogsgebruik gemakkelijk en snel te laden zijn, en dus eenige speelruimte behouden; ten andere vermindert het geheel wegnemen der speelruimte de afwijkingen niet, die de eenmaal afgeschoten, altijd eenigzins onvolmaakte kogel in de lucht ondervindt, ten gevolge der onregelmatige wederstanden.
Het voordeel der trekken, en dit is het geheele geheim, bestaat dan voornamelijk in de twee volgende omstandigheden: 1) dat de kogel als eene schroef rond moet draaijen om den getrokken, schroefvormig gegroefden loop te kunnen verlaten, en 2) dat de aldus draaijende kogel in plaats van rond, langwerpig, puntig en dus ook zwaarder kan gemaakt worden, dan de ronde kogel.
Mijne lezers stellen zich echter niet voor, dat ronddraaijende kogels als soorten van drilboren werken en daardoor meerdere uitwerking zouden hebben; zulke wreede beschouwingen zouden hier misplaatst zijn. De krijgsman gaat niet na wat er na het oogenblik van treffen gebeurt; hoe, wat en waar hij zijnen vijand treft, blijft buiten zijne beschouwing; het treffen is voor hem het slottooneel, waarna het scherm valt. Wat daarna gebeurt, behoort tot de beschouwingen van den heelmeester.
Het voordeel van ronddraaijende kogels ligt derhalve in de meerdere naauwkeurigheid hunner banen, dit punt vereischt echter eenige natuurkundige beschouwingen, die wij liever tot een volgend stuk zullen uitstellen.
{{r|{{smaller|(''Wordt vervolgd.'')}}{{gap|4em}}}}
{{dhr}}{{lijn|5em}}{{dhr|2}}<noinclude></noinclude>
9zim0f5kge5kx4ihnqhbxhbnsbesnsr
Pagina:Album der Natuur 1861.djvu/83
104
41903
223910
131386
2026-07-07T15:00:25Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
223910
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh||GETROKKEN VUURWAPENS EN ANDER MOORDTUIG.|61}}</noinclude>De oorzaken der misschoten zijn tweeledig. Ten eerste: oorzaken gelegen in 't geen in de ziel van den schutter omgaat; ten tweede: oorzaken gelegen in hetgeen in de ziel van zijn vuurwapen voorvalt.
Wat de eerste betreft, rekenen wij daartoe de gewoonte van alle krijgers, die zich nog niet geheel te huis bevinden op een slagveld en die niet gesteld zijn op het looden standbeeld, om maar van zich af te vuren, raak of niet, en op afstanden, waarop geen naauwkeurig schot meer mogelijk is. Zulk vuren doodt, zoo dan al geene vijanden, dan ten minste den tijd. Het verdooft eenigzins de vrees, en men stelt zich daarbij voor, dat het zoo al niet den vijand beangstigt, dan toch welligt hem den lust beneemt om veel digter bij te komen.
Verder, de onbekendheid met den juisten afstand, waarop de vijand zich bevindt; de helling namelijk, die men aan het geweer moet geven om het doel te treffen, hangt van dien afstand af, en hoe zonderling het ook klinke: de afstand naar den vijand schijnt over en weder meestal grooter dan die van den vijand naar ons.
Tot de tweede oorzaken rekenen wij de onvolkomenheid der middelen zelve. De eene loop is wat meer uitgeschoten dan de andere, wat ruwer of wat meer met aanslag bezet. De eene kogel is wat gladder of zuiverder bolvormig dan de andere; het zwaartepunt valt niet altijd zamen met het middelpunt, en de overmijdelijke speelruimte maakt, dat de kogel, al huppelende en schurende langs de zielwanden, den loop verlaat; daardoor beweegt de kogel zich al wentelende en ondervindt dien ten gevolge een onregelmatigen wederstand in de lucht.
Van alle deze oorzaken zijn de speelruimte en de wenteling wel de voornaamste; noch oefening, noch bedaardheid, noch oogmaat of zuivere afmetingen kunnen hierin iets verhelpen. Door de speelruimte huppelt de kogel in de ziel en verlaat het vuurwapen onder een telkens verschillenden hoek; sloeg hij b.v. het laatst tegen den bovenkant aan, dan wordt hij benedenwaarts teruggekaatst en komt minder ver. Tegen den onderkant aanslaande begint hij zijne baan onder eene grootere helling dan die van het geweer zelf en gaat verder. Links en regts aanslaande bij het verlaten van den loop, zal hij, in de vrije lucht gekomen, regts of links afwijken enz.
Door de speelruimte strijkt het buskruidgas bij de ontbranding boven<noinclude></noinclude>
235kh1hr791ctc7kglttqhx0yos6slb
Pagina:Album der Natuur 1861.djvu/85
104
41904
223926
133102
2026-07-08T07:25:03Z
DoekeHellema
16849
/* Gevalideerd */
223926
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="DoekeHellema" />{{rh||GETROKKEN VUURWAPENS EN ANDER MOORDTUIG.|63}}</noinclude>bij D, doch boven bij D' is die beweging om zoo te zeggen: tegen de haren in. Van daar: boven meerdere zamendrukking der lucht dan beneden, en bij gevolg minder verre en hooge baan, dan zoo de rondwenteling in tegengestelden zin plaats had en de kogel bij D door zamengedrukte lucht werd gedragen.
Heeft de draaijing plaats, zoo als wij hier stilzwijgend onderstelden, van boven naar beneden, zoodat fig. 2 den kogel van de regterzijde beschouwd voorstelt, dan zal de draaijing hem digter bij of verder af brengen; maar stelde fig. 2 den kogel voor van boven, uit de lucht gezien, zoodat de voorzijde van de linker naar de regterhand draaide, dan zal er regts en links hetzelfde plaats hebben, wat wij zoo even onder en boven zagen gebeuren, en de kogel zal zijwaarts afwijken, en zoo als duidelijk blijkt: de afwijking zal plaats hebben naar die zijde, waarheen het voorvlak beweegt.
Kon men te voren bepalen, in welke rigting de draaijing zou plaats hebben, dan ware er eenigzins op de te verwachten afwijking te rekenen, maar het is hier als bij het werpen met een eerlijken dobbelsteen, hoe hij na het loslaten draaijen zal, kan niemand te voren zeggen.
Voor holle kogels of granaten alleen bestaat er een huismiddeltje, waardoor men de rigting der ronddraaijing vooraf kan regelen, en hiervan maakt men onder anderen met veel voordeel gebruik in Pruissen.
{{c|{{Img float
| style =
| above =
| file = Albumdernatuur61 087.png
| width = 350px
| align =
| alt = Figuur 4.
| cap = {{smaller|''Fig.'' 4.}}
| capalign = center}}}}
Zij fig. 3 de doorsnede van een Pruissisch kanon, B de buskruidlading en G de granaat. Zij die granaat uitgehold als in de figuur is aangewezen en zóó geplaatst, dat de zwaarste helft onder, de veel ligtere naar boven gekeerd zij. Dan is het ligt in te zien, dat het ligtste gedeelte het eerst en het snelst door het buskruid zal worden voortgedreven, en de granaat vooruitgaande, zóó zal wentelen als door de pijltjes wordt aangewezen. Lag de zwaarste helft boven, dan zal het omgekeerde plaats hebben. Evenwel, er blijven altijd nog oorzaken van onnaauwkeurigheid bestaan, vooral bij lange vuurmonden, want, ten gevolge der<noinclude></noinclude>
1j4a9fpvh5efkh37qric0vswych1shy
Hoofdportaal:Geschiedenis/Duitsland/Palts
100
45677
223907
223470
2026-07-07T13:46:56Z
Vincent Steenberg
280
+bron
223907
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Geschiedenis van de Palts
| afbeelding = Ludwig III. von der Pfalz wird belehnt.jpg
| alt = Koning Sigismund (links) bevestigt Lodewijk III (rechts, knielend) als leenman van de Plats, 1430
| beschrijving = Bronnen bij de geschiedenis van de [[w:nl:Palts (streek)|Palts]], het Keurvorstendom Palts en het [[w:nl:Paltsgraafschap aan de Rijn|paltsgraafschap aan de Rijn]].
}}
== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ==
=== Ca. 1500-ca. 1648 ===
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/21 augustus/VVt Ceulen, den 15. Augusti|‘VVt Ceulen, den 15. Augusti’, alinea 7]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 2. Februarij|‘Wt Weenen den 2. Februarij’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/In de Pfalts|‘In de Pfalts staet alles in vorige terminis, […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (25 februari 1651) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1651/Nummer 8/Een ander van den 21 dito|‘Een ander van den 21 dito. [= brief uit Keulen, 21 februari 1651]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
=== Ca. 1648-ca. 1815 ===
;Protestantenkwestie
*Anoniem (6 maart 1700) [[Opregte Haarlemsche Courant/1700/Zaterdageditie, nummer 10/Regensburg den 25 February|‘Regensburg den 25 February’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p. 1-2].
