Wikisource nlwikisource https://nl.wikisource.org/wiki/Hoofdpagina MediaWiki 1.47.0-wmf.19 first-letter Media Speciaal Overleg Gebruiker Overleg gebruiker Wikisource Overleg Wikisource Bestand Overleg bestand MediaWiki Overleg MediaWiki Sjabloon Overleg sjabloon Help Overleg help Categorie Overleg categorie Hoofdportaal Overleg hoofdportaal Auteur Overleg auteur Pagina Overleg pagina Index Overleg index TimedText TimedText talk Module Overleg module Event Event talk Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1620-04.djvu/4 104 53019 226652 161586 2026-09-12T08:47:10Z Vincent Steenberg 280 typo 226652 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|4}}</noinclude>draghers in genade ghenomen, die sy ghedwonghen hebben hun Vendelen te dragen den geheelen wech,<br>{{gap}}{{anker|art1al3}}Wederom hebben sy op een ander reyse gemoedt vyf honderdt mannen die den Grave van Anhalts tot secours quamen, maer zijn alle te samen van de Cosacken ghezabelt gheweest.<br>{{gap}}{{anker|art1al4}}Daerenbouen noch dry Cornetten Peerden van de Cosacken hebben versocht aen den Grave Dampier hondert Musquettiers, met tweelf trommelen ende hebbense achter op hunne peerden ghestelt tot datse zijn ghecomen ter plaetsen daer den vyant was die bemerckende dat het Cosacken waeren, ende daer beneffens hoorende alle dese diueersche trommelen ende slagen, vreesende ouermant te zijn hebben hun hielen beginnen te thoonen, maer zijn door de snellicheydt der Cosacken soo verrast datter ter plaetsen ouer de duysent neer gheleet zijn. Men verwacht hier noch wel neghen duysent van die Polacksche stoffe.<br>{{gap}}{{anker|art1al5}}De Hongersche zijn nv in rust midts den Trefue tot den May, ende tusschen dien tijt moeten de Staten van dien lande vergaderen, ende mogen ter wijlen noch de eene, noch de andere zijde dienen, comen oock vry-elijck tot Weenen ende brengen hier alderhande victalie aen.<br>{{gap}}{{anker|art1al6}}Bethlem Gabor heeft van den Keyser begheerdt<noinclude>{{Rechts|schorssinge}}</noinclude> ruw9709osxwkzhvnvvwwaxesl8gp1n7 Auteur:Keizer Ferdinand II 102 58312 226640 226601 2026-09-11T20:00:58Z Vincent Steenberg 280 +bron 226640 wikitext text/x-wiki {{Infobox auteur |nationaliteit=Duits |taal=Duits |werken=Zie lijst }} == Werken == *Ferdinandus II (1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/De Rom. Keys. Majesteyt Ferdinandi II. Monotorial Mandaten|''De Rom. Keys. Majesteyt Ferdinandi II. Monotorial Mandaten, Aen de Cheur Pfaltz, Nopende de quitteringhe ende Ruyminghe vant’ Coninck-rijck Bohemen, mette Gheincorporeerde Landen''. […]]], Hantwerpen: Abraham Verhoeven. *Ferdinandus den tweeden (1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/Nieuwe Placcaten vande Keyserlijcke Majesteyt, Ferdinandus den tweeden|''Nieuwe Placcaten vande Keyserlijcke Majesteyt, Ferdinandus den tweeden, Aen alle Rijckxsteden, die hun met de Boheemsche Rebellen deelachtig ghemaeckt hebben, etc.'']], Hantwerpen: Abraham Verhoeuen. *Ferdinand (1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 oktober (2)|Copya van diversche schriftelijcke Commissien ende Placcaten by de Roomsche Keyserlijcke Majesteyt aen zijne Vorstelijcke Doorlu. den Hertoge van Beyeren, etc. ouer gesonden, raeckende de gerebelleerde Bohemen, als ooc die vant Lant op der Ens]]'', T’hantwerpen: By Abraham Verhoeven. *Ferdinand (1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 30 oktober (1)|Waerachtighe coppyen van sommighe Placcaten ende Brieven by de Roomsche Keyserlijcke Majesteyt als oock by zijn Exc. den Marqvuis Soinola gepubliceert ende geschreven aen die Staten van den Rijnstroom ende Wetteravischen Cierkels, reackende de verseeckeringhe vande Sauuegarde, etc. Ghedurende desen Neder-Bourgontschen Krijchs-leger]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeven. *Ferdinand (1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 30 oktober (2)|Keyserlijck schrijven aen zijn Excellentie Marqvis Spinola pro Bescherminghe ende Sauvegarde, voor de Ridderschap aenden Rijnstroom]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeven. *Ferdinand (1620) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 30 oktober (3)|Onse ende des Rijckx Lieve, Ghetrouwe N. hooft-lieden, raden, commissarissen, der Ghevreyde Ridderschap aenden Rijnstroom, wetterou, ende d’ander toebehoorende plaetsen derselver, samentlijck ende besonderlijck]]'', T’Hantwerpen: By Abraham Verhoeuen. *Ferdinandus den tweeden (1621) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 38|Der H. Keyserlycker, ende van Germanien, Hungharijen, Bohemen, &c. Konincklijcker Majesteyt Edictale Cassatie vande Onwettelijcke, Pretensie, ende in Recht Nulle verkiesinghe Gabriel Bethlens in’t Coninck-Rijck van Hungharijen: ende Annullatie van alle Acten, Tractaten, ende Conclusien inde Landt-daghen van Presborgh ende Nieuwen-zol]]'', T’hantwerpen: By Abraham Verhoeuen. *Ferdinandus den tweeden (1621) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 39|Copia vanden Keyserlycken, Ban, Acht, oft Bannissement, ghedeclareert teghens Hans Georgen den Ouden, Marck-Grave van Brandenborch, met Cristaen Vorst van Anhalt, ende George Frederick Graue van Hohenlohe, &c.]]'', T’Hantwerpen: by Abraham Verhoeven. *Ferdinandt (1629) ''[[s:de:Restitutionsedikt|Abtruck, einer Käyserlichen Declaration. So Ihre Käyserl: May: wegen deß Geistlichen vorbehalts, beym Religions Frieden, vnnd daher rührenden restitution, der Geistlichen Gueter herauß kommen lassen, auch nachzutrucken anbefohlen]]'', Zu Rostock: Bey Johan Hallervord. {{DEFAULTSORT:Ferdinand 2}} [[Categorie:Duits auteur]] 2owy06lnfitx45pllz54vf1ucxqo5tl Hoofdportaal:Geschiedenis/Duitsland/Anhalt-Bernburg 100 64702 226642 223211 2026-09-11T20:02:56Z Vincent Steenberg 280 +bron 226642 wikitext text/x-wiki {{Infobox thema | naam = Geschiedenis van het vor&shy;sten&shy;dom Anhalt-Bernburg | afbeelding = Bernburg-1650-Merian.jpg | alt = de stad Bernburg in 1650 | beschrijving = Bronnen bij de geschiedenis van het [[w:nl:Vorstendom Anhalt-Bernburg (1606-1806)|vorstendom Anhalt-Bernburg]]. }} == Vorsten en leden van vorstenhuizen == ;Christiaan I van Anhalt-Bernburg (1568-1630) *Anoniem ([ca. 20 februari] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 20 februari#art1|‘Wt Praghe [1]’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-5. *Anoniem ([10] april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/april#art1al3|‘Wt Weenen xj. Meert 1620’, alinea 3]] en [[Nieuwe Tijdinghen/1620/april#art1al8|8]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p. 3-8. *Anoniem (2 mei 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/2 mei/VVt Praghe den 17. April|‘VVt Praghe den 17. April’, alinea 7]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘den Prince van Anhalt’). *Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (1)#art2|‘Wt Praghe den 12. April 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6. *Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Praghe, den 7 dito|‘VVt Praghe, den 7 dito. [= 7 september 1620]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1] (als ‘de Prince Christiaen van Anhalt’). *Anoniem (9 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/9 oktober (1)#art1|‘UUt weenen den xvij. Septembris’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. *Anoniem (14 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/14 oktober (1)#art3al6|‘Wt Praghe’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7. *Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt Prage,den 2 October|‘VVt Prage,den 2 October’, alinea 5]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1-2] (als ‘Prince van Anhalt’). *Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Ambergh den 20. November, 1620|‘Wt Ambergh den 20. November, 1620’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1]. *Anoniem (5 december 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/5 december/Wt Ausburgh den 21. dito|‘Wt Ausburgh den 21. dito. [= 21 november 1620]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1]. *Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 2. Februarij|‘Wt Weenen den 2. Februarij’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1]. *Anoniem (12 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/12 mei/Men verstaet dat|‘Men verstaet dat den Keur-Vorst van Saxen de Achts-verclaringhe teghens den Vorst Christiaen van Anholt niet wil executeren, […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;2]. ;Christiaan I van Anhalt-Bernburg; rijksban, januari 1621 *Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 29#art1al5|‘Relaes vande groote victorie tot Westerhouen by Worms, ende van de nieuvve oprustinghe des Crijs-volck in Brabandt, Vlaenderen, Lorreynen, &c.’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. *Ferdinandus den tweeden (16 maart 1621) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 39|Copia vanden Keyserlycken, Ban, Acht, oft Bannissement, ghedeclareert teghens Hans Georgen den Ouden, Marck-Grave van Brandenborch, met Cristaen Vorst van Anhalt, ende George Frederick Graue van Hohenlohe, &c.]]'', T’Hantwerpen: by Abraham Verhoeven. [[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]] gxdhx337yrow09e32imtc2fpjyi5vb5 Hoofdportaal:Geschiedenis/Frankrijk/Historische figuren/17e eeuw 100 67291 226650 226550 2026-09-12T08:25:35Z Vincent Steenberg 280 bronnen toegevoegd/verplaatst 226650 wikitext text/x-wiki {{Infobox thema | naam = 17e-eeuwse historische figuren uit Frankrijk | afbeelding = Eight Famous 17th-century Frenchmen.jpg | alt = Acht beroemde 17e-eeuwse Fransen | beschrijving = Bronnen bij politieke figuren en figuren van landelijk-historisch belang die leefden in Frankrijk in de 17e eeuw. }} ;Albret, Honoré d' (1581-1649), hertog van Chaulnes *Anoniem (15 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 5#art3al4|‘Wt Parijs den 7. Ianuarij 1621’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6 (vermeld als ‘Monsieur de Cadinet’). *Anoniem (10 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 33#art3|‘Wt s’Grauen-haghe vanden lesten Ianuarij. 1621’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6 (vermeld als ‘Monsieur de Cadenet’). *Anoniem (10 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 34#art2|‘Tydinghe vvt Londen’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6 (vermeld als ‘Monsieur le Marischal de Cadenet’). *Anoniem (29 maart 1636) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1636/Nummer 13/Wt Parijs den 8. Maert|‘Wt Parijs den 8. Maert’, alinea 5]], ''Tydingen uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘Den Hertogh van Chaune’). ;Barbier, Louis (1593-1670) *Anoniem (6 maart 1653) [[Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen/1653/Nummer 10#art1al6|‘Uyt Parijs den 28. February 1653’, alinea 6]], ''Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen'', p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘Monsieur l’Abé de la Riviere’). ;Bassompierre, François de (1579-1646) *Anoniem (10 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/VVt Venetien den 16. dito|‘VVt Venetien den 16. dito. [= 16 maart 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (François de Bassompierre vermeld als ‘Monsieur van Pasampier’). ;Béthune, Maximilien II de (1588-1634) *Anoniem (16 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/16 oktober (1)#art4|‘Wt Parijs. 8. October’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;7 (vermeld als de ‘Marquis van Rosnij’). ;Béthune, Philippe de (ca. 1566-1649) *Anoniem (18 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/18 augustus (2)#art1al6|‘Wt weenen in Oostenrijck’, alinea 6]], [[Nieuwe Tijdinghen/1620/18 augustus (2)#art1al8|8]] en [[Nieuwe Tijdinghen/1620/18 augustus (2)#art1al9|9]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. ;Bordes d'Espoeny, Philippe de (1639-1702) *Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Straesburg den 20 July|‘Straesburg den 20 July’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1-2]. ;Boufflers, Louis-François de (1644-1711) *Anoniem (23 september 1690) [[Amsterdamsche Courant/1690/23 september/Ehrenbretsteyn den 17 September|‘Ehrenbretsteyn den 17 September’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. *Anoniem (23 september 1690) [[Amsterdamsche Courant/1690/23 september/Ceulen den 19 September|‘Ceulen den 19 September’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. *Anoniem (23 september 1690) [[Amsterdamsche Courant/1690/23 september/Luyk den 19 September|‘Luyk den 19 September’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. ;Bourbon-Condé, Armand van (1629-1666) *Anoniem (6 maart 1653) [[Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen/1653/Nummer 10#art1al8|‘Uyt Parijs den 28. February 1653’, alinea 8]], ''Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen'', p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘de Prins van Conty’). ;Bourbon-Condé, Hendrik II van (1588-1646) *Anoniem (13 maart 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 maart (1)#art2|‘Nieuwe tijdinghe van Parijs den xxvij. Februarij 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-7. *Anoniem (25 januari 1639) [[Ordinarise Middel-weeckse Courante/1639/Nummer 4/Wt Parijs den 15. Iannuario|‘Wt Parijs den 15. Iannuario’]], ''Extra-ordinaire of Midde-weeckse Courante'', [p.&nbsp;1]. ;Bourbon-Soissons, Lodewijk van (1604-1641) *Anoniem (29 maart 1636) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1636/Nummer 13/Wt Metz den 28. Februarij|‘Wt Metz den 28. Februarij’]], ''Tydingen uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘Den Grave van Soissons’). *Anoniem (29 maart 1636) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1636/Nummer 13/Wt Parijs den 8. Maert|‘Wt Parijs den 8. Maert’, alinea 7]], ''Tydingen uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘Comte de Soison’). ;Brancas, Georges de (1565-1657) *Anoniem (26 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 april/Wt Vranckrijck|‘Wt Vranckrijck werdt gheschreven, […]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;2] (Georges de Brancas vermeld als ‘Monsieur de Vilirs’). ;Catinat, Nicolas (1637-1712) *Anoniem (23 september 1690) [[Amsterdamsche Courant/1690/23 september/Milaen den 6 September|‘Milaen den 6 September’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;1]. ;Chalon du Blé, Nicolas (1652-1730) *Anoniem (6 maart 1700) [[Opregte Haarlemsche Courant/1700/Zaterdageditie, nummer 10/Parijs den eersten Maert|‘Parijs den eersten Maert’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘den Marquis d’Uxelles’). ;Choiseul, César de (1602-1675), 1e hertog van Choiseul *Anoniem (18 oktober 1650) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1650/Nummer 43/Uyt Reims in Champaigne den 3 October|‘Uyt Reims in Champaigne den 3 October’]], ''Ordinaris Dingsdaegsche Courante'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘den Mareschal Plessy Praslin’). ;Colbert, Jean-Baptiste (1619-1683) *Anoniem (2 september 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Donderdageditie, nummer 35/Parijs den 27 Augustus (2)|‘Parijs den 27 Augustus’]], ''Extraordinaire Haerlemse Donderdaeghse Courant'', [p.&nbsp;1]. ;Créquy, François de (1629-1687) *Anoniem (10 september 1675) [[Amsterdamsche Courant/1675/Nummer 37/Ceulen den 6 September|‘Ceulen den 6 September’]], ''Amsterdamsche Dinghsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1-2]. *Anoniem (10 september 1675) [[Amsterdamsche Courant/1675/Nummer 37/Maestricht den 7 September|‘Maestricht den 7 September’]], ''Amsterdamsche Dinghsdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. ;Crespin du Bec, François René (1621-1688) *Anoniem (9 november 1666) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1666/Nummer 45/Parijs den 29 October (2)|‘Parijs den 29 October’]], ''Ordinaris Dingsdaeghse Courant'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘den Marquis de Vardes’). ;Crevant, Louis de, hertog van Humières (ca. 1628-1694) *Anoniem (30 oktober 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Zaterdageditie, nummer 44/Gent den 27 October|‘Gent den 27 October’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. *Anoniem (30 oktober 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Zaterdageditie, nummer 44/Brussel den 27 October (1)|‘Brussel den 27 October [1]’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. *Anoniem (30 oktober 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Zaterdageditie, nummer 44/Brussel den 27 October (2)|‘Brussel den 27 October [2]’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. ;Duquesne, Abraham (ca. 1610-1688) *Anoniem (2 september 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Donderdageditie, nummer 35/Parijs den 27 Augustus (1)|‘Parijs den 27 Augustus’]], ''Extraordinaire Haerlemse Donderdaeghse Courant'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘Monsr. du Quesne’). *Anoniem (30 oktober 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Zaterdageditie, nummer 44/Parijs den 26 October|‘Parijs den 26 October’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. ;Durfort, Henri de (1625-1704), 1e hertog van Duras *Anoniem (10 september 1675) [[Amsterdamsche Courant/1675/Nummer 37/Straesburgh den 2 September|‘Straesburgh den 2 September’]], ''Amsterdamsche Dinghsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1]. ;Estampes de Valençay, Jean d' (1595-1671) *Anoniem (25 januari 1639) [[Ordinarise Middel-weeckse Courante/1639/Nummer 4/Den 20. deser|‘Den 20. deser […] is in s’ Graven Haghe […] gearriveert, den Ambassadeur van sijn Majesteyt van Vranckrijck, […]’]], ''Extra-ordinaire of Midde-weeckse Courante'', [p.&nbsp;2]. ;Estrées, Jean d’ (1624-1707), graaf van Estrées *Anoniem (4 februari 1670) [[Amsterdamsche Courant/1670/Nummer 5/Parijs den 24 dito|‘Parijs den 24 dito. [= 24 januari 1670]’]], ''Amsteldamsche Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘de Grave d’Eſtres’). ;Fabert, Abraham de (1599-1662) *Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Wt Lutzenburgh, den 8 February|‘Wt Lutzenburgh, den 8 February’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘den Heer Faber’). ;Fouquet, Nicolas (1615-1680) *Anoniem (25 februari 1653) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1653/Nummer 9/Uyt Parijs, den 15 dito|‘Uyt Parijs, den 15 dito. [= 15 februari 1653]’]], ''Ordinaris Dingsdaeghse Courante'', [p.&nbsp;1-2]. *Anoniem (17 januari 1662) [[Ordinarise Middel-weeckse Courante/1662/Nummer 3/Vyt Parys, den 11 dito|‘Vyt Parys, den 11 dito. [= 11 januari 1662]’]], ''Ordinarise Middel-weeckse Courante'', [p.&nbsp;2]. ;Gassion, Jean de (1609-1647) *Anoniem (19 september 1645) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1645/Nummer 38/Uyt Antwerpen den 14 dito|‘Uyt Antwerpen den 14 dito. [= 14 september 1645]’]], ''Ordinaris Dingsdaegsche Courante'', [p.&nbsp;2]. *Anoniem (7 november 1645) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1645/Nummer 45/Uyt Comine den 23 dito|‘Uyt Comine den 23 dito. [= 23 oktober 1645]’]], ''Ordinaris Dingsdaegsche Courante'', [p.&nbsp;1]. ;Gonzaga, Carlo I (1580-1637), hertog van Nevers *Anoniem (13 maart 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 maart (2)#art5|‘Van Parijs den 5. Meert 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;7-8. ;Grimaldi, Annibale, graaf van Beuil (ca. 1565-1621) *Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Venetien den 5. Februarij, 1621|‘Wt Venetien den 5. Februarij, 1621’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘de Graef van Boglio’). *Anoniem (26 februari 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 februari/VVt Venetien, den 8. dito|‘VVt Venetien, den 8. dito. [= 8 februari 1621]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1] (als ‘die Grave van Boglio’). ;Guise, Frans van (1612-1639) *Anoniem (13 maart 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 maart (1)#art2|‘Nieuwe tijdinghe van Parijs den xxvij. Februarij 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-7 (Frans van Guise vermeld als ‘den oudtsten Sone vanden Hertoch van Guise’). ;Guise, Karel I van (1571-1640) *Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 24#art1|‘Tydinghe vvt Parys 1621. in Ianuarij’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. *Anoniem (27 februari 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/27 februari#art4|‘Met Brieuen van Parijs xv. Februarij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6. ;Harcourt, Hendrik van (1601-1666) *Anoniem (19 september 1645) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1645/Nummer 38/Uyt ’t Leger van Termes in Catalonien den 20 dito|‘Uyt ’t Leger van Termes in Catalonien den 20 dito. [= 20 augustus 1645]’]], ''Ordinaris Dingsdaegsche Courante'', [p.&nbsp;1]. ;Joyeuse, Antoine Français de, graaf van Grandpré (1602-1658) *Anoniem (6 maart 1653) [[Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen/1653/Nummer 10#art1al3|‘Uyt Parijs den 28. February 1653’, alinea 3]], ''Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen'', p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘de Graef van Grand Prè’). ;L'Aubespine, Charles de (1580-1653) *Anoniem (18 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/18 augustus (2)#art1al6|‘Wt weenen in Oostenrijck’, alinea 6]] en [[Nieuwe Tijdinghen/1620/18 augustus (2)#art1al9|9]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7 (vermeld als ‘Monsieur de Preaux’). ;La Ferté-Senneterre, Henri de (1599-1681) *Anoniem (25 februari 1651) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1651/Nummer 8/Wt Mouson den 11 dito|‘Wt Mouson den 11 dito. [= 11 februari 1651]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1-2] (vermeld als ‘Den Marquiz la Ferte Seneterre’). *Anoniem (6 maart 1653) [[Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen/1653/Nummer 10#art1al6|‘Uyt Parijs den 28. February 1653’, alinea 6]], ''Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen'', p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘de Marquis de la Ferté Senesterre’). *Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Van den Rhijnstroom, den 16 dito|‘Van den Rhijnstroom, den 16 dito. [= 16 februari 1654]’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘den Mareschal de la Ferte’). ;La Feuillade, François d’Aubusson de (1631-1691) *Anoniem (10 september 1675) [[Amsterdamsche Courant/1675/Nummer 37/Straesburgh den 2 September|‘Straesburgh den 2 September’]], ''Amsterdamsche Dinghsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1]. *Anoniem (10 september 1675) [[Amsterdamsche Courant/1675/Nummer 37/Maestricht den 7 September|‘Maestricht den 7 September’]], ''Amsterdamsche Dinghsdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. ;La Mothe-Houdancourt, Philippe de (1605-1657) *Anoniem (17 januari 1645) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1645/Nummer 3/Uyt Lyons den 31 dito|‘Uyt Lyons den 31 dito. [= 31 december 1644]’]], ''Ordinaris Dingsdaegsche Courante'', [p.&nbsp;1]. ;La Tour d'Auvergne, Henri de, burggraaf van Turenne (1611-1675) *Anoniem (8 maart 1650) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1650/Nummer 11/Wt Parijs den 26 dito|‘Wt Parijs den 26 dito. [= 26 februari 1650]’]], ''Ordinaris Dingsdaeghsche Courante'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘den Mareschal van Turenne’). *Anoniem (8 maart 1650) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1650/Nummer 11/Wt Mommede den 28 dito|‘Wt Mommede den 28 dito. [= 28 februari 1650]’]], ''Ordinaris Dingsdaeghsche Courante'', [p.&nbsp;2]. *Anoniem (25 februari 1651) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1651/Nummer 8/Wt Ceulen den 17 dito|‘Wt Ceulen den 17 dito. [= 17 februari 1651]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;2] (als ‘Den Ghenerael Turenne’). *Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Wt Lutzenburgh, den 8 February|‘Wt Lutzenburgh, den 8 February’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘den Mareschal Turenne’). ;La Trémoïlle, Henri III de (1598-1674) *Anoniem (29 maart 1636) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1636/Nummer 13/Wt Parijs den 8. Maert|‘Wt Parijs den 8. Maert’, alinea 6]], ''Tydingen uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘Duc de Tremouille’). *Anoniem (6 maart 1653) [[Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen/1653/Nummer 10#art2al5|‘Vyt s’ Graven-Hage den 6. Martij 1653’, alinea 5]], ''Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen'', p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘De Prins van Tarente’). ;Le Peletier, Claude (1631-1711) *Anoniem (30 oktober 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Zaterdageditie, nummer 44/Parijs den 26 October|‘Parijs den 26 October’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2]. ;Longueville, Frans van (1570-1631) *Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 24#art1al4|‘Tydinghe vvt Parys 1621. in Ianuarij’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4 (vermeld als ‘Conte de Sint Paul’). ;Longueville, Hendrik II van (1595-1663) *Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 24#art1al4|‘Tydinghe vvt Parys 1621. in Ianuarij’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4 (vermeld als ‘Longe Ville’). *Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Wt Parys, den 14 dito|‘Wt Parys, den 14 dito. [= 14 februari 1654]’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2]. ;Lorraine-Vaudémont, Charles Henri de (1649-1723) *Anoniem (10 september 1675) [[Amsterdamsche Courant/1675/Nummer 37/Ceulen den 6 September|‘Ceulen den 6 September’]], ''Amsterdamsche Dinghsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1-2]. ;Lotharingen, Francesca van (1592-1669) *Anoniem (6 maart 1653) [[Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen/1653/Nummer 10#art1|‘Uyt Parijs den 28. February 1653’]], ''Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen'', p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘de Hertoginne van Mercoeur’). ;Luynes, Charles de (1578-1621) *Anoniem (januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 10#art2|‘Tijdinghe wt Vranckrijck, in Parijs’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;4-8. *Anoniem (10 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 35#art1al4|‘Tydinghe vvt Venetien’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;2-3 (vermeld als ‘den Hertoch van Luines’). *Anoniem (26 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 april/Wt Vranckrijck|‘Wt Vranckrijck werdt gheschreven, […]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;2]. ;Mancini, Philippe Jules (1641-1707) *Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Wt Parys, den 14 dito|‘Wt Parys, den 14 dito. [= 14 februari 1654]’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘Maucint’ [sic]). ;Mayenne, Hendrik van (1578-1621) *Anoniem ([15 juni 1619]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1619/15 juni/Nederlantsche tydinghe den 14 Iunius|‘Nederlantsche tydinghe den 14 Iunius’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''] (als ‘Ducq de Meyne’). ;Mazarin, Jules (1602-1661) *Anoniem (7 november 1645) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1645/Nummer 45/Uyt Parijs den 28 dito|‘Uyt Parijs den 28 dito. [= 28 oktober 1645]’, alinea 3]], ''Ordinaris Dingsdaegsche Courante'', [p.&nbsp;1]. *Anoniem (25 februari 1651) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1651/Nummer 8/Wt Antwerpen den 22 dito|‘Wt Antwerpen den 22 dito. [= 22 februari 1651]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;2]. *Anoniem (25 februari 1653) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1653/Nummer 9/Uyt Parijs, den 15 dito|‘Uyt Parijs, den 15 dito. [= 15 februari 1653]’]], ''Ordinaris Dingsdaeghse Courante'', [p.