*Anoniem (25 januari 1720) [[Opregte Haarlemsche Courant/1720/Donderdageditie, nummer 4/Weenen den 10 January|‘Weenen den 10 January’]], ''Oprechte Haerlemse Donderdaegse Courant'', [p. 1].
*Anoniem (25 januari 1720) [[Opregte Haarlemsche Courant/1720/Donderdageditie, nummer 4/Heydelberg den 17 January|‘Heydelberg den 17 January’]], ''Oprechte Haerlemse Donderdaegse Courant'', [p. 1].
== Vorsten en leden van vorstenhuizen ==
=== Ca. 1500-ca. 1648 ===
;Elisabeth van de Palts (1618-1680)
*Anoniem (15 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 5#art4|‘VVt Londen den 9. Ianuarij’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7 (vermeld als ‘een dochter’).
;Elizabeth Stuart (1596-1662)
*Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt Prage,den 2 October|‘VVt Prage,den 2 October’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1-2].
*Anoniem (23 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 oktober (1)#art2al2|‘VVt VVeenen 7. October’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5.
*Anoniem (1 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/1 december#art2|‘Den 10. Ditto [= 10 november 1620] wt Praghe’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-10.
*Anoniem (12 december 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/12 december/Van Ceulen den 5 December|‘Van Ceulen den 5 December’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1-2].
*Anoniem (29 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 15#art2|‘VVt Slesien in December 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4.
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Marcken Brandenburch, den 2. dito|‘Wt Marcken Brandenburch, den 2. dito. [= 2 februari 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Frederik V van de Palts
*Anoniem ([15 november 1618]) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/15 november/VVt Ceulen den 10. November|‘VVt Ceulen den 10. November’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
*Anoniem (15 februari 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/15 februari#art6al2|‘Wt Praghe’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (15 februari 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/15 februari#art7al2|‘Wt Praghe den xix. Januarij 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7.
*Anoniem (15 februari 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/15 februari#art8|‘Wt Praghe den xxvi. ditto. [= 26 januari 1620]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem ([ca. 20 februari] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 20 februari#art1al4|‘Wt Praghe’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
*Anoniem (10 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/10 april#art3al6|‘Wt Praghe den xv. Meert 1620’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (19 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/19 mei (1)#art1al2|‘Wt Weenen den xxij. April 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
*Anoniem ([ca. 29 mei] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 29 mei#art4al4|‘Wt Weenen 4. Mey 1620’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/21 augustus (2)#art2al4|‘Wt Praghe den 7. Augusti’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-7.
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Prage, den 4 dito|‘VVt Prage, den 4 dito. [= 4 september 1620]’, alinea 2-3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (als ‘den Koninc in Bohemen’).
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Praghe, den 7 dito|‘VVt Praghe, den 7 dito. [= 7 september 1620]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (als ‘hare Con. May.’).
*Anoniem (25 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/25 september (2)#art4|‘Den 7. September wt Praghe’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem (2 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/2 oktober (1)#art1al4|‘Wt Weenen den 9. September’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (7 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/7 oktober (2)#art3|‘Wt Praghe vanden 13. ditto. [= 13 september 1620]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (14 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/14 oktober (1)#art3|‘Wt Praghe’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7.
*Anoniem (16 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/16 oktober (1)#art1al3|‘Wt VVeenen. den 1. October’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-5.
*Anoniem (23 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 oktober (1)#art2al2|‘VVt VVeenen 7. October’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5.
*Anoniem (13 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 november (2)#art4|‘VVt Schlackenwalt in Bohemen’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5.
*Anoniem (20 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 november (2)#art5|‘Noch wt Praghe van 28. October’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem (20 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 november (1)#art6|‘VVt Eger van 13. Nouember, 1620’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem (28 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/28 november#art3|‘VVt den Haghe den 20. Nouember’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (1 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/1 december#art1al12|‘Geschreuen vvt den Beyerschen Velt-legher den 8. Nouember, ende vvt de Stadt Praghe den 9. Nouember 1620. ende den 10’, alinea 12]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-10.
*Anoniem (1 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/1 december#art2|‘Den 10. Ditto [= 10 november 1620] wt Praghe’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-10.
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Ambergh den 20. November, 1620|‘Wt Ambergh den 20. November, 1620’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Ausburgh den 21. dito|‘Wt Ausburgh den 21. dito. [= 21 november 1620]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Eger den 23. dito|‘Wt Eger den 23. dito. [= 23 november 1620]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (5 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/5 december (2)#art2|‘Naemen vande Protestante ende Ghevnieerde Princen van Duytslandt’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (9 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 december (1)#art2al26|‘Cort verhael vanden grooten Velt-slach gheschiet by de Conincklijcke Hooft-Stadt Praghe, ende vande veroueringhe der selver Stadt ende Casteele’, alinea 26]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-14 (vermeld als '''‘den Winter-Coninc’''').
*Anoniem (9 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 december (1)#art1|‘Tijdinghe wt Buddissin vanden 20. Nouembris Anno 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (11 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/11 december (1)#art6|‘VVt Amberg den 20. Nouember’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 8.
*Anoniem (12 december 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/12 december/Van Ceulen den 5 December|‘Van Ceulen den 5 December’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1-2].
*Anoniem ([ca. 14] december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 14 december#art4|‘Tijdinghe wt Amsterdam van 13. December’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-8 (vermeld als '''‘Winter Conincxken’''').
*Anoniem (20 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 9#art2|‘Tijdinghe vvt der Slesien in December, 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-8.
*Anoniem (januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 13#art2al4|‘VVT VVeenen vanden 6. Ianuarij, 1621’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (29 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 15#art2|‘VVt Slesien in December 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4.
*Anoniem (29 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 15#art1|‘Met Tydinghe vvt VVeenen, den 6. Ianuary, 1621’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (29 januari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/29 januari/VVt Prage, den 10. dito|‘VVt Prage, den 10. dito. [= 10 januari 1621]’, alinea 3 en 6]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (1 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 februari/Wt Breslauw den 30. December|‘Wt Breslauw den 30. December’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2].
*Anoniem (februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 17#art2al6|‘Tijdinghe vvt Praghe vanden 12. Ianuarij, anno 1621’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7.
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 2. Februarij|‘Wt Weenen den 2. Februarij’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Marcken Brandenburch, den 2. dito|‘Wt Marcken Brandenburch, den 2. dito. [= 2 februari 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (26 februari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 februari/Wt Ceulen, den 20. dito|‘Wt Ceulen, den 20. dito. [= 20 februari 1621]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
*Anoniem (1 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 maart/Wt Heylbrun den 16. Februarij|‘Wt Heylbrun den 16. Februarij’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (1 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 maart/Sijne Conincklijcke Majesteyt van Bohemen verhoortmen|‘Sijne Conincklijcke Majesteyt van Bohemen verhoortmen dat tot Cel int Lant van Lunenburch soude geweest zijn, […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (8 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/8 maart/Wt Dresden den 20. dito|‘Wt Dresden den 20. dito. [= 20 februari 1621]’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘de Coninck van Bohemen’).
*Anoniem (8 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/8 maart/Wt Hamburgh den 24, Februarij|‘Wt Hamburgh den 24, Februarij’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2] (als ‘de Coninck van Bohemen’).
*Anoniem (8 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/8 maart/Wt Heylbrun den 25. Februarij|‘Wt Heylbrun den 25. Februarij’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2] (als ‘den Coninck van Bohemen’).
*Anoniem (15 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/15 maart/Wt Aughsburgh den 3. Martij|‘Wt Aughsburgh den 3. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2] (als ‘de Boheemsche Coninck’).
*Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 april/Vele vande Suite van syne Majesteyt van Bohemen|‘Vele vande Suite van syne Majesteyt van Bohemen zijn door Amsterdam […] ghepasseert, […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], p. 2].
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/Syne Majesteyt van Bohemen|‘Syne Majesteyt van Bohemen, met de Coninginne […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Ferdinandus II (1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/De Rom. Keys. Majesteyt Ferdinandi II. Monotorial Mandaten|''De Rom. Keys. Majesteyt Ferdinandi II. Monotorial Mandaten, Aen de Cheur Pfaltz, Nopende de quitteringhe ende Ruyminghe vant’ Coninck-rijck Bohemen, mette Gheincorporeerde Landen''. […]]], Hantwerpen: Abraham Verhoeven.
;Frederik V van de Palts; Mühlhausense vorstendag, 16-23 maart 1620
:[[Afbeelding:1rightarrow.png|15px]] Zie [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Duitsland/17e eeuw/Mühlhausense Vorstendag, 1620]]
;Frederik V van de Palts; brief van Johan George I van Saksen, 9 augustus 1620
*Anoniem (25 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/25 september (2)#art3al3|‘Wt Franckfort’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Iohan George Hertoghe van Saxen ende Keurvorst (25 september 1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/25 september (3)|Copye vande Antwoorde geschreuen by den Keurvorst van Saxen, aenden Pfaltz-Graeff Jan, Stadt-houder tot Heydelberch]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeven.
;Frederik V van de Palts; rijksban, januari 1621
*Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 29#art1al5|‘Relaes vande groote victorie tot Westerhouen by Worms, ende van de nieuvve oprustinghe des Crijs-volck in Brabandt, Vlaenderen, Lorreynen, &c.’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-7.
*Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 31#art1al4|‘VVt VVeenen vanden lesten Ianuarij. 1621’, alinea 4-7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 2-5.
*Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 31#art2al10|‘Tijdinghe vvt Weenen vanden 27. ditto. [= 27 januari 1621]’, alinea 10]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-7.
;Frederik V van de Palts; hekeldichten
*Anoniem (18 januari 1621) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 7|Postillioen vvtghesonden om te soecken den veriaegden Coninck van Praghe]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeven.
*Anoniem (januari 1621) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 8|Coninck feest vanden Palatin, Anno 1621]]'', T’Hantwerpen: by Abraham Verhoeven.
*Anoniem (januari 1621) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 11|Den spieghel voor den Pfalts-Graeff, gheschreven wt Bohemen in de Stadt Prage]]'', T’Hantwerpen: by Abraham Verhoeven.
;Frederik Hendrik van de Palts (1614-1629)
*Anoniem (15 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 5#art4|‘VVt Londen den 9. Ianuarij’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7 (vermeld als ‘den oudtsten sone’).
*Anoniem (10 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 35#art3|‘Wt Amsterdam’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4 (vermeld als ‘den jongen Paltzgrave’).
;Karel I Lodewijk van de Palts (1617-1680)
*Anoniem (15 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 5#art4|‘VVt Londen den 9. Ianuarij’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7 (vermeld als ‘den tweeden sone’).
;Louise Juliana van Nassau (1576-1644)
*Anoniem (2 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/2 oktober (2)#art1al9|‘Met tydinghe vvt Oppenheym vanden 18. September’, alinea 9]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6 (vermeld als ‘de Oude Pals-Gravinne’).
*Anoniem (2 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/2 oktober (1)#art3|‘Wt Heydelbergh den xx. September’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6 (vermeld als ‘die oude Palss-Gravinne’).
*Anoniem ([ca. 3] november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 3 november#art2|‘Tijdinghe vant Legher van sijn Ex. Marquis Spinola den eersten Nouember, 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7 (vermeld als ‘de oude Pfalts Gravinne’).
*Anoniem (15 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 5#art4|‘VVt Londen den 9. Ianuarij’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7 (vermeld als ‘sijn Grootmoeder’).
;Maurits van de Palts (1621-1652)
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Marcken Brandenburch, den 2. dito|‘Wt Marcken Brandenburch, den 2. dito. [= 2 februari 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (3 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 28#art4al6|‘Wt Praghe vanden 26. ditto. [= 26 januari 1621]’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
;Ruprecht van de Palts (1619-1682)
*Anoniem (15 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 5#art4|‘VVt Londen den 9. Ianuarij’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7 (vermeld als ‘den ioncxsten sone’).
*Anoniem (19 september 1645) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1645/Nummer 38/Uyt Londen den 9 dito|‘Uyt Londen den 9 dito [= 9 september 1645]’, alinea 2]], ''Ordinaris Dingsdaegsche Courante'', [p. 2] (vermeld als ‘Prins Robert’).
=== Ca. 1648-ca. 1815 ===
;Elisabeth Charlotte van de Palts (1652-1722)
*Anoniem (6 maart 1700) [[Opregte Haarlemsche Courant/1700/Zaterdageditie, nummer 10/Franckfort den 28 February|‘Franckfort den 28 February’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p. 2].
*Anoniem (6 maart 1700) [[Opregte Haarlemsche Courant/1700/Zaterdageditie, nummer 10/Parijs den eersten Maert|‘Parijs den eersten Maert’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p. 2].
;Johan Willem van de Palts (1658-1716)
*Anoniem (23 september 1690) [[Amsterdamsche Courant/1690/23 september/Weenen den 10 September|‘Weenen den 10 September’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p. 1].
*Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Ceulen den 25 July|‘Ceulen den 25 July’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p. 2].
*Anoniem (18 februari 1700) [[Amsterdamsche Courant/1700/Nummer 21/Luyk den 12 February|‘Luyk den 12 February’]], ''Amsterdamse Donderdaegse Courant'', [p. 2].
;Karel I Lodewijk van de Palts (1617-1680)
*Anoniem (25 februari 1651) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1651/Nummer 8/Een ander van den 21 dito|‘Een ander van den 21 dito. [= brief uit Keulen, 21 februari 1651]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
;Karel III Filips van de Palts (1661-1742)
*Anoniem (25 januari 1720) [[Opregte Haarlemsche Courant/1720/Donderdageditie, nummer 4/Weenen den 10 January|‘Weenen den 10 January’]], ''Oprechte Haerlemse Donderdaegse Courant'', [p. 1].
[[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]]
9fyutebckdupr1yc365k5smh8ufvosa
Hoofdportaal:Geschiedenis/Turkije
100
45722
223922
205536
2026-07-07T19:46:48Z
Vincent Steenberg
280
+bronnen
223922
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Geschiedenis van Turkije
| afbeelding = Tughra Suleiman.jpg
| alt = Tughra van Süleyman de Magnifieke (1520)
| beschrijving = Bronnen bij de [[w:Geschiedenis van Turkije|geschiedenis van Turkije]].
}}
== Economische en sociale geschiedenis; algemeen ==
=== Bijzondere onderwerpen ===
;Slavernij
*Anoniem (6 maart 1847) [[Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant/1847/Nummer 19/Konstantinopel, den 3den Februarij|‘Konstantinopel, den 3den Februarij’]], ''Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant'', [p. 1].
== Geschiedenis van tijdperken; afzonderlijk ==
=== 17e eeuw ===
*Anoniem (15 juni 1619) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1619/15 juni/VVt Venetien den 14. dito|‘VVt Venetien den 14. dito. [= 14 mei 1619]’, alinea 5]], ''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''.
*Anoniem (19 juni 1619) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1619/19 juni/VVt Venetien, den 31. May. 1619|‘VVt Venetien, den 31. May. 1619’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
*Anoniem (2 mei 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/2 mei/VVt Venetien den 17. April|‘VVt Venetien den 17. April’, alinea 5]], ''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren'', [p. 1].
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Roomen, den 19 Augusto, 1620|‘VVt Roomen, den 19 Augusto, 1620’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Venetien, den 4. September. 1620|‘VVt Venetien, den 4. September. 1620’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Venetien den 18. dito|‘Wt Venetien den 18. dito. [= 18 november 1620]’, alinea 4-6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Weenen den 15. dito|‘Wt Weenen den 15. dito. [= 15 november 1620]’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (29 januari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/29 januari/VVt Venetien, den 8. Iannuarij, 1621|‘VVt Venetien, den 8. Iannuarij, 1621’, alinea 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (8 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/8 maart/Wt Venetien den 10. Februarij 1621|‘Wt Venetien den 10. Februarij 1621’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (8 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/8 maart/Wt Dresden den 20. dito|‘Wt Dresden den 20. dito. [= 20 februari 1621]’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (20 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/20 maart/Wt Venetien den 1. Martij, 1621|‘Wt Venetien den 1. Martij, 1621’, alinea 4]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Overwinning op Perzië, 1618
*Anoniem (15 november 1618) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/15 november/VVt Venetien den 26. October 1618|‘VVt Venetien den 26. {{SIC|November|October}} 1618’, alinea 5]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
;Executie van de Venetiaanse tolk en vier pasja's, omstreeks februari 1620
*Anoniem (10 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/10 april#art2al4|‘Wt Weenen den xviij. Meert 1620’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-6.
;Hongaarse diplomatieke missie
*Anoniem ([ca. 26 mei 1620]) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/Extract wt sekere Missive geschreuen wt Constantinopelen#art1|‘Wt Constantinopelen’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8.
;Inval van de Kozakken, omstreeks januari 1621
*Anoniem (8 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/8 maart/Wt Ceulen den 3. Meert|‘Wt Ceulen den 3. Meert’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
;Strafexpeditie tegen de Kozakken, omstreeks maart 1621
*Anoniem (12 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/12 mei/VVt Venetien den 25. April|‘VVt Venetien den 25. April’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Monstering van 300.000 soldaten in Belgrado
*Anoniem (22 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/22 mei/VVt Venetien den 6. dito|‘VVt Venetien den 6. dito. [= 6 mei 1621]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Geschiedenis van de joden
*Anoniem (9 november 1666) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1666/Nummer 45/Smirna den 12 September|‘Smirna den 12 September’]], ''Ordinaris Dingsdaeghse Courant'', [p. 1].