&nbsp;1-2]. *Anoniem (6 maart 1653) [[Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen/1653/Nummer 10#art1|‘Uyt Parijs den 28. February 1653’]], ''Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen'', p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘de Cardinael Mazarijn’). *Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Wt Parys, den 14 dito|‘Wt Parys, den 14 dito. [= 14 februari 1654]’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2]. ;Mesmes, Jean-Antoine de (1640-1709) *Anoniem (27 juni 1684) [[Opregte Haarlemsche Courant/1684/Dinsdageditie, nummer 26/’s Gravenhage den 25 Juny|‘’s Gravenhage den 25 Juny’]], ''Oprechte Haerlemse Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘den Heer Grave d’Avaux’). ;Montmorency, Frans van (1628-1695) *Anoniem (23 september 1690) [[Amsterdamsche Courant/1690/23 september/Cortryk den 18 September|‘Cortryk den 18 September’]], ''Amsterdamse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘den Marchal de Luxenburg’). ;Montsaulnin, Charles, graaf van Montal (ca. 1619-1696) *Anoniem (30 oktober 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Zaterdageditie, nummer 44/Brussel den 27 October (2)|‘Brussel den 27 October [2]’]], ''Oprechte Haerlemse Saturdaegse Courant'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘Monsr. de Montal’). ;Mouchy, Charles de, markies van Hocquincourt (1599-1658) *Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Wt Parys, den 14 dito|‘Wt Parys, den 14 dito. [= 14 februari 1654]’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘Den Mareschal van Horquincourt’). ;Nogaret de Foix, Louis-Charles de (1627-1658) *Anoniem (25 februari 1653) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1653/Nummer 9/Uyt Bordeaux, den 6 February|‘Uyt Bordeaux, den 6 February’]], ''Ordinaris Dingsdaeghse Courante'', [p.&nbsp;1] (als ‘den Hertogh van Candale’). ;Nogaret de La Valette, Louis de (1593-1639) *Anoniem (29 maart 1636) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1636/Nummer 13/Wt Parijs den 8. Maert|‘Wt Parijs den 8. Maert’, alinea 2]], ''Tydingen uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘den Cardinael de la Valette’). ;Nogoret de La Valette, Jean Louis de *Anoniem (15 mei 1619) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1619/15 mei/VVt Ceulen, den 11. May|‘VVt Ceulen, den 11. May’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'' (als ‘de Hertoch van Espernon’). ;Nompar de Caumont, Jacques (1558-1652) *Anoniem (28 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/28 november#art4|‘VVt Parijs den 18. Nouember’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;7-8 (vermeld als ‘Mons de La Force’). ;Palts-Simmern, Anna Henriëtta van (1648-1723) *Anoniem (4 februari 1670) [[Amsterdamsche Courant/1670/Nummer 5/Parijs den 24 dito|‘Parijs den 24 dito. [= 24 januari 1670]’]], ''Amsteldamsche Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘de Hertoginne van Enguien’). ;Pas Feuquières, Isaac de (1618-1688) *Anoniem (6 maart 1653) [[Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen/1653/Nummer 10#art1al7|‘Uyt Parijs den 28. February 1653’, alinea 7]], ''Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen'', p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘De Marquis de Fesquiere’). ;Pidou de Saint Olon, François (1640-1720) *Anoniem (23 november 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Dinsdageditie, nummer 47/Genoua den 30 October|‘Genoua den 30 October’]], ''Oprechte Haerlemse Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1]. ;Puysieulx, Roger Brûlart de (1640-1719) *Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Solothurn den 17 July|‘Solothurn den 17 July’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1]. *Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Basel den 19 July|‘Basel den 19 July’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1]. *Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Geneve den 19 July|‘Geneve den 19 July’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1]. ;Richelieu, Kardinaal de (1585-1642) *Anoniem (29 maart 1636) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1636/Nummer 13/Wt Parijs den 8. Maert|‘Wt Parijs den 8. Maert’, alinea 2 en 4]], ''Tydingen uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘den Cardinael Hertogh’). ;Rohan, Hendrik II van (1579-1638) *Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 24#art1|‘Tydinghe vvt Parys 1621. in Ianuarij’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. *Anoniem (29 maart 1636) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1636/Nummer 13/Wt Basel den 6. Maert|‘Wt Basel den 6. Maert’, alinea 2]], ''Tydingen uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;1]. ;Roquelaure, Gaston-Jean-Baptiste de (1617-1683) *Anoniem (6 maart 1653) [[Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen/1653/Nummer 10#art1|‘Uyt Parijs den 28. February 1653’]], ''Wekelycke Nieus Uyt Vranckryck Engelant Ende andre Plaetsen'', p.&nbsp;5-7. ;Rouxel, Jacques, graaf van Grancey (1603-1680) *Anoniem (21 februari 1654) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1654/Nummer 8/Wt Turin, den 30 dito|‘Wt Turin, den 30 dito. [= 30 januari 1654]’]], ''Tijdinge uyt verscheyden Quartieren'', [p.&nbsp;1]. ;Saint-Nectaire, Henri François de (1657-1703) *Anoniem (2 september 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Donderdageditie, nummer 35/Parijs den 27 Augusti|‘Parijs den 27 Augusti’]], ''Extraordinaire Haerlemse Donderdaeghse Courant'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘den Hertog de la Ferté’). ;Savoye, Eugenius van (1663-1736) *Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Weenen den 16 July|‘Weenen den 16 July’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1]. ;Savoye-Nemours, Hendrik I van (1572-1632) *Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 24#art1al4|‘Tydinghe vvt Parys 1621. in Ianuarij’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4 (vermeld als ‘Nemuars’). ;Souches, Jean-Louis Raduit de (1608-1682) *Anoniem (9 november 1666) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1666/Nummer 45/Weenen den 25 October|‘Weenen den 25 October’]], ''Ordinaris Dingsdaeghse Courant'', [p.&nbsp;1]. ;Tellier, François-Michel le (1641-1691) *Anoniem (2 september 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Donderdageditie, nummer 35/Parijs den 27 Augustus (2)|‘Parijs den 27 Augustus’]], ''Extraordinaire Haerlemse Donderdaeghse Courant'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘Monsr. de Louvois’). *Anoniem (2 september 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Donderdageditie, nummer 35/Rijssel den 29 Augustus|‘Rijssel den 29 Augustus’]], ''Extraordinaire Haerlemse Donderdaeghse Courant'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘Monsr. de Louvois’). *Anoniem (2 september 1683) [[Opregte Haarlemsche Courant/1683/Donderdageditie, nummer 35/Gent den 29 Augusti|‘Gent den 29 Augusti’]], ''Extraordinaire Haerlemse Donderdaeghse Courant'', [p.&nbsp;2] (vermeld als ‘den Marquis de Louvois’). ;Trémoïlle, Henri III de la (1598-1674) *Anoniem (10 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 33#art3al4|‘Wt s’Grauen-haghe vanden lesten Ianuarij. 1621’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6 (vermeld als ‘Tremouille’). ;Valois, Karel van, hertog van Angoulême (1573-1650) *Anoniem (13 maart 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 maart (1)#art2|‘Nieuwe tijdinghe van Parijs den xxvij. Februarij 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-7 (Karel van Valois vermeld als ‘den Hertoch van Angoulesme’). ;Vauban, Sébastien Le Prestre de (1633-1707) *Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Straesburg den 20 July|‘Straesburg den 20 July’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1-2]. ;Vendôme, Frans van (1616-1669), hertog van Beaufort *Anoniem (9 november 1666) [[Ordinaris Dingsdaeghse Courante/1666/Nummer 45/Parijs den 29 October (1)|‘Parijs den 29 October’]], ''Ordinaris Dingsdaeghse Courant'', [p.&nbsp;1]. ;Villars, Claude Louis Hector de (1653-1734) *Anoniem (29 juli 1698) [[Amsterdamsche Courant/1698/Nummer 90/Straesburg den 20 July|‘Straesburg den 20 July’]], ''Amsterdamse Dingsdaegse Courant'', [p.&nbsp;1-2]. ;Overige 17e-eeuwse Franse figuren *[[Hoofdportaal:Geschiedenis/Frankrijk/Historische figuren/17e eeuw/Lodewijk II van Bourbon-Condé|Lodewijk II van Bourbon-Condé]] *[[Hoofdportaal:Geschiedenis/Frankrijk/Historische figuren/17e eeuw/Henri Duval|Henri Duval, graaf van Dampierre]] [[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]] ngw1w1j6arcdvu1ahcy06va2dsorfg6 Hoofdportaal:Geschiedenis/Duitsland/Hohenlohe-Weikersheim 100 76309 226643 223473 2026-09-11T20:03:52Z Vincent Steenberg 280 +bron 226643 wikitext text/x-wiki {{Infobox thema | naam = Geschiedenis van het graafschap Hohenlohe-Weikersheim | afbeelding = "Seit 200 Jahren lebt niemand mehr im Schloss". 23.jpg | alt = het Renaissanceslot in Weikersheim | beschrijving = Bronnen bij de geschiedenis van het [[w:Graafschap Hohenlohe|graafschap Hohenlohe]]-Weikersheim }} == Vorsten en leden van vorstenhuizen == === 17e eeuw === ;Georg van Hohenlohe-Weikersheim (1569-1645) *Anoniem ([ca. 20 februari] 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 20 februari#art3al4|‘Wt Praghe [2]’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘den Grave van Hollack’). *Anoniem (13 maart 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 maart (2)#art1al2|‘Met tijdinghe van Weenen den 19. Februarij’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-5 (vermeld als ‘den Graef van Hollach’). *Anoniem (28 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/28 april#art1al2|‘Wt Prage den 1. April 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. *Anoniem (5 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/5 juni (2)#art2|‘Wt Praghe den 18. Mey 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;4-5. *Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Praghe, den 7 dito|‘VVt Praghe, den 7 dito. [= 7 september 1620]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘de Grave van Holack’). *Anoniem (11 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/11 december (1)#art6|‘VVt Amberg den 20. Nouember’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;8. *Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 2. Februarij|‘Wt Weenen den 2. Februarij’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (vermeld als ‘Graef Fredrick van Hollack’). ;Georg van Hohenlohe-Weikersheim; Slag op de Witte Berg, 8 november 1620 :[[Afbeelding:1rightarrow.png|15px]] [[Hoofdportaal:Geschiedenis/Tsjechië/17e eeuw/Slag op de Witte Berg]] ;Georg van Hohenlohe-Weikersheim; rijksban, januari 1621 *Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 29#art1al5|‘Relaes vande groote victorie tot Westerhouen by Worms, ende van de nieuvve oprustinghe des Crijs-volck in Brabandt, Vlaenderen, Lorreynen, &c.’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. *Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 31#art1al4|‘VVt VVeenen vanden lesten Ianuarij. 1621’, alinea 4-7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;2-5 (vermeld als ‘Iorg Frederich van Hohenlœ’). *Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 31#art2al10|‘Tijdinghe vvt Weenen vanden 27. ditto. [= 27 januari 1621]’, alinea 10]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘de Grave van Hollach’). *Ferdinandus den tweeden (16 maart 1621) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 39|Copia vanden Keyserlycken, Ban, Acht, oft Bannissement, ghedeclareert teghens Hans Georgen den Ouden, Marck-Grave van Brandenborch, met Cristaen Vorst van Anhalt, ende George Frederick Graue van Hohenlohe, &c.]]'', T’Hantwerpen: by Abraham Verhoeven. [[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]] qb7u031obk8f6qoikjdv3zsodmdpjvn Hoofdportaal:Geschiedenis/Tsjechië/Hertogdom Jägerndorf/Johan George van Brandenburg-Jägerndorf 100 85795 226641 223472 2026-09-11T20:02:14Z Vincent Steenberg 280 +bron 226641 wikitext text/x-wiki {{Infobox thema | naam = Johan George van Brandenburg-Jägerndorf | afbeelding = Jg jäg.jpg | alt = Gravure door Matthäus Merian, 1662 | beschrijving = Bronnen bij [[w:Johan George van Brandenburg-Jägerndorf|Johan George van Brandenburg-Jägerndorf]] }} *Anoniem (7 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/7 oktober (2)#art3al4|‘Wt Praghe vanden 13. ditto. [= 13 september 1620]’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6 (vermeld als ‘de Marcgrave’). *Anoniem (14 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/14 oktober (1)#art3al7|‘Wt Praghe’, alinea 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7. *Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt Prage,den 2 October|‘VVt Prage,den 2 October’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1-2]. *Anoniem (11 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/11 december (1)#art5|‘Tijdinghe vvt Buddissin den 19 Nouember, 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-8. *Anoniem (12 december 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/12 december/Van Ceulen den 5 December|‘Van Ceulen den 5 December’, alinea 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1-2]. *Anoniem (30 december 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/30 december (2)#art1al5|‘VVaerachtighe Tydinghe van Duytslant, ende hoe dat den Bethlehem Gabor de Croone van Hongarijen mede ghenomen heeft’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. *Anoniem (15 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 5#art6|‘VVt Dresden in Saxenlandt den 4. Ianuarij’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;7-8. *Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 2. Februarij|‘Wt Weenen den 2. Februarij’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1]. *Anoniem (23 februari 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/23 februari/Wt Weenen den 6. dito|‘Wt Weenen den 6. dito. [= 6 februari 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;2] (als ‘de Marckgrave van Jagersdorp’). *Anoniem (20 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/20 maart/Wt Leypsich den 5. Martij|‘Wt Leypsich den 5. Martij’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘Die Marckgrave van Jaghersdorp’). *Anoniem (27 maart 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/27 maart/Wt Berlin den 8. dito|‘Wt Berlin den 8. dito. [= 8 maart 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘Marckgraef Jan Georg’). *Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 april/Wt Lemburgh in Slesien den 18. dito|‘Wt Lemburgh in Slesien den 18. dito. [= 18 maart 1621]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘die Marck-grave van Jagers Dorp’). *Anoniem (5 april 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/10 april/Wt VVeenen den 24. dito|‘Wt VVeenen den 24. dito. [= 24 maart 1621]’, alinea 2]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘Jaghers-Dorp’). ;Jägerndorf bevindt zich met 4000 soldaten bij Bautzen, september 1620 *Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Praghe, den 7 dito|‘VVt Praghe, den 7 dito. [= 7 september 1620]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1]. *Anoniem ([20 september 1620]) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/20 september/VVt Praghe den 8. September|‘VVt Praghe den 8. September’, alinea 6]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1-2] (vermeld als ‘de Marcgrave van Jagers-dorp’). *Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (2)#art1|‘Tijdinghe vvt Praghe, van 1. September’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. ;Jägerndorf vertoont zich voor Bautzen, 4 november 1620 *Anoniem (20 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 november (1)#art3|‘VVt Buddissin den 5. Nouember 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6. ;Dagvaarding van Jägerndorf door de keurvorst van Saksen, december 1620 *Anoniem (8 januari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 1#art3|‘Tydinghe wt Lausnitz in December, 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6. ;Rijksban, januari 1621 *Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 29#art1al5|‘Relaes vande groote victorie tot Westerhouen by Worms, ende van de nieuvve oprustinghe des Crijs-volck in Brabandt, Vlaenderen, Lorreynen, &c.’, alinea 5]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7 (vermeld als ‘den Marquis van Legherdorff’). *Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 31#art1al4|‘VVt VVeenen vanden lesten Ianuarij. 1621’, alinea 4-7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;2-5 (vermeld als ‘Marckgraef Hans George van Iagherendorp’). *Anoniem (5 maart 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 31#art2al10|‘Tijdinghe vvt Weenen vanden 27. ditto. [= 27 januari 1621]’, alinea 10]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7. *Ferdinandus den tweeden (16 maart 1621) ''[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 39|Copia vanden Keyserlycken, Ban, Acht, oft Bannissement, ghedeclareert teghens Hans Georgen den Ouden, Marck-Grave van Brandenborch, met Cristaen Vorst van Anhalt, ende George Frederick Graue van Hohenlohe, &c.]]'', T’Hantwerpen: by Abraham Verhoeven. ;Jägerndorf verovert de stad Kłodzko in Silezië *Anoniem (26 april 1621) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1621/26 april/VVt Praghe, den 9 dito|‘VVt Praghe, den 9 dito. [= 9 april 1621]’, alinea 4]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1-2]. ;Jägerndorf verovert de stad Nies in Silezië *Anoniem (5 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/5 mei/VVt VVeenen den 21. April. 1621|‘VVt VVeenen den 21. April. 1621’, alinea 4]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1]. ;Jägerndorf sluit zich aan bij Gabriël Bethlen *Anoniem (12 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/12 mei/Den Marck-Graef van Jaghers-Dorp|‘Den Marck-Graef van Jaghers-Dorp ende de Stenden […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;2]. *Anoniem (26 mei 1621) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1621/26 mei/Brieven uyt Franckenstein melden|‘Brieven uyt Franckenstein melden, […]’]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;2]. [[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]] abue6y70vxcvhdsqzcfi40sww8q7is1 Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/347 104 89003 226617 2026-09-11T13:48:52Z Ben the Bear09 16243 /* Proefgelezen */ 226617 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>En nu was het hun plicht dit aan Vader te vertellen, want hij zou daar zeker nog altijd over loopen tobben. De kinderen gingen eerst naar hun huisje in Sunnerbo, en tot hun groote verbazing vonden ze dat in lichte laaie vlam. Toen gingen ze naar de pastorie, en hoorden daar, dat een knecht, die spoorwegwerker was geweest, hun Vader had gezien bij den Malmberg, ver in Lapland. Hij had in de mijn gewerkt, en deed dat misschien nog, maar daar kon je niet zeker van zijn. Toen de predikant hoorde, dat de kinderen hun Vader wilden zoeken, nam hij een kaart, en wees hun hoe ver het was naar den Malmberg, en raadde hun den tocht af. Maar de kinderen zeiden, dat ze niet anders konden. Ze moesten Vader opzoeken. Hij was van huis weggegaan, omdat hij iets geloofde, wat niet waar was. Ze moesten naar hem toe om hem te zeggen, dat hij zich vergist had. Ze hadden wat geld verdiend met hun handel, maar ze wilden dat niet gebruiken om een spoorkaartje te koopen. Ze besloten den heelen weg te voet te gaan. En daar hadden ze geen berouw van. Ze hadden een bijzonder mooien tocht. Eer ze nog uit Smaland gekomen waren, gingen ze op een dag een boerderij binnen om wat eten te koopen. De huismoeder was opgewekt en spraakzaam. Ze had de kinderen gevraagd, wie ze waren, en van waar ze kwamen, en ze hadden hun heele geschiedenis verteld. "Neen maar! Neen maar!" zei de vrouw telkens, terwijl ze spraken. Toen werden de kinderen goed ontvangen; ze kregen veel en goed eten, en mochten er niets voor betalen. Toen ze opstonden om te bedanken en heen te gaan, had de vrouw gevraagd, of ze in de volgende gemeente niet naar haar broer zouden willen gaan. En ze zei hun hoe hij heete, en waar hij woonde. Ja, dat wilden de kinderen natuurlijk graag. "Jelui moet hem van mij groeten, en hem vertellen wat jelui overkomen is," zei de boering. Dat deden de kinderen, en ze werden vriendelijk ontvangen ook bij den broeder. Hij liet hen meê rijden naar een plaats in de volgende gemeente, en ook daar werden ze goed ontvangen. Telkens als ze van een boerderij weggingen, zei men: "Als jeluis daar en daar komen, moet je maar naar binnen gaan en vertellen wat jelui is overkomen." In de boerderijen, waar de kinderen werden heengezonden, was altijd een borstlijder. En zonder dat ze 't zelf wisten, gingen die twee kinderen door het land, en leerden de menschen wat dat voor een gevaarlijke ziekte was, die in hun huis was binnengeslopen, en hoe ze die het beste bestrijden konden. Ze leerden de menschen, dat het niet genoeg was de plaats op te harken en den grond te dweilen. Ze moesten ook de spons en den borstel, de groene zeep<noinclude></noinclude> 154wus6i8c6ttjz5vyyfgirz2bcxyez Overleg:Merian - Metamorphosis (1705)/6 1 89004 226618 2026-09-11T13:51:16Z Kuddekop 15837 /* Tweeeeeeede */ nieuwe subkop 226618 wikitext text/x-wiki == Tweeeeeeede == het tweeede Deel ? Of toch het tweede Deel [[Gebruiker:Kuddekop|Kuddekop]] ([[Overleg gebruiker:Kuddekop|overleg]]) 11 sep 2026 15:51 (CEST) f4x74ysgrezapucxkuwamyesqhqqw3w Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/348 104 89005 226619 2026-09-11T13:56:08Z Ben the Bear09 16243 /* Proefgelezen */ 226619 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>en de witte gebruiken. Binnen en buiten de deur moest het schoon zijn, en schoon moesten ze zelf wezen. Zóó zouden ze eindelijk de ziekte meester worden. {{lijn|5em}} {{c|DE DOOD VAN KLEINE MADS.}} Kleine Mads was dood. 't Scheen ongeloofellijk voor allen, die hem voor een paar uur nog frisch en vroolijk hadden gezien, maar toch was het zoo. Kleine Mads was dood, en moest begraven worden. Kleine Mads was vroeg op een morgen gestorven, en niemand dan zijn zuster Asa was in de kamer geweest, toen hij stierf. "Ga niemand anders roepen," had hij gezegd, toen het einde naderde, en zijn zuster had gedaan, zooals hij graag wilde. "Ik ben blij, dat ik niet aan de ziekte sterf, Asa," had hij gezegd. "Jij ook niet?" En toen ze niet antwoordde, ging hij voort: "Ik vind het niet erg om dood te gaan, en nu ik niet op dezelfde manier sterf als Moeder en de anderen. Als dat zoo was gegaan, zou je zeker Vader nooit doen gelooven, dat het maar een gewone ziekte was, die ze had weggenomen. Maar nu zal dat wel gaan, dat zul je zien." Toen alles voorbij was, zat Asa lang te denken aan wat haar broer, kleine Mads te verdragen had gehan, zoolang hij leefde. Ze vond, dat hij allen tegenspoed met den moed van een groot mensch had gedragen. Ze dacht aan zijn laatste woorden. Zoo dapper was hij altijd geweest. En het werd haar duidelijk, dat als kleine Mads nu begraven moest worden, dan moest dat gebeurden met dezelfde eerbewijzen als voor een groot mensch. 't Zou wel moeilijk wezen het gedaan te krijgen. Maar ze wilde alles probeeren, ter wille van kleine Mads, en ze voelde, dat ze misschien hier gemakkelijker dan ergens anders iets kon gedaan krijgen, dat ongewoon was. Asa zat er aan te denken hoe 't hun was gegaan, toen ze naar den Malmberg waren geloopen, en naar een arbeider hadden gevraagd, die Jon Assarsson heette en in elkaar gegroeide wenkbrauwen had. Die wenkbrauwen waren 't merkwaardigst in Jon Assarssons gezicht, en maakten, dat de menschen hem gemakkelijk konden onthouden. De kinderen hoorden al gauw, dat Vader verscheidene jaren bij den Malmberg had gewerkt, maar dat hij nu op reis was. Hij ging gewoonlijk nu en dan een poos weg, als de onrust over hem kwam. Waar hij heen was, wist niemand, maar allen waren er zeker van, dat hij over een paar weken<noinclude></noinclude> lhh6fvwdskvyw08jtzs4gw4r0zwstsj Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/349 104 89006 226620 2026-09-11T13:57:50Z Ben the Bear09 16243 /* Proefgelezen */ 226620 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>zou terugkomen. En daar zij de kinderen van Jon Assarsson waren, konden ze immers in de hut zijn, waar hij gewoond had, terwijl ze op hem wachtten. Een vrouw had den deursleutl van onder den drempel opgezocht, en de kinderen binnen gelaten. Niemand had er zich over verbaasd, dat ze daar gekomen waren, en niemand scheen het vreemd te vinden, dat Vader zoo nu en dan de wildernis introk. Hier was het zeker niets ongewoons, dat ieder deed, zooals hij goed vond. Asa had goed gezien. Het gebruikte haar, na eenige moeilijkheden, den kleine Mads met alle eerbewijzen te laten begraven. {{lijn|5em}}<noinclude></noinclude> fwi6uq4ztolyzs50k671zqkhryckc5s Index:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu 106 89007 226621 2026-09-11T19:33:53Z Vincent Steenberg 280 nieuw 226621 proofread-index text/x-wiki {{:MediaWiki:Proofreadpage_index_template |Type=boek |Taal=nl |wikidata= |Titel=Copia vanden Keyserlycken, Ban, Acht, oft Bannissement, ghedeclareert teghens Hans Georgen den Ouden, Marck-Grave van Brandenborch, met Cristaen Vorst van Anhalt, ende George Frederick Graue van Hohenlohe, &c. |Ondertitel= |Deel= |Auteur= |Vertaler= |Redacteur= |Illustrator= |Stroming= |Jaar= |Uitgever= |Plaats= |Druk= |OorspronkelijkeUitgave= |Key= |doe_wikidata= |ISBN= |OCLC= |LCCN= |BNF_ARK= |DBNL= |Bron=djvu |Afbeelding=1 |Voortgang=V |Delen= |Pagina's=<pagelist 1=1 /> |Opmerkingen=[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 39]] |NestedInhoud= |Breedte= |Css= |Header= |Footer= }} rzox1p18iuzixgbw2bphfbegrcoa22n Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/1 104 89008 226622 2026-09-11T19:37:07Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226622 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" /></noinclude>{{dhr}} {{RH|{{gap}}{{tt|Martius 1621.}}||39.{{gap}}}} {{lijn}} {{dhr}} {{c|{{xxx-larger|{{tt|{{sp|COPIA}}<br>Vanden Keyserlycken, BAN, Acht, oft Bannissement,}}}}}} {{c|Ghedeclareert teghens {{tt|Hans Georgen}} den Ouden, {{tt|Marck-Grave van Brandenborch,}} met {{tt|Cristaen Vorst van Anhalt,}} Ende {{tt|George Frederick Graue van Hohenlohe, &c.}}}} {{c|{{tt|Overghesedt vvt de hooch-Duytsche sprake in onse Nederlandtsche Tale.}}}} {{c|Eerst ghedruckt den 16. Meert, 1621.}} {{lijn}} [[Bestand:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039 p 1 illustration.jpg|500px|center]] {{lijn}} {{c|T’Hantwerpen, by Abraham Verhoeven, op de Lombaerde veste, inde gulde Sonne.}} {{dhr}}<noinclude></noinclude> toesv41yi6ghdujitpkxtkdbxjljlo4 Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/2 104 89009 226623 2026-09-11T19:40:02Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226623 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH|2|Den Keyserlijcken Ban|}}</noinclude>{{dhr}} {{lijn}} [[Bestand:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039 p 2 ornament.jpg|500px|center]] {{lijn}} {{dhr}} {{c|{{xxx-larger|{{tt|{{sp|COPIA}}}}}}<br>{{x-larger|{{tt|Vande Keyserlycke Acht, oft,}}}}<br>{{x-larger|{{tt|BAN, ghedeclareert teghens, Hans Georgen den Ouden, Marckgraue van Brandenborch, met Christiaen, Vorst van Anhalt, ende George Frederick Graue van Hohenloe, gheschiedt op den 29. Ianuarij 1621.}}}}}} {{initiaal|W}}{{tt|Y FERDINANDVS den tvveeden,}} by der Gratien Godts, {{tt|Roomsch Keyser,}} altijt {{tt|Vermeerder des Rijckx}} ende van {{tt|Germanien, Hongharijen, Bohemen, Dalmatien, Croaten ende Slavonien, &c. Coninck, Eertz-Hertogh van Oosten-rijck, Hertogh van Bourgondien Styr-marck, Kernten, Carniol ende Wirtenberg, &c. Graeve van Tirol, &c.}}<br>{{gap}}Ontbieden {{tt|N.}} Alle ende yeghelijcke Ceur-Vorsten, Vorsten, Gheestelijcke ende Wereltlijcke, Prelaten, Graven, Vry-Heeren, Ridderen, Knechten, Landt-Voochden, Hooftlieden, Plegers, Officiers, Amptluyden, Lant-Rechteren, Schoutetten, Borghermeesteren, Raeden, Borghers, Ghemeynten,<noinclude>{{rechts|ende}}</noinclude> 8b9yhs1nusklmxbvbheaggsn71uiw1k Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/3 104 89010 226624 2026-09-11T19:40:43Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226624 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH||teghen de Rebellighe Vorsten.