=== 19e eeuw ===
*Anoniem (25 december 1878) [[Het Vaderland/Jaargang 10/Nummer 303/Konstantinopel, 23 Dec.|‘Konstantinopel, 23 Dec.’]], ''Het Vaderland'', tweede blad, [p. 1].
*Anoniem (6 januari 1881) [[De Standaard/Jaargang 10/Nummer 2697/Alle pogingen worden nog door de Europeesche diplomatie aangewend|‘Alle pogingen worden nog door de Europeesche diplomatie aangewend om zoo mogelijk een oorlog in het Oosten te voorkomen, […]’]], ''De Standaard'', [p. 1].
*Anoniem (28 december 1892) [[Limburger Koerier/Jaargang 47/Nummer 216/Weenen, 27 Dec.|‘Weenen, 27 Dec.’]], ''Limburger Koerier'', tweede blad, [p. 3].
=== ca. 1918 - ca. 1939 ===
*Anoniem (15 maart 1922) [[Limburger Koerier/Jaargang 77/Nummer 63/De Grieksch-Turksche kwestie|‘De Grieksch-Turksche kwestie’]], ''Limburger Koerier'', [p. 3].
== Vorsten en leden van vorstenhuizen ==
=== 17e eeuw ===
;Mehmet IV (1642-1693)
*Anoniem (4 februari 1670) [[Amsterdamsche Courant/1670/Nummer 5/Venetien den 18 dito|‘Venetien den 18 dito. [= 18 januari 1670]’]], ''Amsteldamsche Dingsdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den Grooten Heer’).
*Anoniem (30 oktober 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Zaterdageditie, nummer 44/Venetien den 15 October (2)|‘Venetien den 15 October’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den Grooten Sultan’).
*Anoniem (23 november 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Dinsdageditie, nummer 47/Venetien den 6 November|‘Venetien den 6 November’]], ''Oprechte Haerlemse Dingsdaegse Courant'', [p. 1].
;Osman II (1604-1622)
*Anoniem (28 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/28 april (2)#art2al2|‘Wt Weenen in April 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-8 (vermeld als ‘den Teurckschen Keyser’).
*Anoniem ([ca. 26 mei 1620]) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/Extract wt sekere Missive geschreuen wt Constantinopelen#art1|‘Wt Constantinopelen’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8.
*Anoniem (20 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/20 maart/Wt Venetien den 1. Martij, 1621|‘Wt Venetien den 1. Martij, 1621’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘de Soudaen’).
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Venetien den 8. Martij, 1621|‘Wt Venetien den 8. Martij, 1621’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘den Grooten Turck’).
;Şehzade Mehmed (1605-1621)
*Anoniem (20 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/20 maart/Wt Venetien den 1. Martij, 1621|‘Wt Venetien den 1. Martij, 1621’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘sijnen [= Osman II's] Broeder’).
*Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Venetien den 8. Martij, 1621|‘Wt Venetien den 8. Martij, 1621’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (als ‘Syn [= Osman II's] Broeder’).
;Turhan Hatice (ca. 1627-1683)
*Anoniem (30 oktober 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Zaterdageditie, nummer 44/Venetien den 15 October (2)|‘Venetien den 15 October’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘de Sultane’).
=== 19e eeuw ===
== Historische figuren ==
=== 17e eeuw ===
;Amcazade Köprülü Hüseyin Pasja (1644-1702)
*Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Weenen den 16 July|‘Weenen den 16 July’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘de Groote Visir’).
;Iskender Pasja (''fl''. 1620-1621)
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Venetien den 5. Februarij, 1621|‘Wt Venetien den 5. Februarij, 1621’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (vermeld als ‘Scander Bassa’).
*Anoniem (12 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 36#art1|‘Tydinghe vvt Venetien 1621. int lest van Februarius’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 2-3 (vermeld als ‘Bassa scander’).
;Kara Mustafa (ca. 1634-1683)
*Anoniem (30 oktober 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Zaterdageditie, nummer 44/Uyt het Keyserlijcke Velt-Leger by Barkan den 12 October|‘Uyt het Keyserlijcke Velt-Leger by Barkan den 12 October’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den Grooten Visier’).
;Ohrili Hüseyin Pasja (....-1622)
*Anoniem (26 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 april/VVt Venetien, den 9. April. 1621|‘VVt Venetien, den 9. April. 1621’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (vermeld als ‘Ali Bassa’).
;Güzelce Ali Pasja (....-1621)
*Anoniem (26 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 april/VVt Venetien, den 9. April. 1621|‘VVt Venetien, den 9. April. 1621’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (vermeld als ‘den eersten Visir’).
;Karakaş Mehmed Pasha (....-1621)
*Anoniem ([ca. 22 juli] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 22 juli#art1al6|‘Waerachtighe Tijdinghen wt Weenen den 29. Junio 1620’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8 (vermeld als ‘den Bassa van Buda’).
*Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 25#art4|‘Wt Weenen vanden 20. Ianuarij’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8 (vermeld als ‘den Bassa van Buda’).
*Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 31#art1|‘VVt VVeenen vanden lesten Ianuarij. 1621’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 2-5 (vermeld als ‘den Bassa van Offen oft Buda’).
;Köprülü Fazil Ahmet Pasja (1635-1676)
*Anoniem (4 februari 1670) [[Amsterdamsche Courant/1670/Nummer 5/Venetien den 18 dito|‘Venetien den 18 dito. [= 18 januari 1670]’]], ''Amsteldamsche Dingsdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den Primo Vezier’).
;Kara Mustafa Pasja (ca. 1634-1683)
*Anoniem (23 november 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Dinsdageditie, nummer 47/Lintz den 9 November|‘Lintz den 9 November’]], ''Oprechte Haerlemse Dingsdaegse Courant'', [p. 2] (vermeld als ‘den Grooten Vizir’).
=== 18e eeuw ===
;Izzet Mehmed Pasja (1723-1784)
*Anoniem (13 april 1775) [[Amsterdamsche Courant/1775/Nummer 44/Amsterdam den 12 April|‘Amsterdam den 12 April’, alinea 2]], ''Amsterdamsche Donderdagsche Courant'', [p. 1-2] (vermeld als ‘de Groot-Vizier’).
;Kürd Ibrahim Agha
*Anoniem (6 maart 1700) [[Opregte Haarlemsche Courant/1700/Zaterdageditie, nummer 10/Adrianopolen den 29 January|‘Adrianopolen den 29 January’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den Aga der Janitsaren’).
;Moldovanci Ali Pasja (....-1773)
*Anoniem (6 oktober 1769) [[Opregte Groninger Courant/1769/Nummer 80/Van de Poolsche grenzen den 22 September|‘Van de Poolsche grenzen den 22 September’]], ''Opregte Groninger Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘de nieuwe Groot Vizier’).
*Anoniem (6 oktober 1769) [[Opregte Groninger Courant/1769/Nummer 80/Neder-Elbe den 30 September|‘Neder-Elbe den 30 September’]], ''Opregte Groninger Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘den nieuwen Groot Vizier’).
=== 19e eeuw ===
;Ahmed Fethi Pasja (1801-1858)
*Anoniem (6 maart 1847) [[Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant/1847/Nummer 19/Konstantinopel, den 3den Februarij|‘Konstantinopel, den 3den Februarij’]], ''Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant'', [p. 1].
;Hayreddin Pasja (ca. 1820-1897)
*Anoniem (25 december 1878) [[Het Vaderland/Jaargang 10/Nummer 303/Konstantinopel, 23 Dec.|‘Konstantinopel, 23 Dec.’]], ''Het Vaderland'', tweede blad, [p. 1] (Hayreddin Pasja vermeld als ‘Kheredine Pacha’).
;Hoessein Pasja
*Anoniem (30 juni 1828) [[Leydse Courant/Jaargang 1828/Nummer 78/Konstantinopole den 31 Mei|‘Konstantinopole den 31 Mei’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
*Anoniem (30 juni 1828) [[Leydse Courant/Jaargang 1828/Nummer 78/Smyrna den 30 Mei|‘Smyrna den 30 Mei’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Ibrahim Pasja (1789-1848)
*Anoniem (2 maart 1829) [[Nederlandsche Staatscourant/1829/Nummer 52/Turkije|‘Turkije’]], ''Nederlandsche Staats-Courant'', [p. 1].
*Anoniem (1 september 1834) [[Utrechtsche Courant/1834/Nummer 105/Weenen den 22 Augustus|‘Weenen den 22 Augustus’, alinea 5]], ''Utrechtsche Courant'', [p. 1].
;Ismael Gibraltar (....-1824/1825)
*Anoniem (2 november 1824) [[Rotterdamsche Courant/1824/Nummer 132/Frankfort den 29 October|‘Frankfort den 29 October’, alinea 3-4]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
;Jusuf Pasja (''fl''. 1825)
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Korfu den 10 Augustus|‘Korfu den 10 Augustus’, alinea 6]], ''Leydsche Courant'', [p. 1].
;Koca Hüsrev Mehmed Pasja (1769-1855)
*Anoniem (12 september 1825) [[Leydse Courant/1825/Nummer 109/Korfu den 10 Augustus|‘Korfu den 10 Augustus’]], ''Leydsche Courant'', [p. 1] (vermeld als ‘de Kapitan-Pacha’).
;Laz Aziz Ahmed Pasja (....-1819)
*Anoniem (10 december 1811) [[Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee/1811/Nummer 10/Walachye|‘Walachye. Bucharest, den 20 October. Officieel verslag der laatste krijgsbewegingen van het leger in Wallachije, onder dagteekening Giurgewo, den 18 (10sten) october 1811’]], ''Feuille politique du département du Zuiderzée = Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee'', p. 3-5 (vermeld als ‘de groot-vizier’).
;Mustafa Reşid Pasha (1800-1858)
*Anoniem (19 juni 1854) [[Algemeen Handelsblad/1854/Nummer 7027/Amsterdam, Zaturdag 17 Junij|‘Amsterdam, Zaturdag 17 Junij’, alinea 3]], ''Algemeen Handelsblad'', [p. 1] (vermeld als ‘Reschid-Pacha’).
;Omar Pasja (1806-1871)
*Anoniem (25 april 1854) [[De Tijd/1854/Nummer 2129/Parijs, 21 April|‘Parijs, 21 April’, alinea 5]], ''De Tijd'', [p. 3].
*Anoniem (19 juni 1854) [[Algemeen Handelsblad/1854/Nummer 7027/Amsterdam, Zaturdag 17 Junij|‘Amsterdam, Zaturdag 17 Junij’, alinea 2]], ''Algemeen Handelsblad'', [p. 1] (vermeld als ‘Omer Pacha’).
;Reşid Mehmed Pasja (1780-1836)
*Anoniem (1 december 1825) [[Rotterdamsche Courant/1825/Nummer 144/Frankfort den 27 November|‘Frankfort den 27 November’, alinea 2]], ''Rotterdamsche Courant'', [p. 1].
;Saffet Pasja (1814-1883)
*Anoniem (25 december 1878) [[Het Vaderland/Jaargang 10/Nummer 303/Konstantinopel, 23 Dec.|‘Konstantinopel, 23 Dec.’]], ''Het Vaderland'', tweede blad, [p. 1] (Saffet Pasja vermeld als ‘Safvet’).
=== 20e eeuw ===
;Alexander Karatheodori Pasja (1833-1906)
*Anoniem (30 januari 1906) [[Het Nieuws van den Dag/1906/Nummer 11069/Uit Constantinopel|‘Uit Constantinopel wordt het overlijden bericht van […] Karatheodory Pacha. […]’]], ''Het Nieuws van den Dag'', vierde blad, p. 13.
;Atatürk, Mustafa Kemal (1881-1938)
*Anoniem (4 december 1934) [[Haagsche Courant/1934/Nummer 15899/Moestafa Kemal zal Atatürk heeten|‘Moestafa Kemal zal Atatürk heeten’]], ''Haagsche Courant'', eerste blad, [p. 2].
== Delen van Turkije en provincies; afzonderlijk ==
=== Plaatsen; afzonderlijk ===
;Edinne
*Anoniem (22 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/22 mei/VVt Venetien den 6. dito|‘VVt Venetien den 6. dito. [= 6 mei 1621]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1] (Edinne vermeld als ‘Adrianopel’).
;Istanbul
*Anoniem (19 mei 1854) [[Leeuwarder Courant/1854/Nummer 40/Amsterdam, den 17 Mei|‘Amsterdam, den 17 Mei’, alinea 6]], ''Leeuwarder Courant'', [p. 1].
[[Categorie:Hoofdportaal geschiedenis]]
l61eus95krdo4oz61lxhk6cof50rc1y
Pagina:La Rochefoucauld - Œuvres, Hachette, t1, 1868.djvu/244
104
47553
223909
147129
2026-07-07T14:14:40Z
Wildel
11084
Aanvulling
223909
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="4" user="Wildel" /></noinclude><section begin="M193"/>in die van het lichaam; wat we aanzien voor onze genezing is meestal niets anders dan een onderbreking of een verandering van de kwaal.
<section end="M193"/>
<section begin="M194"/>*194. Ziekten van de ziel zijn als lichamelijke wonden: welke zorg we ook aan hun genezing besteden, het litteken blijft aanwezig en dreigt zich ieder ogenblik weer te openen.
<section end="M194"/>
<section begin="M195"/>*195. Wat ons zo vaak belet ons over te geven aan een bepaalde ondeugd is dat we er ook nog andere hebben.
<section end="M195"/>
<section begin="M196"/>*196. We vergeten makkelijk onze fouten als wij alleen ze kennen.
<section end="M196"/>
<section begin="M197"/>*197. Er zijn mensen waarover we nooit iets slechts zouden geloven <section end="M197"/><noinclude><references/></noinclude>
lfjfzknjo7fslsfkqgzu3jt37urtycq
Hoofdportaal:Geschiedenis/Zwitserland/Graubünden/Bündner Wirren
100
71872
223923
223890
2026-07-07T19:50:20Z
Vincent Steenberg
280
+bron
223923
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Bündner Wirren
| afbeelding = The Three Leagues combating Spanish-Austrian troops, 1621.jpg
| alt = Het leger van de Drei Bünde in gevecht met Spaans-Oostenrijkse troepen, 1621
| beschrijving = Bronnen bij de [[w:Bündner Wirren|Bündner Wirren]].
}}
;Strafhof van Thusis
*Anoniem (30 november 1618) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/30 november/VVt Ceulen den 24. dito|‘VVt Ceulen den 24. dito. [= 24 november 1618]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''.
;Valtellinese moorden, 18-19 juli 1620
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/21 augustus/VVt Venetien, den 7. August. 1620|‘VVt Venetien, den 7. August. 1620’, alinea 2-3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/21 augustus/VVt Ceulen, den 15. Augusti|‘VVt Ceulen, den 15. Augusti’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
*Anoniem (26 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/26 augustus#art2|‘Wt Ceulen’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7.
;Pamflet geschreven door de opstandelingen n.a.v. de Valtellinese moorden
*Anoniem ([ca. 15 september] 1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/Het manifest oft Oorsaecken van t'ghene lestmael bestaen is van de Valtellinoisen|Het manifest oft Oorsaecken van t’ghene lestmael bestaen is van de Valtellinoisen, teghen d’overtollighe handelinghe ende wreede Tyrannije van de Grisons ende omligghende Ketters, teghen hen]]'', [Antwerpen]: [Abraham Verhoeven].
;Valtellinese oorlog, 1620-1626
*Anoniem (24 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/24 juli#art5|‘Tijdinghe wt de Grysons in Julij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7.
*Anoniem (18 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/18 augustus (1)#art3al5|‘Wt Roomen van xviij. Julij’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (28 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/28 augustus/VVt Venetien, den 14. August. 1620|‘VVt Venetien, den 14. August. 1620’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (28 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/28 augustus/VVt Ceulen, den 22. Augusti|‘VVt Ceulen, den 22. Augusti’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
*Anoniem (12 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 september#art1al28|‘Wt Weenen 20. Augusti’, alinea 28]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8.
*Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Venetien, den 4. September. 1620|‘VVt Venetien, den 4. September. 1620’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem ([20 september 1620]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/20 september/VVt Venetien den 4 September|‘VVt Venetien den 4 September’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (2 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/2 oktober (1)#art5|‘Vvt Milanen, desen 14. Sept’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7.
*Anoniem (10 oktober 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/10 oktober/VVt Venetien den 18. dito|‘VVt Venetien den 18. dito. [= 18 september 1620]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (16 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/16 oktober (2)#art6|‘Wt Milanen 4 Octobris’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt Venetien, den 2. October, 1620|‘VVt Venetien, den 2. October, 1620’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem ([ca. 20 oktober] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/Grisonsche historie des Iaers 1620|''Grisonsche historie des Iaers 1620''. […]]], [Antwerpen]: [Abraham Verhoeven].
*Anoniem (23 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 oktober (1)#art3|‘VVt Milanen 10 October’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (13 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 november (2)#art2|‘Wt Milanen, van leste October’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4.
*Anoniem (13 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 november (2)#art3|‘VVt den Punten van de Valtellina 24. October’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5.
*Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Venetien den 18. dito|‘Wt Venetien den 18. dito. [= 18 november 1620]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (12 december 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/12 december/VVt Venetien, den 20 November, 1620|‘VVt Venetien, den 20 November, 1620’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (15 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 5#art2al5|‘Wt Genua den 1. Ianuarij 1621’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5.