|3}}</noinclude>ende voorts, alle onse, ende des Rijckx, Leenmannen, Ondersaten, ende ghetrouwe. Van wat state weerden, oft Conditien die moghen wesen.<br>{{gap}}{{tt|Allen de ghene die dese ons}} Keyserlijcke Brieuen, oft de ghelooff-weerdighe, {{tt|Coppije,}} daer van sal ouer gheleuert worden, sullen sien oft hooren lesen, gunnen wy onse vriendtschappe, Ghenade ende alles goets. {{tt|Hooch ende Eervveerdighe oock Doorluchtighe ende Hoochgheborene Vrienden, Neuen, Ooms, Svvaghers, Broeders, Ceur, ende Vorsten,}} oock {{tt|Welgheborne Edele, Eersame, Lieue, aendachtige ende Getrouvve.}} Al ist saecken dat in onse ende des Heylighen Roomschen Rijckx {{tt|Constitutien}}, claerlijcken versien, ende gheordineert is, dat niemandt van wat Weerden, Staet, oft Qualiteyt dat hy mach wesen, om gheenderley oorsaecken willen, (soo die souden moghen ghenoempt worden oft onder wat gesochten, oft ghepractizeerden schijn t’selue soude moghen wesen, eenen anderen en vermach, te beschadighen, bevechten, berooven, ende verachteren, t’sy met machte van Oorloghen, oft anderssints, noch eenighe {{tt|Conspirateurs}} teghens yemants en vermach voorts te stellen eenighe verbintenissen te maken oft teghens yemanden op te rechten, dat oock den eenen den anderen wt zijne Pocessie, t’sy Casteelen, Steden<noinclude>{{rechts|A{{gap|6em}}Dorpen}}</noinclude> q1ipaj8g44b2s651usw7pqv3tle4wv7 Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/4 104 89011 226625 2026-09-11T19:41:45Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226625 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH|4|Den Keyserlijcken Ban|}}</noinclude>Dorpen, Regalien, Jurisdictien, Gherechten van Hooghe ende Leeghe, Heerlijckheden, ende alle andere Gherechticheden meer, met macht te ontweldighen oft zijne Ondersaten op te ruyen, ende Af-hendich te maecken, ende alsoo tot de onghehoorsaemheyt teghens hunne Overheydt te brenghen. Als oock dat de ghene die door sulcke ende dierghelijcke voorstellinghe, den Alghemeynen {{tt|Landt-Vrede,}} zijn brekende ende violerende, en moghen van niemanden (t’sy door hem seluen, oft yemandt anders met Raedt oft Daedt, by ghestaen oft gheassisteert worden, Achtervolghende de {{tt|Constitutie}} gemaeckt ende ghesloten binnen {{tt|Regensborgh, Anno}} vijfthienhondert achtenveertich, ende daer naer, vanden volghenden Jaere vijf-en-vijftich, tot {{tt|Augsborch}} gheaccordeeren ende Ghepubliceerden Rijckx {{tt|Afscheyt}} ende {{tt|Ordonnantie}}, waer by op eene groote Pene ende straffe is verboden, dat niemanden van Staet, Eere, oft Qualiteyt hy mach wesen, tot eenigherhande Oorloghen oft dierghelijcken, Onvredelijcke handelinghen teghens ons, oft eenighe ghehoorsaeme Staten des Rijckx, sonder onse wete oft Consente te dienen, te bestellen, oft bewegen laeten, t’sy heymelijcken oft openbaerlijcken, teghens ons oft des Rijckx Staten, te Velde te trecken, noch eenighe hulp, Bystandt ende Assistentie te doene, gelijck breeder inde voorghenoemde Ordonnantien verhaelt staet.<noinclude></noinclude> 6k2rxiucwu0t9qtt8lmfpd7g0ky3i3y Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/5 104 89012 226626 2026-09-11T19:42:27Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226626 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH||teghen de Rebellighe Vorsten.|5}}</noinclude><br>{{gap}}Ende op dat voort aen int Heyligh Roomsche Rijck ruste ende Vrede mach ghehouden worden, soo is in des Rijcx afscheet {{tt|anno}} neghen-en-vijftich, de voorghenoemde pene ende straffe vermeerdert, ende begroot gheworden, naementlijck dat de ghene soo dit verbot breken boven de voorschreuen pene noch verbeurt hebben te vallen in onse ende des Heyligen Rijckx Acht oft Ban {{tt|ipso facto}} sonder eenige voordere declaratie oft vonnisse, Ende alsoo wy in’t begintsel van onse Keyserlijcke Regeringhe, van wegen die van daghe tot daghe toe-nemende perijckeleuse Rebellie (de welcke wy soo verre, t’selue teghens yemanden vande Staten des Rijckx waeren op gheresen) van Keyserlijcke macht ende Offitie weghen schuldigh zijn gheweest te defenderen, ende de bouen gheruerde Rijckx Ordonnantien daer inne naer te komen, ende de Rebellen te straffen naer behooren. Ghelijck dan oock gheschiet is by de openbare Placaten by wijlen {{tt|Hooch-loffelijcker gedachtenisse den Keyser Matthias}} tegens sommighe Vredebrekers, in sulcker voeghen voorts gheprocedeert, op dat hem eene yeghelijcken daer naer soude reguleren, ende voorschaeden weten te behoeden, ende eenen yeghelijcken daer mede belast ende ernstelijcken bevolen, hem van sulcke mishandelinghen te wachten, Dan soo daer yemanden ter contrarien dede, en sal de voorgheruerde pene ende straffe niet cunnen ont-<noinclude>{{rechts|A iij{{gap|6em}}gaen}}</noinclude> 338eeu62lmvcdqccoqia5khswe6fbgv Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/6 104 89013 226627 2026-09-11T19:45:11Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226627 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH|6|Den Keyserlijcken Ban|}}</noinclude>gaen, achtervolghende onse ghemeyne gheschreven Rechten, dat teghens die ghene soo in eenige nottoire Rebelleringhe {{tt|contra honorem & Fidelitatem}} onsers Roomsche Keyserdoms verharren, anders niet dan d’Executie {{tt|Iuris}} plaetse en grijpt, Want alle ander yeghelijcken hooghe, ende Leghe, Staten des Heylighs Rijcx, Leden ende Ondersaeten, ons als hunnen Oversten Heere ende Hooft, alle Ghetrouwe ghehoorsaemheyt schuldich zijn, achtervolghende hunnen Eede ende Plicht, alsoo dat zy niet en vermoghen in eenigher manieren tegens ons yet voor te nemen, t’sy met Raet, Daet, Macht, gewelt, oft hoe dat soude moghen ghenoempt worden, oft eenigh consent daer inne te draeghen.<br>{{gap}}Soo is nochtans waerachtigh ende int openbaer, ende en kan oock niet gheloochent worden, hoe dat Marckgraef {{tt|Hans Ioris den ouden van Brandenborch, Vorst Christiaen van Anhalt,}} ende {{tt|Graef Georg Frederick van Hohenloe}} (dien allen niet teghenstaende) naerdien wy alreets by eendrachtige Keuse van onse ende des Heylighen Rijcx Ceurvorsten, tot de Hoocheyt des Keyserdoms sijn vercoren ende verheuen, hun vervoordert hebben onse Rebellen ende Ondersaten van Bohemen, &c. te helpen maintineren ende {{SIC|datelijcken|dat gelijcken?}} teghens onse de wapenen inde handt ghenomen, ende alsoo allent het ghene ghedaen, dat teghens onse Keyserlijcke Eere,<noinclude>{{rechts|Fame}}</noinclude> dhnc74zk8li3yzbk78dtb53phw7mj4t Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/7 104 89014 226628 2026-09-11T19:46:11Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226628 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH||teghen de Rebellighe Vorsten.|7}}</noinclude>Fame, ende Reputatie soude moghen strijden, vermeynende ons alsoo te berooven van onse Coninckrijcken ende Landen, die ons by oprechte waerachtighe {{tt|Elexie}} ende Crooninghe, zijn toe comende, ende eenen anderen onrechtveerdighen met gewelt, als hun Overhooft daer inne te stellen, ende te mainteneren. Onse voorgheruerde ghepubliceerde Placcaten ende Ordonnantien, verachtelijcken inde wint gheslaghen, de conspiratie met ander Potentaten, ende Heeren buyten ende binnen het Rijck, als ooc met Betlehem Gabor, die dependeert vanden grooten Turck onsen Erf-vyant voortganck laeten hebben iae de Turcken selfs teghens ons hebben opgeroct. Ende principaelijcken soo openbaerlijcken in wat maeten ende voeghen {{tt|Marck-graef hans Georg}} den ouden van {{tt|Brandenborgh}}, tot onsen grooten ende hoochsten spot verkleyninghe, schaede ende bederffenisse ghehandelt heeft, met onse Ondersaeten des Coninckrijckx van Hungarijen, ende onse Landen van Slesien (ten tijde als wy alreets tot eenen Roomschen Keyser verheven waeren, met sulcken calumnieusen Iniurien als noyt van te voorens teghens eenighe Vorst oft Prince is gheschiet (willen swijgen aen eenen Roomschen Keyser) ende dat alles tot versterckinghe hulp ende bystandt van onse Rebellen, ende daerenbouen met alderhanden listen ende practijcken, gelt ende Contributie tot hunlieden geperst ende ons daer mede bestreden.<noinclude></noinclude> 8dyg94gwp7zcydgu6g4d587xw14um19 Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/8 104 89015 226629 2026-09-11T19:46:51Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226629 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH|8|Den Keyserlijcken Ban|}}</noinclude><br>{{gap}}Onsen Hooch-aensienlijcken Commissario, den Ceur-Voorst van Saxen, met ghewapender handt te ghemoet ghetrocken, teghenstandt ghedaen, ende veelderhande affronten bewesen, sijne Ghedeputeerde ghevanghen ghenomen. Onse Ondersaten teghens hem oproerich ghemaeckt, onse Landen ende Ondersaten tot verderffenisse ghebracht, ende is eenen vande principaelste Hoofden der Rebellen geweest, wesende oorsaecke van soo veele bloetstortinghen ende groote schaden, ende in somma allen t’gene voor de hant genomen ende gepractiseert, d’welck tot verkleyninghe ende Diffamatie van onse Keyserlijcke Eere, Reputatie ende welvaert soude moghen wesen.<br>{{gap}}Van ghelijcken is oock eenen yeghelijcken door het gheheele Rijck kennelijcken hoe dat {{tt|Vorst Cristianus van Anhalt,}} oock van ghelijcke Rebellische ende Bloedt-stortinghen, Aenslaghen, Practijcken, ende brekinghe des Alghemeynen {{tt|Landt-Vreden,}} heeft voort ghesteldt, soo wel in ons Coninck-rijck van Bohemen, ende Eertz-Hertochdomme van Oostenrijck, de selue krijghs machdt te ouertrecken, ende in onsen aensien, Steden, Casteelen, Marckten, ende Forteressen met vyandtlijc gewelt inneghenomen, ende onse Ondersaten met ghewelt ende pracktijcken afwendigh te maken, ende dierghelijcken quaede feyten tot dat hy ten lesten is in-<noinclude>{{rechts|de}}</noinclude> 60skwl6doan39go543dqbbaago3mgdy Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/9 104 89016 226630 2026-09-11T19:47:31Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226630 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH||teghen de Rebellighe Vorsten.|9}}</noinclude>de vlucht gheslaeghen, ende alsoo hy met Raet ende Daedt den principaelen stichter van dese beruerten, ende swaericheyt gheweest is, oock vant ghene dat hy Paltz-grave, tot zijne eyghene schande ende oneere teghens onse, onse Landen ende Ondersaten heeft strafbaerlijcken voor de hant ghenomen, waer door het hier int Roomsche Rijcke gheheerlijcken is ontsteken, in sulcker manieren dat hy van {{tt|Anhalt}} zijne voorghenoemde listen ende pracktijcken, wesende tot onse groote oneere, schaede, ende verderuen met ghewelt ende Crijchs-macht vermeynen te effectueren, ende deur te dringhen, niet alleenlijcken voor den tijt vande groote Victorie die ons Godt almachtich in Bohemen verleent heeft (met toe-voeringhe van Crijchs-volck ende bedieninghe vande Offitie, als {{tt|General}}) maer oock naeder handt de Victorie, ghelijck hy ghedaen heeft in ons Hertochdom van Sledien, aldaer de Ondersaten totter Rebellie orloghen opruyende, ende voorts te planten, gheenen arbeyt en heeft ghespaert.<br>{{gap}}Van ghelijcken is allen de werelt kennelijcken, wat {{tt|George Frederick van Hohenloe}} voor Weldaden ende Ghenade heeft ontfanghen, van wijlen Christ-loffelijcken ghedachtenissen ons Voor-Vaders den {{tt|Keyser Rudolphus}} ende {{tt|Matthias,}} de welcke hy seer ondanckbaerlijcken heeft vergheten, ende te rugghe ghestelt, niet alleenelijck teghens de ver-<noinclude>{{rechts|☞ A{{gap|6em}}maninghe}}</noinclude> d4rqsern0u0ekg2f2krov01rrx8cqll Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/10 104 89017 226631 2026-09-11T19:48:12Z Vincent Steenberg 280 /* Wikisource:Niet proefgelezen */ Nieuwe pagina aangemaakt met 'maninghe ende Placcaten, by wijlen den {{tt|Keyser Matthias}} ghepubliceert, ende aen hem ghecommuniceert, maer oock naederhandt teghens ons als boven verhaelt, op ghestaen, (sint der tijdt dat wy tot het Roomsche Keyserrijck sijn ghecomen) ende onse ghepubliceerde Placcaten ende Mandaten van gelijcken oock versmaeyt ende veracht heeft, niettegenstaende de pene ende straffe daer inne vermelt: Euenwel zijne Rebellische versmaedelij… 226631 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="1" user="Vincent Steenberg" />{{RH|10|Den Keyserlijcken Ban|}}</noinclude>maninghe ende Placcaten, by wijlen den {{tt|Keyser Matthias}} ghepubliceert, ende aen hem ghecommuniceert, maer oock naederhandt teghens ons als boven verhaelt, op ghestaen, (sint der tijdt dat wy tot het Roomsche Keyserrijck sijn ghecomen) ende onse ghepubliceerde Placcaten ende Mandaten van gelijcken oock versmaeyt ende veracht heeft, niettegenstaende de pene ende straffe daer inne vermelt: Euenwel zijne Rebellische versmaedelijcke ende quaede handelinghen mette Rebellen, ende hun op geworpen hooft vervolcht ende vervoordert, ende hem in alle dese quade onrechtveerdighe feyten laeten ghebruycken in ons Coninckrijcke van Bohemen ende Eertz-Hertochdom Oostenrijck, wesende alsoo, oock eenen Vrede-breecker vanden Alghemeynen Lants-vrede des Heylighen Rijcx, die onse Ondersaten met {{tt|Sinistre}} practijcken heeft opruerigh ende van ons afwendigh ghemaeckt, als oock met de seer perijckeleuse Conspiratie met Betlehem Gabor tot onse, iae tot het gheheel Roomsche Rijck wterste ghevaer, ende perijckel, ende bederffenisse, ende heeft hem in dese gheheel Rebellie ende orloghen, als eenen vande principaelste Muyt-makers gheimployeert.<br>{{gap}}Naerdemael wt allen dese redenen ghenoechsaem is blijckende, dat de voorghenoemde van {{tt|Brandenborch, Anhalt, ende Hohenloe,}} als wesende onmiddelbaere Staeten ende Leden des Rijckx, allen an-<noinclude>{{rechts|dere}}</noinclude> 677vdusxy6kwsm7k5rtvg34m5icl0ru 226632 226631 2026-09-11T19:48:19Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226632 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH|10|Den Keyserlijcken Ban|}}</noinclude>maninghe ende Placcaten, by wijlen den {{tt|Keyser Matthias}} ghepubliceert, ende aen hem ghecommuniceert, maer oock naederhandt teghens ons als boven verhaelt, op ghestaen, (sint der tijdt dat wy tot het Roomsche Keyserrijck sijn ghecomen) ende onse ghepubliceerde Placcaten ende Mandaten van gelijcken oock versmaeyt ende veracht heeft, niettegenstaende de pene ende straffe daer inne vermelt: Euenwel zijne Rebellische versmaedelijcke ende quaede handelinghen mette Rebellen, ende hun op geworpen hooft vervolcht ende vervoordert, ende hem in alle dese quade onrechtveerdighe feyten laeten ghebruycken in ons Coninckrijcke van Bohemen ende Eertz-Hertochdom Oostenrijck, wesende alsoo, oock eenen Vrede-breecker vanden Alghemeynen Lants-vrede des Heylighen Rijcx, die onse Ondersaten met {{tt|Sinistre}} practijcken heeft opruerigh ende van ons afwendigh ghemaeckt, als oock met de seer perijckeleuse Conspiratie met Betlehem Gabor tot onse, iae tot het gheheel Roomsche Rijck wterste ghevaer, ende perijckel, ende bederffenisse, ende heeft hem in dese gheheel Rebellie ende orloghen, als eenen vande principaelste Muyt-makers gheimployeert.<br>{{gap}}Naerdemael wt allen dese redenen ghenoechsaem is blijckende, dat de voorghenoemde van {{tt|Brandenborch, Anhalt, ende Hohenloe,}} als wesende onmiddelbaere Staeten ende Leden des Rijckx, allen an-<noinclude>{{rechts|dere}}</noinclude> i8eh2baqaqszl15sfbnhkfmcd3ks0pr Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/11 104 89018 226633 2026-09-11T19:49:01Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226633 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH||teghen de Rebellighe Vorsten.|11}}</noinclude>dere met goede exempelen hadden behooren voor te gaen, ende wt krachte van hunnen Eet ende Plicht, waer mede zy ons ende het Heyligh Roomsch Rijck verobligeert ende verbonden zijn, allen het gene dat teghens onsen persoon Eere, weerde ende staet ghehandelt wordt, af te keeren, te verhoeden, ende te defenderen, oock soo daer eenighe Ondersaten tegens hunne gherechte Ouerheeren muytineren oft rebelleerden, te helpen stillen ende straffen, het welc alles en hebben zy niet ghedaen, maer ter contrarien in’t allent ghene dat teghens onse {{tt|Hoocheyt}}, Eere, Reputatie, ende Weluaert hunne onghetrouwigheydt ghetoont, ende de ouer oude welvaert des Heyligen Roomschen Rijckx ende onse, ende des Heylighen Rijcx qualijckvaert ende verscheuringhe (waer toe zijt Godt betert) door dese hunne rebellighe {{tt|Consilien}} wapenen, valsche pracktijcken, ende vervueringe van onse Ondersaten ghebrocht, ende hunne ouer lange ghepracktiseerde Immaginatien te wercke ghestelt hebben, welcke hooch-straffelijcke mutinatien, Rebelleringhen ende onruste soo zylieden teghens ons ende het Heyligh Rijckx gheintenteert hebben, wy niet als eene priuate actie en behooren op te nemen, maer als oppenbaere Rebellen ende Landt-Vreede Brekers, die met allen onghoorde gheweldt de Ondersaten van hunnen gherechten Lants-heeren (nietteghenstaende zylieden den seluen met Eede verplicht<noinclude>{{rechts|A ij{{gap|6em}}ende}}</noinclude> qoio1sg41l4256ji8ioq9w4a4h7r7t2 Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/12 104 89019 226634 2026-09-11T19:49:44Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226634 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH|12|Den Keyserlijcken Ban|}}</noinclude>ende verbonden waeren) afhendich gemaeckt hebben, moeten ghestraft worden, want zylieden niet alleenelijcken teghens ons, ons huys, ondisputeerlijck recht ende by vanck onsers Roomsche Keyserlijcke offitie, maer oock teghens alle de meeste ende minste Leden des Heylighen Roomschen Rijcx gheconspireert ende gherebelleert hebben, t’seluige inde grootste perijckelen van den Erff-vyandt Christelijcken Naems, den Turck ghebrocht hebben, allen Potentaten ende Heeren tot eenen Spieghel ende Exempel, het welck alles niet en mach ongestraft blijven, principaelijck naerdemael voorgenoemde onse rebellen ende ondersaten, ende hunne medehelpers, hun soo verre verloopen hebben, dat zylieden ooc de Priuilegien des Heylighen Roomschen Rijcx, ende Coninckrijckx van Bohemen: ende de {{tt|Gulde Bulle}} hebben deruen veranderen, verminderen, vermeerderen, ende in eenen nieuwe forme te gieten.<br>{{gap}}Waeromme de meer ghenoemde persoonen uyt kracht van onse ende des Heylighen Rijcx Constitutien, ende op gherechten Lant-vrede, onse wt ghegaene, ende ghepubliceerde Placcaten ende Mandaten als oock onse ghemeyne gheschreven Rechten, (de welck door den bouen gheruerden Lant-vreede niet benomen en is) ende ouermits de affgrijselijcke ende schroomelijcke lasteren tegens onse Majesteyt {{tt|de ipso facto}} in alsulcke pene ende straffe vervallen<noinclude>{{rechts|zijn,}}</noinclude> 5j4rcw93xm423523bpbuxfe210w3afv Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/13 104 89020 226635 2026-09-11T19:50:17Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226635 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH||teghen de Rebellighe Vorsten.|13}}</noinclude>zijn, als inden {{tt|Constitionibus}} ende de voorsz. Mandaten gheschreuen staet, hebben daeromme na overlegginghe vande saecke ende de gheleghentheyt der seluer, ende door verheyschinghe des grooten noots, ende van schuldigher Plicht weghen onses van Godt ontfanghen ende beuolen Offitie vercleert. Den voor ghenoemden {{tt|Marck-Graeue van Brandenborch, Vorst van anhalt,}} ende {{tt|Graue van Hohenloe,}} als onghehoorsaeme, onghetrouwe, manneedighe Rebellen, oproerighe versmaders ende scheynders van onse {{tt|Keyserlijcke Hoocheyt ende Majesteyt,}} verbrekers des ghemeynen {{tt|Landt-vredens,}} in onse ende des {{tt|Heylighen Roomschen Rijckx}} Acht ende Oueracht oft Ban, beneffens in alle, ende alsulcken penen ende straffen als daer inne begrepen zijn, ende stellen hun wtten Vrede inden onvrede, verclaeren, ende verkonden alsoo, meer ghenoemden {{tt|Hans Georg}} die hem seluen noempt den ouden {{tt|Marck grave van Brandenborch, Christiaen}} die hem {{tt|Vorst van anhalt}} noempt, ende {{tt|Georg Frederick}} die hem {{tt|graef van Hohenloe}} noempt in onse ende des Rijcx Acht ende Oueracht oft Ban, oock inde bouen gheruerde pene, straffe ende boete, stellen hun ooc wt onsen ende des heelen Rijcx Vrede inden Onvrede: alles uyt {{tt|Roomsche Keyserlijcke Majesteyt}} Machdt ende Auctoriteyt.<br>{{gap}}Ghebieden hier op, alle ende yeghelijcke den {{tt|V.}}-<noinclude></noinclude> gr8d2d177202qjwcfnohsni2aqt3p4e Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/14 104 89021 226636 2026-09-11T19:50:55Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226636 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH|14|Den Keyserlijcken Ban|}}</noinclude>{{tt|L.L.A.A.}} ende {{tt|V.L.}} samentlijcken ende besonder by den Eede ende Plicht, waer mede {{tt|V.L.L.A.A.}} ende ghylieden ons ende het {{tt|Heylich Rijc}} verbonden ende verwant zijt, oock by verbeurte van onse straffe onghenade, besonder by verbeurte van uwer {{tt|Regalien,}} Leenen, Vrydommen, Privilegien ende Ghenaden soo {{tt|V.L. L.A.A.}} uwe Voorvaders ende ghylieden van wijlen, onse Loffelijcke Voorvaders de {{tt|Roomsche Keysers}} ende Coningen oock van ons ende het {{tt|H. Rijck}} verkreghen hebt, oock verlies van lijf ende goet, willen ende begheren, dat {{tt|V.L. L.A.A.}} ende ghylieden meer ghenoemde dry Achters, oft {{tt|Banditen}} gheensints en aenveerdet, hun oock niet te dienen noch in eenigherley manieren te Favorisseren noch te helpen, int heymelijcken noch openbaerlijcken, hunlieden niet te spijsen, te herberghen, oft eenich secours te gheuen. Ende soo verre yemanden met hun in eenighe verbintenisse, {{tt|Confoederatie}} oft {{tt|alliantie}} waere, stracx naer {{tt|Visie}} van desen Brieff daer van aff-stant te doene, ende voorder {{SIC|egheene|gheene}} ghemeynschap meer met hunlieden te houden, ende en sult {{tt|V.L.L.A.a.}} ende V.L. daer aen niet laeten verhinderen, want wy {{tt|V.L.L.a.a.}} ende V.L. als uwe Hoochste Overheydt, met wel bedachten Raedt ende ghemot, wt Keyserlijcke macht ende Aucthoriteyt uwe gheloften ende verbintenissen hier mede ghantschelijcken te niette<noinclude>{{rechts|doen}}</noinclude> 2cbdzwsaog5u53n9w0rzqv1cf20nnvf Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/15 104 89022 226637 2026-09-11T19:51:27Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226637 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{RH||teghen de Rebellighe Vorsten.|15}}</noinclude>doende ende {{tt|Casseren}}, mits {{tt|V.L.L.a.a.}} ende V.L. so veele V.L. met hun verbonden ende verwandt zijn, volcomentlijcken Absoluerende ende los ende vry ghestelt willen hebben, dan soo verre, daer eenen oft meer (t’sy van wat Staet oft Conditie die soude moghen wesen,) hem hier inne onghehoorsaemlijcken verthoonde, in wat Forme ofte maniere dat soude moghen wesen, de selue worden van ons oock voor Achters, oft {{tt|Banditen,}} met ghelijcke Penen verkleert. Daer naer sal hem eenen yeghelijcken weten te reguleren, ende voor achterdeel ende schaede te vermijden. Dit vermeynen wy seer ernstelijcken. Ghegheuen in onse Stadt Weenen den twee-en-twintichsten dach der Maent Januarij 1621. Onsers Rijckx, vant Roomsche int tweede Jaer, van’t Hunghersche int derde Jaer, ende vant Boheemsche int vierde Jaer. {{c|{{xx-larger|{{tt|Ad Mandatum Sacrae Caesareae Majestatis proprium.}}}}}} {{dhr}}<noinclude></noinclude> 0lngn6da8uyxdz6fsla1egew5zzzme8 Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu/16 104 89023 226638 2026-09-11T19:52:33Z Vincent Steenberg 280 /* Proefgelezen */ 226638 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Vincent Steenberg" />{{c|16}}</noinclude>{{gap}}{{larger|{{tt|De Verclaringe van de BAN, is geschiet op vrydaechs den 29. Ianuario 1621. mette ghewoonelijcke Ceremonien, ende in presentie vande Keyserlijcke Majesteyt gelesen, daer naer vande selue mette voeten ghetreden, ende in stucken ghescheurdt ende ter Vensteren wt gheworpen, in by wesen ende presentie van de Secrete Rijckx Raeden ende Hoff Raeden, Officieren, Beampte, ''vtriusque Religionis'', daer naer den seluen door de Keyserlijcke Heraulten, in haer ghewoonlijck Habijt, met tweelf Trompetten, op verscheyde plaetsen Ghepubliceert, ende is ouer al aengheslaghen geworden.}}}} {{rechts|{{larger|{{tt|V.C.D.W.A.}}}}|2em}} {{c|Overghesedt wt de Hooch-Duytsche sprake in onse Nederlantsche Tale.}} {{c|T’Hantwerpen, By Abraham Verhoeuen op de Lombaerde veste inde gulde Sonne. 1621.}} {{c|{{xx-larger|{{tt|Met Gratie ende Priuilegie.}}}}}}<noinclude></noinclude> qg0u02b06dyqrydhfmlg0iklxshrca7 Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 39 0 89024 226639 2026-09-11T19:54:28Z Vincent Steenberg 280 nieuw 226639 wikitext text/x-wiki <pages index="Nieuwe Tijdinghen 1621 no 039.djvu" from=1 to=16 header=1 current="[''Nieuwe Tijdinghen''], nummer 39, [dinsdag] 16 maart 1621" prev="[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 38|Nummer 38]]" next="[[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 40|Nummer 40]]"/> [[Categorie:Nieuwe Tijdinghen, 1621]] i38si9gvfs1rzv8mtigg74guxu1lq4q Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/350 104 89025 226644 2026-09-11T20:53:14Z Ben the Bear09 16243 /* Proefgelezen */ 226644 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>{{X-larger|{{c|XXXV.}} {{c|BIJ DE LAPLANDERS.}}}} {{lijn|5em}} De begrafenis was voorbij. Alle gasten waren vertrokken, en Asa was alleen in de kleine hut, die aan haar vader toebehoorde. Ze had de deur gesloten, om ongestoord aan haar broer te kunnen denken. Ze herinnerde zich alles, wat kleine Mads had gezegd en gedaan, het eene na het andere, en dat was zóóveel, dat ze er niet toe kwam om naar bed te gaan, maar den heelen avond en nog een groot gedeelte van den nacht opbleef. Hoe meer ze aan haar broer dacht, hoe beter ze begreep, hoe moeilijk het voor haar zou zijn zonder hem te leven, en eindelijk legde zij het hoofd op de tafel, en schreide bitter. "Wat zal ik beginnen, nu ik kleine Mads niet meer heb," snikte zij. 't Was al laat in den nacht, en Asa had een vermoeienden dag gehad, zoodat het geen wonder was, dat ze in slaap viel, zoodra ze haar hoofd neerlegde. En 't was ook geen wonder, dat ze droomde, van dat, waar ze juist over had zitten denken. Ze droomde, dat kleine Mads springlevend bij haar in dekamer kwam. "Nu, Asa, nu moet je Vader gaan zoeken," zei hij. "Hoe kan ik dat doen, als ik heelemaal niet weet, waar hij is," antwoordde ze. "Wees daar maar niet ongerust over!" zei kleine Mads vlug en vroolijk, zooals gewoonlijk. "Ik zal je iemand sturen, die je helpen zal." Juist op dat oogenblik, toen Asa droomde, dat kleine Mads dat tegen haar zei, werd er op de deur van haar kamer geklopt. Dat was echt kloppen, geen droom. Maar ze was nog zóó vol van wat ze gedroomd had, dat ze niet uit elkaar kon houden, wat werkelijkheid en wat verbeelding was, en toen ze opstond om de deur open te doen, dacht ze: "Dat is zeker iemand, die Mads beloofd heeft me te sturen."