*Anoniem (januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 12#art2|‘VVt Venegien den eersten Ianuarij, 1621’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-5.
*Anoniem (25 januari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/25 januari/Wt Venetien den 8. Ianuarij, 1621|‘Wt Venetien den 8. Ianuarij, 1621’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 17#art3|‘Wt Elsas vanden 16. Ianuarij, 1621’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Venetien den 5. Februarij, 1621|‘Wt Venetien den 5. Februarij, 1621’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 23#art4|‘Wt Venetien int lest van Ianuarij 1621’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
*Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 23#art5|‘Van Venetien vanden 29. Ianuarij 1621’, alinea 3-4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem (26 februari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 februari/VVt Venetien, den 8. dito|‘VVt Venetien, den 8. dito. [= 8 februari 1621]’, alinea 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (1 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 maart/Wt Venetien den 6. Februarij 1621|‘Wt Venetien den 6. Februarij 1621’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (1 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/1 maart/De Tyrannije der Spaengiaerden|‘De Tyrannije der Spaengiaerden bedreven inde Veltolini […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (10 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 35#art1|‘Tydinghe vvt Venetien’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 2-3.
*Anoniem (12 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 36#art2|‘VVt Venetien vanden 12. Februarij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-4.
*Anoniem (20 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/20 maart/Wt Venetien den 1. Martij, 1621|‘Wt Venetien den 1. Martij, 1621’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 april/Wt Venetien den 12. Meert|‘Wt Venetien den 12. Meert’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Venetien den 16. dito|‘VVt Venetien den 16. dito. [= 16 maart 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (21 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/21 april/VVt Venetien, den 6 April. 1621|‘VVt Venetien, den 6 April. 1621’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
*Anoniem (12 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/12 mei/VVt Venetien den 25. April|‘VVt Venetien den 25. April’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (22 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/22 mei/VVt Roomen den 1. Mey. 1621|‘VVt Roomen den 1. Mey. 1621’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (22 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/22 mei/VVt Venetien den 6. dito|‘VVt Venetien den 6. dito. [= 6 mei 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Valtellinese oorlog, 1620-1626; financiering
*Anoniem (23 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 oktober (1)#art5|‘VVt Brussel 15, October’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-7.
;Moord op Pompejus Planta, 25 februari 1621
*Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 april/Wt Punten den 14. dito|‘Wt Punten den 14. dito. [= 14 maart 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (21 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/21 april/VVt Zurich den 4. April|‘VVt Zurich den 4. April’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Inval van de Engadiners in de Obere Bund, maart/april 1621
*Anoniem (21 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/21 april/VVt Zurich den 5. dito|‘VVt Zurich den 5. dito. [= 5 april 1621]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1-2].
*Anoniem (26 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 april/VVt Venetien, den 9. April. 1621|‘VVt Venetien, den 9. April. 1621’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1].
;Veldtocht van Fünf Dörfer, april 1621
*Anoniem (5 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 mei/VVt Zuyrich den 18. April. 1621|‘VVt Zuyrich den 18. April. 1621’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
;Inval in Val Calanca, eind april 1621
*Anoniem (22 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/22 mei/VVt Mayenvelt den 2. Mey|‘VVt Mayenvelt den 2. Mey’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1-2].
[[Categorie:Hoofdportaal geschiedenis]]
8nn1jr9hsbj089opzzfjlwaro8nmcpc
Hoofdportaal:Beeldende kunst/Architectuur/Genres/Forten/Schans Papenmuts
100
79304
223908
223537
2026-07-07T14:03:14Z
Vincent Steenberg
280
+bron
223908
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Schans Papenmuts
| afbeelding = Schans Papenmuts gebouwd door Maurits in de Rijn, 1620 t' Fort de Papenmutz (titel op object) Eygentlijcke afbeeldinge van het Fort de Papen-mutz genampt, de welke Ao. 1620. den 6. october onder 't protex des Churvorst, RP-P-OB-80.930.jpg
| alt = Schans Papenmuts, 1620
| beschrijving = Bronnen bij [[w:nl:Schans Papenmuts|Schans Papenmuts]].
}}
;Aanleg, oktober 1620
*Anoniem (10 oktober 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/10 oktober/VVt Franckfoort den 2. October|‘VVt Franckfoort den 2. October’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 1].
*Anoniem (10 oktober 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/10 oktober/VVt het Velt-leger des Princen van Orangien teghenvvoordich by VVesel|‘VVt het Velt-leger des Princen van Orangien teghenvvoordich by VVesel’, alinea 4]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p. 2].
*Anoniem (14 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/14 oktober (2)#art1al12|‘Tijdinghe vvt den Legher van syn Excellentie Marquis Ambrosius Spinola, 1620’, alinea 12]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-7.
*Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt Ceulen, den 10 October|‘VVt Ceulen, den 10 October’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c''., [p. 2].
*Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt des Prince van Orangien Veltleger den 14 October|‘VVt des Prince van Orangien [Veltleger] den 14 October’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2].
*Anoniem ([ca. 3] november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 3 november#art1al5|‘Tijdinghe wt Ceulen, ende des Marquis Spinola Legher, 24. Octobris. 1620’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-6.
;Gebruik
*Anoniem (13 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 november (1)#art4|‘Tijdinghe wt Ceulen’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem (29 januari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/29 januari/Wt Ceulen, den 23. dito 1621|‘Wt Ceulen, den 23. dito 1621. [= 23 januari 1621]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2] (vermeld als ‘die Schantsche de Pape-Muts’).
*Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 24#art4|‘Tijdinghe vvt Ceulen, 1621’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 7-8.
*Anoniem (februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 18#art2|‘Tijdinghe van den Rhijnstroom van 24. Ianuarij 1621’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 6-8.
*Anoniem (3 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 28#art7|‘Wt Ceulen vanden lesten Ianuarij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 8.
*Anoniem (10 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 32#art5|‘Wt Ceulen vanden lesten Ianuarij 1621’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 8.
*Anoniem (10 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 35#art5al5|‘VVt Ceulen vanden 14. Februarij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (26 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 april/Wt Ceulen, den 20. April|‘Wt Ceulen, den 20. April’, alinea 2 en 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2] (vermeld als als ‘die Papen-Muts’ en ‘die Schantsche de Papen-Mutse’).
;Belegering, 25 juli 1622-januari 1623
*Anoniem (1622) ''[[Belegeringe van Papenmuts]]'', t’Amsterdam: By Dirck Evertsen Lons.
*Anoniem (1622) ''[[Waerachtige Afbeeldinge van de Belegeringe der stercke Schantz Pfaffen-Mutz|Waerachtige Afbeeldinge van de Belegeringe der stercke Schantz Pfaffen-Mutz. De welcke is Belegert geworden van zijne Vorstelijcke Doorluchticheydt den Hertoch van Nieuborch, den 25. Julij 1622]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeven.
*Anoniem ([1623]) [[Den grooten Geusen Bril|''Den grooten Geusen Bril'' [spotprent]]], Anuers: Abraham Verhoeven.
[[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal beeldende kunst]]
11l2wu47hynt765us0waeundqh6e4au
Hoofdportaal:Geschiedenis/Duitsland/Hohenzollern-Hechingen
100
79377
223924
208345
2026-07-07T19:53:39Z
Vincent Steenberg
280
+bron
223924
wikitext
text/x-wiki
{{Infobox thema
| naam = Geschiedenis van het vor­sten­dom Hohenzollern-Hechingen
| afbeelding = De Merian Sueviae 132.jpg
| alt = de stad Hechingen met daarboven Burg Hohenzollern, 1643
| beschrijving = Bronnen bij de geschiedenis van het vorstendom [[w:nl:Hohenzollern-Hechingen|Hohenzollern-Hechingen]].
}}
== Vorsten en leden van vorstenhuizen ==
;Johan George van Hohenzollern-Hechingen (1577-1623)
*Anoniem (17 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/17 juli (1)#art3al5|‘Wt Weenen 1620’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6.
*Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art2al2|‘Extract vvt sekeren Brieff tot Lintz, gheschreuen den 28. deſer. [= 28 augustus 1620]’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 5-6 (vermeld als ‘den Grave van Solleren’).
*Anoniem (21 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/21 augustus/Wt Prage, den 7. dito|‘Wt Prage, den 7. dito. [= 7 augustus 1620]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 1] (vermeld als ‘den Graeve van Hohenzolleren’).
*Anoniem (12 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 36#art3|‘VVt Augsborch vanden 17, ditto. [= 17 februari 1621]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 4-6 (vermeld als ‘zijne Genaden den Grave van Hohenzollern’).
*Anoniem (21 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/21 april/VVt Ausburgh, den 10. April|‘VVt Ausburgh, den 10. April’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p. 2] (vermeld als ‘De Grave van Hohen Solleren’).
[[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]]
qztrg226vl3frtky82m92r3brkonbor
Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen 1719 vol 2.djvu/266
104
87242
223911
2026-07-07T18:04:59Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
223911
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH||''Schilders en Schilderessen.''|231}}</noinclude>van eenen Renatus Koning van Sicilien, van wiens eigen hand een konststuk te zien is te ''Avingon'' in ’t Koor van een der Kapellen van de Kloosterkerk ''der Celestinen''. Dit was een zinnebeeld van de Dood, of sterflykheit, voorheen aan een geestelyke Dochter tot een Nieujaarsgift geschonken. Onder al de geschilderde voorwerpen in dit stuk is te verwonderen een spinwebbe aan een doodbaar, zoo konstig en natuurlyk geschildert dat men ’t voor een ware spinweb zou aanzien. Onder het zelve staat een Latyns vaars: gejaarmerkt 1481. ’t geen vertaalt de voorbygaanden dus toespreekt:
{{gedicht|{{gap}}''Aanschouwer blyf voor ’t Tafereel wat staan'';
''Daar yder Bloem, de broosheit van uw leven''
''Vermeld; dewyl hoe luisterryk verheven'',
{{gap}}''Zy, eer men ’t weet, zal onverwacht vergaan''.}}
{{gap}}Ook gedenkt hy in zyne Reisbeschryving van Engelant aan Maria Stuart Dochter van Jakob den V Koning van Schotlant geboren 1541, en onthalst 1587 in Sprokkelmaand, na dat zy 20 jaren gevangen gezeten had op ’t Kasteel ''Frodigua'', om het konstig geteekent en gestikte behangsel, waar van wy in de levensbeschryving van W. Schellings zullen melden.<br>{{gap}}Wy zouden daar beneven een gansche lyst van Konstschilders in vroeger en later tyd konnen optellen welke door Keizers Koningen en Vorsten tot de waardigheit van Ridders en Baronnetten zyn verheven, verscheiden ook die het Borgermeesterampt bekleed hebben, als ''D. v. Delen'' te Armuiden in Zeelant, ''vander Lis'' in ’s Gravenhage, ''Hendrik Verschuring'' en ''vander Ulft'' te Gorkom, andere weer Regenten van Steden, als ''Ger. Terburg'' te<noinclude>{{RH||P 4|De-}}</noinclude>
kgl7kxkrdqznch7l4zsjezm640ik1jp
Index:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu
106
87243
223912
2026-07-07T18:53:09Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
223912
proofread-index
text/x-wiki
{{:MediaWiki:Proofreadpage_index_template
|Type=tijdschrift
|Taal=nl
|wikidata=
|Titel=Verhael vanden Grouwelijcken ende Bloedigen Slach ende Victorie die de Cosacken van Polen hebben ghehadt teghen de Turcken ende Tartaren, ende hebben twee steden van den Turck in ghenomen, d’eene ghenaempt Bolagrat ende d’ander Chilien, alwaer zijt alle vermoort hebben, cleyn ende groot, behaluen de Christenen
|Ondertitel=
|Deel=
|Auteur=
|Vertaler=
|Redacteur=
|Illustrator=
|Stroming=
|Jaar=
|Uitgever=
|Plaats=
|Druk=
|OorspronkelijkeUitgave=
|Key=
|doe_wikidata=
|ISBN=
|OCLC=
|LCCN=
|BNF_ARK=
|DBNL=
|Bron=djvu
|Afbeelding=1
|Voortgang=V
|Delen=
|Pagina's=<pagelist 1=1 />
|Opmerkingen=[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 36]]
|NestedInhoud=
|Breedte=
|Css=
|Header=
|Footer=
}}
ir68c6jfepznf059o47kufgjt67hsi3
Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu/1
104
87244
223913
2026-07-07T18:53:41Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
223913
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" /></noinclude>{{dhr}}
{{RH|{{gap}}{{tt|Martius 1621.}}||36.{{gap}}}}
{{lijn}}
{{c|Verhael vanden<br>{{xxx-larger|Grouwelijcken ende Bloedigen Slach ende Victorie}}<br>die de Cosacken van Polen hebben ghehadt teghen de Turcken ende Tartaren, ende hebben twee steden van den Turck in ghenomen, d’eene ghenaempt {{tt|Bolagrat}} ende d’ander {{tt|Chilien,}} alwaer zijt alle vermoort hebben, cleyn ende groot, behaluen de Christenen.}}
{{c|{{tt|Nv eerst Ghedruct den 12. Meert. 1621.}}}}
{{lijn}}
[[Bestand:Nieuwe Tijdinghen 1620-02-27 illustration.jpg|500px|center]]
{{lijn}}
{{c|T’Hantwerpen, By Abraham Verhoeven, op de Lombaerde veste, inde gulde Sonne.}}
{{dhr}}<noinclude></noinclude>
f1c64l7t2q76gzmiel2zs1vk8xqnexl
Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu/2
104
87245
223914
2026-07-07T18:54:21Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
223914
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|2}}</noinclude>{{dhr}}
[[Bestand:Nieuwe Tijdinghen 1620-04-17 (circa) p 3 ornament.jpg|500px|center]]
{{dhr}}
{{c|{{anker|art1}}{{x-larger|{{tt|Tydinghe vvt Venetien 1621. int lest van Februarius.}}}}}}
{{initiaal|M}}En heeft schrijven wt de Coninclijcke Stadt van {{tt|Varsouien in Polen}} mette leste Brieven, hoe dat vijftich duysent {{tt|Cosacken}} zijn gevallen int Landt vanden {{tt|Turck,}} ende metten viere ende den sweerde hebben vernielt twee Steden geheeten {{tt|Bolagradt}} ende {{tt|Chilien,}} sonder aldaer yemanden het leven te schencken, ende naer dien zy alle de {{tt|Turcken}} ende {{tt|Tarteren}} die hen int veldt versamelt hadden, in stucken hadden ghehouwen, soo hebben sy verlost alle de ghevanghene {{tt|Polacken}}, die inde leste Battaillie Slaven waeren gemaeckt, wtghenomen den {{tt|Generael}} ende andere vier vande<noinclude>{{rechts|prin-}}</noinclude>
75rg2iyi5eixr9nmpnua3ylv01wdkj9
Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu/3
104
87246
223915
2026-07-07T18:55:09Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
223915
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|3}}</noinclude>principaelste Heeren, door dien den {{tt|Bassa scander}}, die s’daechs te voren hadde doen voeren op seecker plaetse gheheeten {{tt|Zekin,}} evenwel ghelooftmen dat deselve oock zijn verlost, mits dien de {{tt|Cosacken}} het gheheele Landt door hebben gheloopen, sonder eenighen wederstant, ende de verloste gevanghenen vertellen de groote nederlaghe ende verlies, d’welck de Turcken ende Tartaren hebben ghehadt, ouer de lichaemen vande welcke de voorsz. Cosacken in het wederkeeren naer Polen hebben gemarcheert, twee daghen ende twee nachten.
{{c|{{anker|art2}}{{tt|VVt Venetien vanden 12. Februarij.}}}}
{{gap}}Vande Grisonen wordt gheschreven, dat de selve Ghedeputeerde van Milano wederom zijn t’huys ghekomen sonder eenighe verrichtinghe ende zy en hebben gheen hope van eenighe andere Religie, als de Catholijcke te moghen exerceren, ende daer was gheproponeerd datmen deghene die verdreuen waren gheweest, hunne gheconfisqueerde goederen wederomme soude restitueren.<br>{{anker|art2al2}}{{gap}}Ten tweeden dat de passagie voor elck een open ende liber soude wesen.<br>{{anker|art2al3}}{{gap}}Ten derden al ist saecken int begintsel, maer vanden {{tt|Fortresse VVurmbs}} ghesproken en was, soo worden nv nochtans alle de Fortressen vant Landt gheeyscht, ende begheert.<noinclude>{{rechts|A ij{{gap|6em}}Ten}}</noinclude>
ogmeo2vhdge16ri8aixbuguu8uov854
Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu/4
104
87247
223916
2026-07-07T18:56:13Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
223916
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|4}}</noinclude><br>{{anker|art2al4}}{{gap}}Ten vierden, int stuck vande Religien salmen hem moeten reguleren, achtervolgende het {{tt|Concilio}} van {{tt|Triente}}, ende de Gheestelijcke {{tt|Institutien}} van den {{tt|Heere Bisschop van Como}} onderdanigh te wesen, ende datmen alle goederen hunlieden sedert 20. Jaren herwaerts af ghenomen, wederomme sal restitueren.