<noinclude></noinclude> 7xndaqbd4phsuvyl825wpnrqavv7w0q Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/351 104 89026 226645 2026-09-11T20:59:36Z Ben the Bear09 16243 /* Proefgelezen */ 226645 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude> Als het nu zuster Helma, de pleegzuster, die in de buurt woonde, was geweest, of een ander gewoon mensch, die op den drempel stond, toen ze opendeed, zou Asa wel begrepen hebben, dat haar droom nu uit was. Maar dat was zoo niet. Er had niemand anders geklopt dan een dwergje, niet meer dan een handbreed groot. Hoewel het zoo laat in den nacht was, was het buiten even licht als overdag, en Asa zag dadelijk, dat het 't zelfde dwergje was, dat Mads en zij, een paar keer hadden ontmoet, terwijl ze door 't land zwierven. Toen was ze bang voor hem geweest, en dat zou ze nu ook geworden zijn, als ze goed wakker was geweest. Maar ze meende, dat ze nog altijd droomde, en daarom bleef ze kalm staan. "Ik dacht wel, dat hij het juist zou zijn, dien kleine Mads me sturen zou, om me te helpen Vader te vinden," dacht ze. En ze had gelijk. Want het dwergje kwam juist, om met haar over haar Vader te spreken. Toen hij zag, dat ze niet bang voor hem was, zei hij haar kort, waar haar Vader te vinden was, en hoe ze moest doen om bij hem te komen. Terwijl hij srpak, kwam Asa zoo langzamerhand tot haar volle bewustheid, en toen hij zweeg, was ze volkomen wakker. En toen schrikte ze er zóó van, dat ze daar stond te praten met iemand, die in een heel andere wereld thuishoorde, dan zij, dat ze hem niet kon danken of iets anders tegen hem zeggen, maar naar binnen vloog en de deur hard toesloeg. Ze meende te zien, dat de dwerg een heel bedroefde uitdrukking in zijn gezicht kreeg, toen ze dat deed, maar ze kon het niet laten. Ze was buiten zichzelf van schrik; ze kroop dadelijk in bed, en trok de dekens over de oogen. Maar hoewel ze zoo bang voor den dwerg was, begreep ze toch, dat hij het goed met haar meende, en den dag daarop deed ze gauw precies, wat hij had geraden. {{lijn|5em}} Aan den westelijken oever van Luossajaure, een meertje, dat veel mijlen ten noorden van den Malmberg lag, was een klein Lappenkamp. Ten zuiden van het meer verhief zich een geweldige berg, die Kirunavara heette en, zooals men zei, bijna uitsluitend uit ijzererts bestond. Ten noordoosten lag een andere berg, de Luossavara, die ook veel ijzererts bevatte. Tegen die bergen op begon men een spoorweg aan te leggen, van af Gellivare, en bij de Kirunavara werd een station gebouwd, een hôtel voor reizigers, en een massa woningen voor alle arbeiders en ingenieurs, die hier moesten wonen, als het ertsbreken goed aan den gang was. 't Was een heele stad met vroolijke, gezellige huisjes, die<noinclude></noinclude> 8o4tlmkm2pnoyuf8cdv3vgqzza5w94b Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/352 104 89027 226646 2026-09-11T21:06:25Z Ben the Bear09 16243 /* Proefgelezen */ 226646 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>gebouwd werd in een streek, zóó ver naar 't noorden gelegen, dat de kleine verschrompelde berkjes, die 't veld bedekten, hun bladen niet uit de knoppen konden krijgen voor midden in den zomer. Ten westen van het meer lag 't veld vrij en open, en daar hadden een paar Laplandsche families zich gevestigd. Zij waren daar een paar maanden {{SIC|gelegen|geleden}} gekomen, en hadden niet veel tijd noodig gehad, om hun woning in orde te maken. Ze hadden geen rotsen laten springen en niet gemetseld, om goeden en effen bouwgrond te krijgen. Ze hadden zich eerst maar een droge en prettige plaats bij 't meer uitgezocht, en toen hadden ze alleen een paar wilgestruiken weggehakt en een paar bosjes gras weggesneden, om hun bouwterrein in orde te maken. Ze hadden ook niet dagenlang getimmerd en hout gehakt, om flinke houten wanden op te trekken, ze hadden geen zorgen gehad, om 't dak te leggen en te dekken, of om balken en vensterkozijnen te maken, of om deuren en sloten in te zetten. Ze hadden alleen maar een paar tentstangen stevig in den grond te slaan en het tentzeil er over te hangen, om hun huis zoo goed als klaar te hebben. En ook hadden ze niet veel moeite genomen om hun huis in te richten of te meubileeren. 't Voornaamste was, dat ze wat dennetakken en een paar huiden op den grond spreidden, en de groote pan, waarin ze hun rendiervleesch plachten te koken, aan een ketting ophingen, die boven aan den top van de tentstangen werd vastgemaakt. De kolonisten aan den oostkant van 't meer, die zoo ijverig werkten om hun huizen klaar te krijgen vóór de strenge winter zou invallen, verbaasden zich over de Laplanders, die nu hier in 't hooge noorden al veel honderden jaren hadden rondgezworven, zonder er aan te denken, dat er beter bescherming tegen de kou en den storm noodig was dan dunne tentmuren. En de Laplanders verbaasden zich over de kolonisten, die zooveel zwaar werk deden, terwijl er toch niet meer noodig was dan een paar rendieren en een tent om te kunnen leven. Op een middag in Juli regende het ontzetten bij Luossajaure, en de Laplanders, die anders in den zomer niet veel binnen waren, kropen allemaal in een van de tenten, en gingen om het vuur zitten koffiedrinken. Terwijl de Laplanders druk aan 't praten waren onder de koffie, kwam er een roeiboot van den kant van Kiruna, en legde aan bij het Laplanderskamp. Uit de boet stapten een arbeider en een meisje tusschen de dertien en veertien jaar. De honden van de Laplanders vlogen hun tegemoet met luid en schel geblaf, en een van de Laplanders stak het hoofd buiten de tent om te zien, wat er gaande was. Hij was blij, toen hij den arbeider zag. 't Was een goede vriend van de Laplanders,<noinclude></noinclude> bhreutmjlcl2sud5fs0712wrhtrg763 Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/353 104 89028 226647 2026-09-11T21:13:43Z Ben the Bear09 16243 /* Proefgelezen */ 226647 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="3" user="Ben the Bear09" /></noinclude>een vriendelijk en spraakzaam man, die Lapsch kon spreken en de Laplander riep hem toe, dat hij in de tent moest kruipen. "Je komt als geroepen, Söderberg!" zei hij. "De koffiepot staat op 't vuur. Niemand kan wat uitvoeren in den regen. Kom binnen, en vertel ons wat nieuws." De arbeider kroop naar binnen, en met veel moeite en onder veel gelach werd er plaats gemaakt voor hem en het meisje in de kleine tent, die al tevoren vol menschen was. De man begon al gauw Lapsch met zijn gastheeren te praten. Het meisje, dat bij hem was, verstond niets van het gesprek. Ze zat stil en verwonderd naar alles om haar heen te zien; naar de pan en de koffietafel, naar 't vuur en den rook, naar de Laplandsche mannen en vrouwen, naar de kinderen en de honden, naar de wanden en den vloer, naar de koffiekoppen en de tabakspijpen, naar de bonte kleeren en uitgesneden werktuigen. 't Was alles nieuw voor haar. Niets was, zooals zij het gewend was. Op eens moest ze ophouden met rondkijken, en sloeg de oogen neer, want ze merkte, dat allen in de tent haar aankeken. Söderberg moest iets van haar verteld hebben, want nu namen de Laplandsche mannen ne vrouwen de korte pijp uit den mond, en keken naar de plaats, waar zij zat. De Laplander, die naast haar zat, klopte haar op den schouder, knikte en zei in 't Zweedsch: "Goed, goed." Een Laplandsche vrouw schonk een grooten kop koffie in, die haar met veel moeite werd toegereikt, en een Laplandsche jongen, die ongeveer even oud was als zij, kroop tusschen de anderen door, tot hij bij haar kwam. En daar lag hij haar maar aan te kijken. 't Meisje begreep, dat Söderberg aan de Laplanders vertelde, hoe ze een groote begrafenis had gehouden voor haar broer, kleine Mads; maar zij had liever gehad, dat hij niet zooveel over haar had gesproken, maar in plaats daarvan aan de Laplanders had gevraagd, of ze wisten, waar haar vader was. De dwerg had gezegd, dat hij bij de Laplanders moest wezen, die ten westen van Luossajaure hun kamp hadden opgeslagen, en ze had gevraagd of ze daarheen mocht rijden met een grindtrein (want gewone treinen liepen nog niet op die baan) om hem te zoeken. Allen, de arbeiders en de chef hadden haar zoo goed mogelijk geholpen, en een ingenieur van Kiruna had Söderberg, die Lapsch kon spreken, met haar over 't meer gestuurd om naar haar vader te vragen. Ze had gehoopt hem te ontmoeten, zoodra ze in 't kamp kwam. Ze had van den een naar den ander gekeken in de tent, maar allen waren 't Laplanders. Haar vader was daar niet. Ze zag, dat de Laplanders en Söderberg al ernstiger werden, hoe langer zij samen praatten, en dat de Laplanders het hoofd schudden en zich op 't voorhoofd klopten, alsof ze over iemand spraken,<noinclude></noinclude> t3uppw3zb4h9upb552zwxb1lv5j2jn5 Pagina:Lagerlof, Niels Holgersson's Wonderbare Reis (1917).pdf/354 104 89029 226648 2026-09-11T21:15:26Z Ben the Bear09 16243 /* Wikisource:Niet proefgelezen */ Nieuwe pagina aangemaakt met 'die niet bij zijn volle verstand was. Toen werd ze zoo ongerust, dat ze het niet langer kon uithouden, zoo stil te zitten wachten, maar Söderberg vroeg, wat de Laplanders van haar Vader wisten. "Ze zeggen, dat hij uit visschen is gegaan," zei de arbeider. "Ze weten niet, of hij nog van avond hier in 't kamp terug kan zijn, maar zoodra 't weer beter is, zal een van hen hem gaan zoeken." Daarop wendde hij zich weer tot de Laplande… 226648 proofread-page text/x-wiki <noinclude><pagequality level="1" user="Ben the Bear09" /></noinclude>die niet bij zijn volle verstand was. Toen werd ze zoo ongerust, dat ze het niet langer kon uithouden, zoo stil te zitten wachten, maar Söderberg vroeg, wat de Laplanders van haar Vader wisten. "Ze zeggen, dat hij uit visschen is gegaan," zei de arbeider. "Ze weten niet, of hij nog van avond hier in 't kamp terug kan zijn, maar zoodra 't weer beter is, zal een van hen hem gaan zoeken." Daarop wendde hij zich weer tot de Laplanders, en bleef druk met hen praten. Hij wilde niet, dat Asa gelegenheid zou hebben hem nog meer over Jon Assarsson te vragen. {{lijn|5em}}<noinclude></noinclude> bvf4m0hqhdvnnf140rql3u5gn0drdje Hoofdportaal:Geschiedenis/Frankrijk/Historische figuren/17e eeuw/Henri Duval 100 89030 226649 2026-09-12T08:25:14Z Vincent Steenberg 280 begin 226649 wikitext text/x-wiki {{Infobox thema | naam = Henri Duval | afbeelding = Arolsen Klebeband 02 409 1.jpg | alt = Henri Duval in 1619 | beschrijving = Bronnen bij de generaal in keizerlijke dienst [[w:Henri Duval, graaf van Dampierre|Henri Duval, graaf van Dampierre]] (1580-1620) }} *Anoniem ([30 november 1618]) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/30 november/VVt VVeenen, den 11. dito|‘VVt VVeenen, den 11. dito [= 11 november 1618]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'' (als ‘De Grave van Dampier’). *Anoniem (13 maart 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 maart (2)#art3al2|‘Den xix. Febr. wt Weenen 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘den Graeff van Tampier’). *Anoniem ([10] april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/april#art1al4|‘Wt Weenen xj. Meert 1620’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-8. *Anoniem (10 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/10 april#art2al3|‘Wt Weenen den xviij. Meert 1620’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;4-6. *Anoniem (28 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/28 april (2)#art1al2|‘Wt Weenen den eersten April 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. *Anoniem (2 mei 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/2 mei/VVt Praghe den 17. April|‘VVt Praghe den 17. April’, alinea 3 en 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘Dampier’). *Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (1)#art1|‘Gheschreuen wt weenen den viij. April’, alinea 1 en 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-5. *Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (2)#art1al11|‘Met seker tydinghe vvt VVeenen in Oosten-rijck, den 17 April 1620. van den grooten slach ende victorie die s’Keysers volck heeft vercreghen teghen de Rebellen van Bohemen den 12. April 1620. onder t’beleyt vanden Generaelen Graeff van Bucquoy’, alinea 11]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. ;Dampierre sluit zich aan bij het leger van Bucquoy *Anoniem (19 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/19 mei (1)#art1al7|‘Wt Weenen den xxij. April 1620’, alinea 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-6. ;Verovering van Gars am Kamp, 30 april 1620 *Anoniem (5 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/5 juni (1)#art1|‘Wt Weenen in Oostenrijck 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-5. ;Dampierre wordt verwond in een schermutseling, mei 1620 *Anoniem (12 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 juni#art1al6|‘Wt weenen in Oostenrijck’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-6. ;Legerkamp van Dampierre bij Gräfenwörth *Anoniem (16 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/16 juli (2)#art2al2|‘Wt Keysers legher van Heytersdorff den xvj. Junij’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7. ;Dampierre sluit zich aan bij het leger van Maximiliaan van Beieren *Anoniem (26 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/26 augustus#art1al12|‘Met Brieuen wt weenen van x. Augusti’, alinea 12]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. *Anoniem (28 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/28 augustus/VVt Weenen den 12 dito|‘VVt Weenen den 12 dito. [= 12 augustus 1620]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1] (als ‘de Grave van Dampir’). *Anoniem (12 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 september#art1al2|‘Wt Weenen 20. Augusti’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-8. ;Bezoek aan de keizer *Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art2al2|‘Extract vvt sekeren Brieff tot Lintz, gheschreuen den 28. deſer. [= 28 augustus 1620]’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6. ;De keizer stuurt Dampierre van 1000 man naar Wenen *Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (2)#art1al2|‘Tijdinghe vvt Praghe, van 1. September’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. ;Aanvan van Christiaan I van Anhalt-Bernburg op het legerkamp van Dampierre, 2 september 1620 *Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Praghe, den 7 dito|‘VVt Praghe, den 7 dito. [= 7 september 1620]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1] (als ‘Dampier’). ;Strijd tegen de opstandige Hongaren *Anoniem (2 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/2 oktober (1)#art2al4|‘VVt Presburgh den 7. September’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5. *Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt Weenen den 1 October|‘VVt Weenen den 1 October’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1]. *Anoniem ([ca. 23] oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 23 oktober#art1al6|‘Wt Weenen den 7. Octobris’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. ;Dampierre wordt met een groot leger naar Hongarije gestuurd *Anoniem (23 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 oktober (1)#art5|‘VVt Brussel 15, October’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-7. ;Aanval