{{c|{{anker|art3}}{{tt|VVt Augsborch vanden 17, ditto.}}}}
{{gap}}Op heden zijn dese naer beschreven Heeren Ambassadeurs ende ghedeputeerde van smorgens ten 8. uren tot des middaechs ten een ure, alhier op het Raethuys vergadert geweest, ende hebben sommighe Keyserlijcke Brieven, die op heden voor Weenen zijn ghearriveert ouerlesen, zijne Genaden den Grave van Hohenzollern (die ooc alhier verwacht wordt, was noch tot Weenen, men seyt dat morgen een eynde sal hebben, ende dat de Ghedeputeerde teghen vrydagh wederomme vertrecken sullen.<br>{{anker|art3al2}}{{gap}}{{tt|Interim}} wordt tot Munchen in Beyeren groote preparatie ghemaeckt om metten eersten wederom te velde te trecken.
{{c|{{tt|Volghen de Naemen vande Ghedeputteerde.}}}}{{anker|art3al3}}{{gap}}Van wegen zijne Hooch-Vorstelijcke Doorluchtigheyt Leopoldus, den Vry Heer Frans Ernest van Kreichinge.<br>{{anker|art3al4}}{{gap}}Van weghen zijne Doorluchtigheyt in Beyeren,<noinclude>{{rechts|etc.}}</noinclude>
qvclwgc4qbatvt2768v7lts8puud7x8
Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu/5
104
87248
223917
2026-07-07T18:57:06Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
223917
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|5}}</noinclude>etc. Heer Gundacker Vry Heer van Thanberch, Heer Joachim van Donnersberch Ouersten Cancellier, ende Heer Oswalt Schus van Corenacker.<br>{{anker|art3al5}}{{gap}}Van weghen zijne Ceur-vorstelijcke Genaden van Mentz, Heer Jacob van Eltz, Domdecan tot Mentz Heer Hans Philip van Hoheneck ende Heer Doctor Heyndrick Faber.<br>{{anker|art3al6}}{{gap}}Van weghen zijne Ceur-Vorstelijcke Ghenaden van Ceulen, Heer Dietrich vander Reeck tot Curel Heer Frederick van Westphalen, Heer Cristoffel Wentzler. {{tt|V. I. L.}}<br>{{anker|art3al7}}{{gap}}Van weghen zijne Ceur-Vorstelijcke Ghenaden van Trier, Heer Hansmann van Namedy Coor-Bisschop, ende Dom Capittular, Heer Cuno van Greuensteyn Cantzelier, Heer Vlrich Schlaun Hoffgherichts Directeur.<br>{{anker|art3al8}}{{gap}}Van weghen zijne Vorstelijcke Ghenaden van Saltzborch, Heer Willem Vry Heer van Weltzberch Dom-heer, Heer Hans Jorg Schadt {{tt|V. I. L.}}<br>{{anker|art3al9}}{{gap}}Van weghen zijne Vorstelijcke Ghenaden van Wiertzbourch, Heer Conradt Frederick van Dunghen, Domproost, Heer Doctor Johan Brandt.<br>{{anker|art3al10}}{{gap}}Van weghen zijne Vorstelijcke Ghenaden van Dillinghen, Heer Christoffel van Auw Domproost, Heer Zacharias Furstenbach Dom Decan.<br>{{anker|art3al11}}{{gap}}Van weghen zijne Vorstelijcke Ghenaden van<noinclude>{{rechts|A iij{{gap|6em}}Spiers,}}</noinclude>
3q1m129nrovy84374sf2rsw9md5ejbm
Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu/6
104
87249
223918
2026-07-07T18:57:53Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
223918
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|6}}</noinclude>Spiers, Heer Otto Heyndrick van Hohener, Domsenger, Heer Jacob Zandt van Merle Erbvogt in Kam, Heer Walter Aach, Cancellier.<br>{{anker|art3al12}}{{gap}}Van weghen zijne Vorstelijcke Ghenaden van {{SIC|Eychsat|Eychstad}}, Heer Michiel van Landenberch, Domheer, Albrecht van Ratzenriedt, Dom-heer, Heer Doctor Bartolomeus Richel, Cantzelier.<br>{{anker|art3al13}}{{gap}}Van weghen Eertz-Hertoch Carels, ende des Rijcx-Pr{{grijs|[...]}}nen, in Swaben is ghedeputeerdt Heer Doctor Albrecht Eberhart, Cantzelier tot Wijngaerten.<br>{{anker|art3al14}}{{gap}}Van weghen zijne Vorstelijcke Ghenaden van Worms, Heer Frederich Steynmets Secretarius.<br>{{anker|art3al15}}{{gap}}Van weghen zijne Vorstelijcke Ghenaden van Fulda, Heer Gernandt Philips van Schwalbach.<br>{{anker|art3al16}}{{gap}}Van weghen zijne Vorstelijcke Ghenaden van Kempten, Heer Doctor Sigmundt Horensteyn.
{{c|{{anker|art4}}{{tt|VVt Praghe vanden 11. ditto.}}}}
{{gap}}Op den 5. deser is onsen {{tt|Ertz-Bisschop}} met ontrent 80. Peerden, ende sommighe waghens vande Lant-heeren ende Gheestelijckheyt alhier inne gereden, hebben hem seer feestelijcken inne ghehaelt, ende tot in zijn huys gheconvoyeert, ende men heeft opt Casteel allen de Clocken gheluyt.<br>{{anker|art4al2}}{{gap}}De 3. Pragher steden hebben aen den Ghenerael ghepresenteerd te geven 5000. florinen alle weecken,<noinclude>{{rechts|op}}</noinclude>
s9f64pwkdf6ou4i79r7h5z60oq55t32
Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu/7
104
87250
223919
2026-07-07T18:58:45Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
223919
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|7}}</noinclude>op datse gheene Soldaten meer en souden de Cost geven, het welck gheaccordeert is, ende de Soldaten zijn daer meestendeel mede te vreden.<br>{{anker|art4al3}}{{gap}}Den 6. deser zijnder Patenten ghepubliceert, dat naerdemael men tot wisselinghe vant nieu gheslaghen gelt vanden Paltz ende Staten van Bohemen ende Moravien gheslaghen, sal mogen wtgeven ende ontfanghen voor 15. 30. ende 60. Kruytzers, tot tijt ende wijlen dat zijne {{tt|Keyserlijcke Majesteyt}} sal ghearriveert wesen.
{{c|{{anker|art5}}{{tt|Tydinghe van Hamborch.}}}}
{{gap}}1621. den 24. Februarij soo is den Pfalts-grave ghepasseert ouer het ys tot Hamborch, comende van Harborch, als het Ebben vloet was, brenght mede ontrent 50. Ruyters, ende soo veel voetvolck met 3. waghens.<br>{{anker|art5al2}}{{gap}}Men seyt dat hy naer Seghebergh wilt, alwaer eenen Vorstendach in ghestelt is, ende hy is tot Hamborgh int Enghels huys ghelogheert gheweest.
{{c|{{anker|art6}}{{tt|Tydinghe vvt egher.}}}}
{{gap}}Het continueert dat die van Beyeren Slackenwaldt wederomme in ghenomen hebben, ende hebben voorleden Donderdach Elleboghen ende Falckenau, die met des Mansuelts volck beset zijn, by eenen Trompetter op gheeyscht, ende met vier stucken gheschuts derwaerts ghetrocken.<noinclude>{{rechts|Soo}}</noinclude>
2tcdaqltlxp85s0qxzd7lswphn9gu94
Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu/8
104
87251
223920
2026-07-07T18:59:19Z
Vincent Steenberg
280
/* Proefgelezen */
223920
proofread-page
text/x-wiki
<noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|8}}</noinclude><br>{{anker|art6al2}}{{gap}}Soo hebben die van Sacksen, het Mansueldich volck dapper gheslaghen, soo datter wel 500. op de plaetse zijn doot ghebleuen, zy meynden te comen rooven op de Ondersaten van den Ceurvorst van Sacxen.<br>{{anker|art6al3}}{{gap}}Den Graue van Mans-uelt soude naer Duytslant ghereyst zijn, om meerder volck aen te nemen, maer is te beduchten datmen hem soo veele tijdts niet laeten en sal, want daer wort groote preparatie ghemaeckt om hem te ouertrecken.
{{rechts|V.C.D.W.A.|4em}}
{{c|{{sp|FINI}}S.}}
{{dhr}}<noinclude></noinclude>
sla9tpacvlw2b9i584yw8spboud76f9
Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 36
0
87252
223921
2026-07-07T19:00:23Z
Vincent Steenberg
280
nieuw
223921
wikitext
text/x-wiki
<pages index="Nieuwe Tijdinghen 1621 no 036.djvu" from=1 to=8 header=1 current="[''Nieuwe Tijdinghen''], nummer 36, [vrijdag] 12 maart 1621" prev="[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 35|Nummer 35]]" next="[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 37|Nummer 37]]"/>
[[Categorie:Nieuwe Tijdinghen, 1621]]
9iv0a5q8cbc08shgsyjvu9jbwd93d5d