op Bratislava en dood van Dampierre, 8-9 oktober 1620 *Anoniem (6 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/6 november#art3|‘Wt Weenen in Oostenrijck’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-8. ;Gabriël Bethlen wil Dampierre in Bratislava begraven, november 1620 *Anoniem (20 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 november (2)#art1|‘Tijdinghe wt weenen in Oostenrijck xxviij. Oct. 1620’, alinea 3-4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. ;Begrafenis in de Minorietenkerk in Wenen, januari 1621 *Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 24#art2al8|‘Wt Weenen vanden 17. Ianuarij 1621’, alinea 8]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;4-6. [[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]] rdbggjl3jxzccnkqt928mqcl0ujcfi3 226651 226649 2026-09-12T08:44:37Z Vincent Steenberg 280 226651 wikitext text/x-wiki {{Infobox thema | naam = Henri Duval | afbeelding = Arolsen Klebeband 02 409 1.jpg | alt = Henri Duval in 1619 | beschrijving = Bronnen bij de generaal in keizerlijke dienst [[w:Henri Duval, graaf van Dampierre|Henri Duval, graaf van Dampierre]] (1580-1620) }} *Anoniem (13 maart 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 maart (2)#art3al2|‘Den xix. Febr. wt Weenen 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘den Graeff van Tampier’). *Anoniem ([10] april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/april#art1al4|‘Wt Weenen xj. Meert 1620’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-8. *Anoniem (10 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/10 april#art2al3|‘Wt Weenen den xviij. Meert 1620’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;4-6. *Anoniem (28 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/28 april (2)#art1al2|‘Wt Weenen den eersten April 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. *Anoniem (2 mei 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/2 mei/VVt Praghe den 17. April|‘VVt Praghe den 17. April’, alinea 3 en 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘Dampier’). *Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (1)#art1|‘Gheschreuen wt weenen den viij. April’, alinea 1 en 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-5. *Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (2)#art1al11|‘Met seker tydinghe vvt VVeenen in Oosten-rijck, den 17 April 1620. van den grooten slach ende victorie die s’Keysers volck heeft vercreghen teghen de Rebellen van Bohemen den 12. April 1620. onder t’beleyt vanden Generaelen Graeff van Bucquoy’, alinea 11]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. ;Dampierre weigert onder de graaf van Puchheim te dienen *Anoniem ([30 november 1618]) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/30 november/VVt VVeenen, den 11. dito|‘VVt VVeenen, den 11. dito [= 11 november 1618]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'' (als ‘De Grave van Dampier’). ;Dampierre sluit zich aan bij het leger van Bucquoy *Anoniem (19 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/19 mei (1)#art1al7|‘Wt Weenen den xxij. April 1620’, alinea 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-6. ;Verovering van Gars am Kamp, 30 april 1620 *Anoniem (5 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/5 juni (1)#art1|‘Wt Weenen in Oostenrijck 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-5. ;Dampierre wordt verwond in een schermutseling, mei 1620 *Anoniem (12 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 juni#art1al6|‘Wt weenen in Oostenrijck’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-6. ;Legerkamp van Dampierre bij Gräfenwörth *Anoniem (16 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/16 juli (2)#art2al2|‘Wt Keysers legher van Heytersdorff den xvj. Junij’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7. ;Dampierre sluit zich aan bij het leger van Maximiliaan van Beieren *Anoniem (26 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/26 augustus#art1al12|‘Met Brieuen wt weenen van x. Augusti’, alinea 12]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. *Anoniem (28 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/28 augustus/VVt Weenen den 12 dito|‘VVt Weenen den 12 dito. [= 12 augustus 1620]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1] (als ‘de Grave van Dampir’). *Anoniem (12 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 september#art1al2|‘Wt Weenen 20. Augusti’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-8. ;Bezoek aan de keizer *Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art2al2|‘Extract vvt sekeren Brieff tot Lintz, gheschreuen den 28. deſer. [= 28 augustus 1620]’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6. ;De keizer stuurt Dampierre met 1000 man naar Wenen *Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (2)#art1al2|‘Tijdinghe vvt Praghe, van 1. September’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. ;Aanval van Christiaan I van Anhalt-Bernburg op het legerkamp van Dampierre, 2 september 1620 *Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Praghe, den 7 dito|‘VVt Praghe, den 7 dito. [= 7 september 1620]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1] (als ‘Dampier’). ;Strijd tegen de opstandige Hongaren *Anoniem (2 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/2 oktober (1)#art2al4|‘VVt Presburgh den 7. September’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5. *Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt Weenen den 1 October|‘VVt Weenen den 1 October’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1]. *Anoniem ([ca. 23] oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 23 oktober#art1al6|‘Wt Weenen den 7. Octobris’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. ;Dampierre wordt met een groot leger naar Hongarije gestuurd *Anoniem (23 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 oktober (1)#art5|‘VVt Brussel 15, October’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-7. ;Aanval op Bratislava en dood van Dampierre, 8-9 oktober 1620 *Anoniem (6 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/6 november#art3|‘Wt Weenen in Oostenrijck’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-8. ;Gabriël Bethlen wil Dampierre in Bratislava begraven, november 1620 *Anoniem (20 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 november (2)#art1|‘Tijdinghe wt weenen in Oostenrijck xxviij. Oct. 1620’, alinea 3-4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. ;Begrafenis in de Minorietenkerk in Wenen, januari 1621 *Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 24#art2al8|‘Wt Weenen vanden 17. Ianuarij 1621’, alinea 8]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;4-6. [[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]] 6v5qvluj6lzgyogozot8gk01k34nm7r 226653 226651 2026-09-12T10:41:20Z Vincent Steenberg 280 +bronnen 226653 wikitext text/x-wiki {{Infobox thema | naam = Henri Duval | afbeelding = Arolsen Klebeband 02 409 1.jpg | alt = Henri Duval in 1619 | beschrijving = Bronnen bij de generaal in keizerlijke dienst [[w:Henri Duval, graaf van Dampierre|Henri Duval, graaf van Dampierre]] (1580-1620) }} == Inleidingen == *Janko, v. (1876) [[s:de:ADB:Duval Graf de Dampierre, Heinrich|"Dampierre: Heinrich Duval Graf von D."]], in: ''Allgemeine Deutsche Biographie'', Leipzig: Verlag von Duncker & Humblot, deel 4, p.&nbsp;719-720. *Malý, Jakub (1877) [[s:cz:Vlastenský slovník historický/Dampierre|"Dampierre, Jindřich Duval hrabě"]], in: ''Vlastenský slovník historický'', Praha: Rohlíček & Sievers, p.&nbsp;78. == Bijzondere onderwerpen == ;Dampierre weigert onder de graaf van Puchheim te dienen *Anoniem ([30 november 1618]) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1618/30 november/VVt VVeenen, den 11. dito|‘VVt VVeenen, den 11. dito [= 11 november 1618]’, alinea 2]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'' (als ‘De Grave van Dampier’). ;Dampierre als aanvoerder van een kozakkenleger *Anoniem (13 maart 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/13 maart (2)#art3al2|‘Den xix. Febr. wt Weenen 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7 (vermeld als ‘den Graeff van Tampier’). *Anoniem ([10] april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/april#art1al4|‘Wt Weenen xj. Meert 1620’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-8. *Anoniem (10 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/10 april#art2al3|‘Wt Weenen den xviij. Meert 1620’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;4-6. *Anoniem (2 mei 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/2 mei/VVt Praghe den 17. April|‘VVt Praghe den 17. April’, alinea 5]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘Dampier’). *Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (1)#art1al4|‘Gheschreuen wt weenen den viij. April’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-5. ;Dampierre vervangt sergeant Mayot *Anoniem (28 april 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/28 april (2)#art1al2|‘Wt Weenen den eersten April 1620’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. ;Dampierre wordt naar Moravië gestuurd *Anoniem (2 mei 1620) [[Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren/1620/2 mei/VVt Praghe den 17. April|‘VVt Praghe den 17. April’, alinea 3]], [''Tijdinghe uyt verscheyde Quartieren''], [p.&nbsp;1] (als ‘Dampier’). *Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (1)#art1|‘Gheschreuen wt weenen den viij. April’, alinea 3]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-5. ;Slag bij Sitzendorf, 13 april 1620 *Anoniem (8 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/8 mei (2)#art1al11|‘Met seker tydinghe vvt VVeenen in Oosten-rijck, den 17 April 1620. van den grooten slach ende victorie die s’Keysers volck heeft vercreghen teghen de Rebellen van Bohemen den 12. April 1620. onder t’beleyt vanden Generaelen Graeff van Bucquoy’, alinea 11]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. ;Dampierre sluit zich aan bij het leger van Bucquoy *Anoniem (19 mei 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/19 mei (1)#art1al7|‘Wt Weenen den xxij. April 1620’, alinea 7]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-6. ;Verovering van Gars am Kamp, 30 april 1620 *Anoniem (5 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/5 juni (1)#art1|‘Wt Weenen in Oostenrijck 1620’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-5. ;Dampierre wordt verwond in een schermutseling, mei 1620 *Anoniem (12 juni 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 juni#art1al6|‘Wt weenen in Oostenrijck’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-6. ;Legerkamp van Dampierre bij Gräfenwörth *Anoniem (16 juli 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/16 juli (2)#art2al2|‘Wt Keysers legher van Heytersdorff den xvj. Junij’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-7. ;Dampierre sluit zich aan bij het leger van Maximiliaan van Beieren *Anoniem (26 augustus 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/26 augustus#art1al12|‘Met Brieuen wt weenen van x. Augusti’, alinea 12]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. *Anoniem (28 augustus 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/28 augustus/VVt Weenen den 12 dito|‘VVt Weenen den 12 dito. [= 12 augustus 1620]’]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1] (als ‘de Grave van Dampir’). *Anoniem (12 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/12 september#art1al2|‘Wt Weenen 20. Augusti’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-8. ;Bezoek aan de keizer *Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (1)#art2al2|‘Extract vvt sekeren Brieff tot Lintz, gheschreuen den 28. deſer. [= 28 augustus 1620]’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5-6. ;De keizer stuurt Dampierre met 1000 man naar Wenen *Anoniem (23 september 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 september (2)#art1al2|‘Tijdinghe vvt Praghe, van 1. September’, alinea 2]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. ;Aanval van Christiaan I van Anhalt-Bernburg op het legerkamp van Dampierre, 2 september 1620 *Anoniem (18 september 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/18 september/VVt Praghe, den 7 dito|‘VVt Praghe, den 7 dito. [= 7 september 1620]’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1] (als ‘Dampier’). ;Strijd tegen de opstandige Hongaren *Anoniem (2 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/2 oktober (1)#art2al4|‘VVt Presburgh den 7. September’, alinea 4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;5. *Anoniem (17 oktober 1620) [[Courante uyt Italien, Duytslandt, &c./1620/17 oktober/VVt Weenen den 1 October|‘VVt Weenen den 1 October’, alinea 3]], ''Courante uyt Italien, Duytslandt, &c.'', [p.&nbsp;1]. *Anoniem ([ca. 23] oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/ca. 23 oktober#art1al6|‘Wt Weenen den 7. Octobris’, alinea 6]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-7. ;Dampierre wordt met een groot leger naar Hongarije gestuurd *Anoniem (23 oktober 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/23 oktober (1)#art5|‘VVt Brussel 15, October’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-7. ;Aanval op Bratislava en dood van Dampierre, 8-9 oktober 1620 *Anoniem (6 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/6 november#art3|‘Wt Weenen in Oostenrijck’]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;6-8. ;Gabriël Bethlen wil Dampierre in Bratislava begraven, november 1620 *Anoniem (20 november 1620) [[Nieuwe Tijdinghen/1620/20 november (2)#art1|‘Tijdinghe wt weenen in Oostenrijck xxviij. Oct. 1620’, alinea 3-4]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;3-4. ;Begrafenis in de Minorietenkerk in Wenen, januari 1621 *Anoniem (26 februari 1621) [[Nieuwe Tijdinghen/1621/nummer 24#art2al8|‘Wt Weenen vanden 17. Ianuarij 1621’, alinea 8]], [''Nieuwe Tijdinghen''], p.&nbsp;4-6. [[Categorie:Wikisource:Hoofdportaal geschiedenis]] 3ozaezaninh0qlg8r1w9k4x1p5os1rr